RTL Nieuws snapt niet hoe het werkt met kleine scholen

RTL Nieuws meldt dat ruim 900 kleine scholen op den duur dicht zouden moeten. De redactie van de commerciële nieuwszender houdt bij deze constatering geen rekening met de gemiddelde schoolgrootte binnen schoolbesturen.

Volgens RTL Nieuws hebben honderden basisscholen in Nederland te weinig leerlingen en dreigt voor deze scholen sluiting. Dat aantal baseert de redactie in Hilversum op een eigen analyse. Op de website van RTL Nieuws staat een lijst met daarop ruim 900 scholen die te klein zouden zijn.

Het blijkt echter dat op die lijst ook scholen staan die niet te weinig leerlingen hebben als rekening wordt gehouden met de gemiddelde schoolgrootte binnen een schoolbestuur. Het is niet zo snel te bepalen hoeveel scholen ten onrechte op de lijst van RTL Nieuws staan, maar feit is dat de lijst niet de werkelijkheid weergeeft.

Kleine scholen hoeven niet dicht

Een voorbeeld dat illustreert dat de lijst van RTL Nieuws niet klopt: twee basisscholen van STIP Hilversum voor openbaar basisonderwijs zouden te klein zijn om open te kunnen blijven. Ze staan als zodanig op de lijst vermeld. Het gaat om de Dr. ir. C. Lelyschool en de Sterrenschool.

Deze scholen zitten weliswaar onder de opheffingsnorm van 169 leerlingen die voor de gemeente Hilversum geldt, maar aan de hand van de gemiddelde schoolgrootte van ruim 360 leerlingen binnen STIP Hilversum kunnen deze scholen gewoon openblijven.

Bestuursvoorzitter Geert Looyschelder van STIP Hilversum benadrukt dat deze scholen niet alleen gewoon open kunnen blijven, maar ook onderwijs kunnen blijven bieden dat van goede kwaliteit is. In de berichtgeving van RTL Nieuws wordt een verband gesuggereerd tussen de geringe omvang van scholen en slecht onderwijs.

Gemiddelde schoolgrootte

Een school die qua leerlingenaantal onder de opheffingsnorm zit, kan voor bekostiging in aanmerking blijven komen als de gemiddelde schoolgrootte van alle scholen van een bestuur ten minste 10/6 keer (het gewogen gemiddelde van) de opheffingsnorm(en) bedraagt van de gemeente(n) waarin een bestuur scholen heeft. Dit geldt tot de ondergrens van 23 leerlingen.

Krimp duurt nog jaren, vooral in voortgezet onderwijs

Het aantal leerlingen in het primair onderwijs blijft zeker tot en met het schooljaar 2024-2025 dalen. In het voortgezet onderwijs zal sprake zijn van krimp tot en met 2031-2032. Dat blijkt uit de referentieraming OCW 2018.

Het primair onderwijs heeft na de piek van ruim 1.663.000 leerlingen in het schooljaar 2008-2009 te maken met een daling van het aantal leerlingen. In het huidige schooljaar zijn het er ruim 1.505.000. Er blijft sprake van krimp tot en met het schooljaar 2024-2025. Het aantal leerlingen zal dan waarschijnlijk ruim 1.444.000 bedragen. Daarna zal naar verwachting weer sprake zijn van groei.

Het voortgezet onderwijs heeft na de piek in 2016-2017 van ruim 1.002.000 leerlingen sinds vorig schooljaar te maken met krimp. In het huidige schooljaar telt het voortgezet onderwijs ruim 976.000 leerlingen. In 2031-2032 zal dat zijn afgenomen tot ruim 878.000. Daarna neemt het aantal leerlingen waarschijnlijk weer toe.

Kabinet zet in op goed onderwijs voor iedereen

Het kabinet investeert in ‘goed toegankelijk onderwijs voor iedereen’, omdat dat ‘cruciaal is voor de toekomst van de Nederlandse kennissamenleving’. Dat staat in de begrotingsstukken van het ministerie van OCW, die op Prinsjesdag zijn gepubliceerd.

Het kabinet schrijft in de begrotingsstukken dat de samenleving veel verwacht van het onderwijs, maar ook dat het beseft dat scholen niet alle maatschappelijke problemen kunnen oplossen. De primaire taak van het onderwijs is, aldus het kabinet, ‘kinderen en jongeren tot bloei te laten komen en voor te bereiden op de verantwoordelijkheden die ze in de toekomst zullen dragen’.

Daarbij hoort nadrukkelijk ‘goed toegankelijk onderwijs (…) waarin ieder kind tot zijn recht komt en zijn gaven en talenten kan ontwikkelen’. Daarom zegt het kabinet in te zetten ‘op gelijke onderwijskansen’, waarbij het vijf punten noemt:

  • Vroeg- en voorschoolse educatie: het aantal uren voorschoolse educatie aan kinderen die risico lopen op onderwijsachterstanden kan worden uitgebreid van 10 naar 16 uur per week en de kwaliteit kan worden verhoogd door inzet van hbo’ers.
  • Onderwijsachterstandenbeleid: het budget voor onderwijsachterstanden wordt ‘beter over het land’ verdeeld. Er gaat minder onderwijsachterstandengeld naar de grote gemeenten en meer naar kleine gemeenten.
  • Talentontwikkeling: in 2019 komt er in het kader van passend onderwijs subsidie voor onderwijs aan hoogbegaafde kinderen.
  • Kansengelijkheid: het aantal lokale allianties om kansengelijkheid te bevorderen wordt uitgebreid. Hierin zitten onder andere schoolbesturen.
  • Curriculumherziening primair en voortgezet onderwijs: in 2019 wordt de ontwikkelfase afgerond, gevolgd door politieke besluitvorming.

Het kabinet meldt verder dat het extra investeert in de versoepeling van de overgang van het primair naar het voortgezet onderwijs. Daarbij worden de doorgaande leerlijn en de zogenoemde 10-14-scholen genoemd, voor kinderen van 10 tot en met 14 jaar.

Over passend onderwijs merkt het kabinet op, dat het eigenaarschap daarvan moet worden ‘gevoeld door leraren en scholen’ en dat het geld hiervoor ‘echt in de klas’ terecht moet komen. Ouders krijgen ondersteuning in het gesprek met scholen, er komt onafhankelijk toezicht op de samenwerkingsverbanden en de combinatie van onderwijs en (zware) zorg wordt gemakkelijker.

Leraren

Goede en sterke leraren zijn onmisbaar voor goed onderwijs en dat is ‘de reden dat dit kabinet zoveel in hen investeert’, zo staat in de begroting. Het kabinet noemt in dit kader ook ‘het harde werk van dienstbare bestuurders, schoolleiders,  onderwijsondersteuners en conciërges’.

Het lerarentekort is, zo staat in de stukken, ‘een grote uitdaging’ die al tot veel actie heeft geleid om het tegen te gaan. ‘Dat doen we samen met werkgevers, vakbonden, lerarenopleidingen, gemeenten, transfercentra en vele anderen.’ Als voorbeelden van acties die al worden ondernomen, noemt het kabinet het verhogen van de in-, door- en uitstroom van de lerarenopleidingen, het bevorderen van zij-instroom, het behouden van leraren en het activeren van stille reserve.

Ook worden ‘het verbeteren van de beloning en het carrièreperspectief’ genoemd, waarbij het kabinet ingaat op de salarisverhoging in het primair onderwijs en het geld voor de verlaging van de werkdruk in het onderwijs. ‘Daardoor wordt het beroep van leraar aantrekkelijker’, aldus het kabinet.

Ga naar de OCW-begroting 2019

Later deze week komt VOS/ABB met een grondige analyse van de cijfers in het OCW-begroting 2019. Deze analyse wordt gemaakt door onze financieel experts Ronald Bloemers en Ron van der Raaij.

Transitievergoeding bij gedwongen minder uren

Werknemers die om gezondheidsredenen minder uren moeten gaan werken, hebben recht op een gedeeltelijke transitievergoeding. Dat heeft de Hoge Raad bepaald.

De zaak waarin de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan, gaat over een docente die deels was afgekeurd door het UWV. Zij en haar werknemer maakten afspraken over een vermindering van de betrekkingsomvang. Deze afspraken werden bevestigd met een akte van ontslag en een hernieuwde akte van benoeming.

De Algemene Onderwijsbond (AOb) die de procedure bij de Hoge Raad had aangespannen, betoogde dat sprake was van opzegging op initiatief van de werkgever en dat er derhalve een transitievergoeding verschuldigd zou zijn. Het schoolbestuur betoogde dat er slechts sprake was van een vermindering van de betrekkingsomvang, waarvoor geen transitievergoeding verschuldigd was.

Gedeeltelijke transitievergoeding

De Hoge Raad stelt nu dat de voortzetting van de arbeidsovereenkomst in verminderde omvang feitelijk neerkomt op gedeeltelijke beëindiging van die overeenkomst. Hoewel de wet daarin niet voorziet, ziet de Hoge Raad aanleiding een gedeeltelijke transitievergoeding toe te kennen. Daarbij acht de raad het van belang dat er sprake is van een bijzondere omstandigheid, namelijk ziekte, die maakte dat de docente gedwongen werd haar arbeidsduur te verminderen.

De Hoge Raad geeft richtlijnen mee voor situaties waarin recht bestaat op een (gedeeltelijke) transitievergoeding. In die gevallen kan worden gesproken van een gedeeltelijke beëindiging van de arbeidsovereenkomst, ongeacht de vraag of in het gegeven geval de vermindering van de arbeidsduur heeft plaatsgevonden in de vorm van:

  • een gedeeltelijke beëindiging;
  • een algeheel ontslag gevolgd door een nieuwe, aangepaste  arbeidsovereenkomst;
  • een aanpassing van de arbeidsovereenkomst.

De Hoge Raad voegt hieraan de voorwaarde toe dat de arbeidsduur met ten minste 20 procent moet zijn verminderd.

De gedeeltelijke transitievergoeding dient berekend te worden naar evenredigheid van de vermindering van de arbeidstijd en uitgaande van het loon waarop voorheen aanspraak bestond.

Let op: de uitspraak van de Hoge Raad heeft betrekking op het reguliere arbeidsrecht. Dit betekent dat de uitspraak (nog) geen betrekking heeft op de arbeidsrechtelijke positie van ambtenaren en daarmee dus niet op werknemers in het openbaar onderwijs. Dat verandert met de Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (WNRA).

Ga naar de uitspraak van de Hoge Raad.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Regioplannen indienen voor technisch vmbo

De regeling voor de transitie van het technisch vmbo is gepubliceerd. De regeling geeft meer duidelijkheid over fase 2, waarin scholen regionale plannen moeten indienen.

Fase 2 is de transitiefase, die in 2020 begint en waarvoor schoolbesturen al dit najaar actie moeten ondernemen. Ze moeten regionale plannen gaan maken.

Deze plannen moeten worden opgesteld door minimaal twee scholen met technisch vmbo, een mbo-instelling en het bedrijfsleven in de regio. Daarbij geldt de eis dat het bedrijfsleven voor minimaal 10 procent hieraan een bijdrage levert, in geld of natura.

De plannen moeten een visie bevatten, gebaseerd op een analyse van de regionale arbeidsmarkt en een prognoses van de leerlingenaantallen. Ook moet er een plan van aanpak worden opgesteld alsmede een begroting.

De vooraanmelding van dergelijke plannen dient vóór 1 november 2018 te geschieden. De plannen moet vóór 1 april 2019 zijn ingediend. De uitvoering ervan staat gepland voor het schooljaar 2019-2020.

Lees meer…

Nooit uitsluiting op basis van ouderbijdrage!

VOS/ABB is positief over het initiatief van SP en GroenLinks in de Tweede Kamer om een wetsvoorstel in te dienen dat uitsluiting van leerlingen op grond van het niet betalen van de vrijwillige ouderbijdrage onmogelijk moet maken.

‘Goed onderwijs dient voor álle kinderen toegankelijk te zijn en dat betekent het hele aanbod van de school, ook de extracurriculaire onderdelen’, zo staat in een reactie van VOS/ABB op het initiatief van de Tweede Kamerlid Peter Kwint van de SP en zijn collega Lisa Westerveld van  GroenLinks. In de reactie staat ook dat de vrijwillige ouderbijdrage te vaak op incorrecte wijze wordt gebruikt en dat de Inspectie van het Onderwijs nu niet de mogelijkheden heeft hierop te handhaven.

VOS/ABB vindt dat als een activiteit, zoals een schoolreis, niet een-op-een binnen een kerndoel te vatten is, dit niet impliceert dat er geen sprake is van een onderwijsactiviteit. ‘De activiteiten vinden plaats met een sociaal doel en vallen binnen het pedagogische karakter van het onderwijs. Het zijn dan ook onderwijsactiviteiten. Hetzelfde geldt voor de bijlessen door de school of door leraren van de school.’

Ouderbijdrage is vrijwillig

In de onderwijswetten is nadrukkelijk vastgelegd dat de ouderbijdrage vrijwillig is. Daarom past het volgens VOS/ABB niet dat het onderwijsaanbod wordt afgestemd op betaalgedrag van ouders.

Tevens wordt in de reactie op het initiatief van SP en GroenLinks het karakter van het openbaar onderwijs benoemd. De algemene toegankelijkheid brengt met zich mee dat de financiële draagkracht van ouders niet bepalend mag zijn voor het wel of niet deelnemen aan schoolactiviteiten.

Bijeenkomsten over nieuwe aanbesteding energie

Ons succesvolle inkoopcollectief Energie Voor Scholen biedt u de mogelijkheid mee te doen met de nieuwe Europese aanbesteding voor de periode 2021 tot en met 2025. In november zijn hierover informatiebijeenkomsten in Zwolle, Rotterdam en Vianen.

Wat kunt u op deze (gratis) informatiebijeenkomsten verwachten?

  • Informatie over Europese aanbesteding 2021 t/m 2025.
  • Wie en wat is Energie Voor Scholen en waarom doet u mee?
  • Wat betekent de energietransitie voor scholen?
  • Kennismaking met andere deelnemers aan Energie Voor Scholen.
  • Volop gelegenheid tot het stellen van vragen.

De bijeenkomsten zijn interessant voor directeuren, facilitair managers, inkopers en andere functionarissen van schoolbesturen die zich bezighouden met energiezaken.

De bijeenkomsten van 13.00 tot 15.30 uur zijn op de volgende data en locaties:

U kunt zich online aanmelden.

Meer weten over energie voor Scholen? Download de flyer en bekijk dit filmpje:

Contact met Energie Voor Scholen: Karin Michgels, 06-23690288, michgels@hellemansconsultancy.nl

Duizenden stakende leraren in Rotterdam

Duizenden leraren zijn woensdag voor de estafettestaking in het primair onderwijs in Zuid-Holland en Zeeland naar Rotterdam gekomen om duidelijk te maken dat ze meer geld en minder werkdruk willen.

De organiserende vakbonden die samen met de PO-Raad in het PO Front zitten, maakten melding van 10.000 stakende leraren. Eerder zei de Algemene Onderwijsbond (AOb) ‘enkele duizenden’ stakers te verwachten. Ze trokken van de Kop van Zuid in Rotterdam over de Erasmusbrug naar Het Park bij de Euromast.

Het was de zesde regionale estafettestaking in het primair onderwijs. De protesterende leraren zijn niet tevreden met de 430 miljoen euro van het kabinet voor de aanpak van de werkdruk en de 270 miljoen euro voor hogere salarissen. Ze eisen het dubbele, maar onderwijsminister Arie Slob heeft herhaaldelijk gezegd dat dat er niet van komt.

Schoolleiders slaan alarm

Schoolleiders in het primair onderwijs voerden ook actie voor meer geld. Zij gebruikten daarvoor het brandalarm in hun school en voerden een ontruimingsoefening uit om te laten zien dat de scholen leeg raken als er niet meer geld beschikbaar komt.

Schoolleiders zijn ontevreden over de nieuwe CAO PO, omdat daarin is vastgelegd dat sommige leraren nu meer verdienen dan directeuren.

Cao-partners kozen voor verschil in salarisverhoging

Het maken van cao-afspraken is een zaak van de sociale partners, zonder dat de overheid daarbij betrokken is. Dat benadrukt onderwijsminister Arie Slob in reactie op Kamervragen over het feit dat onderwijsondersteunend personeel in het primair onderwijs minder salarisverhoging krijgt dan leraren.

PvdA-Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul wilde van de minister weten hoe hij aankijkt tegen het feit dat leerkrachten in het basisonderwijs er gemiddeld 8,5 procent op vooruitgaan en een bonus krijgen van bijna een half maandsalaris, terwijl onderwijsondersteunend personeel er maar 2,5 procent bij krijgt.

In zijn reactie benadrukt de minister op dat niet de overheid, maar de sociale partners, in casu de PO-Raad en de vakbonden, verantwoordelijk zijn voor de afspraken in de nieuwe CAO PO. Ook merkt hij in dit kader op, dat de vakbonden niet alleen de belangen van leraren, maar ook die van andere personeelsleden, zoals conciërges en klassenassistenten, vertegenwoordigen.

Lees meer…

Overzicht HRM-gerelateerde subsidies geactualiseerd

Onze HRM-specialist Ivo Israel heeft het online overzicht van HRM-gerelateerde subsidies geactualiseerd.

De subsidies die in het overzicht staan, hebben allemaal direct of indirect betrekking op human resource management (HRM). Als u subsidiemogelijkheden kent die niet in het overzicht worden genoemd, kunt u die aan Ivo Israel doorgeven via iisrael@vosabb.nl.

Ga naar het overzicht

Het staat leraren vrij te kiezen voor dure uitzendbureaus

‘Het staat leraren vrij een werkgever te kiezen’, stelt onderwijsminister Arie Slob in reactie op berichten dat een deel van de leraren ervoor kiest om te gaan werken voor dure uitzendbureaus.

Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul van de PvdA had vragen gesteld over deze ontwikkeling. Zij wilde van Slob weten of hij ‘de ontwikkeling dat zulke bureaus leerkrachten hogere salarissen en bijvoorbeeld een auto beloven’ als een verschijnsel ziet ‘dat nu eenmaal hoort bij het alledaagse kapitalisme’.

De minister laat in zijn reactie weten dit ‘geen wenselijke ontwikkeling’ te vinden, maar hij benadrukt ook dat leraren zelf hun werkgever kunnen kiezen. ‘In deze tijd waarin we te maken hebben met een lerarentekort, hebben leraren meer te kiezen’, aldus Slob.

Tevens wijst hij erop dat het werven van personeel een zaak is van de schoolbesturen. ‘Dat geldt ook voor de inhuur van personeel via bureaus en de tarieven daarvan’, zo schrijft hij.

Lees meer…

Met meer onderwijsassistenten werkdruk verminderen

Om de werkdruk aan te pakken, willen schoolteams vooral meer onderwijsassistenten en (vak)leerkrachten. Dat blijkt uit een peiling onder schoolbestuurders.

Bijna negen op de tien schoolbestuurders die aan de peiling meewerkten, geven aan dat de gesprekken in de schoolteams over de inzet van het extra geld van het kabinet voor het verminderen van de werkdruk, hebben geleid tot vacatures voor met name onderwijsassistenten en (vak)leerkrachten.

Vacatures invullen

Twee op de drie bestuurders geven aan dat ze (naar verwachting) alle vacatures ingevuld krijgen. Bijna een op de vijf denkt dat dat niet gaat lukken.

Acht op de tien schoolbestuurders denken dat met de inzet het extra geld van het kabinet de werkdruk daadwerkelijk zal verminderen, terwijl één op de zes denkt dat de werkdruk niet omlaag zal gaan.

Voor de peiling in opdracht van de PO-Raad werden ruim 800 schoolbestuurders benaderd, van wie er ruim 300 reageerden.

Wat zijn de ontwikkelingen in onderwijshuisvesting?

Wij organiseren dit najaar met onze huisvestingspartner HEVO bijeenkomsten over actualiteiten en ontwikkelingen op het gebied van onderwijshuisvesting: op 7 november in Woerden en op 9 november in Drachten.

De volgende onderwerpen zullen (in elk geval) aan bod komen:

  1. Huisvestingsvoorstel PO-Raad, VO-raad en VNG
    * Stand van zaken.
    * Integraal huisvestingsplan met looptijd van minimaal 16 jaar.
    * Renovatie of levensduurverlenging met minimaal 25 jaar?
    * Verruiming investeringsverbod: wat betekent dit voor u?
  2. Ontwikkeling bouwkosten
    * De bouwkosten schieten omhoog. Wat nu?
    * Vooruitblik op nieuwe kostenconfiguratoren nieuwbouw en vernieuwbouw.
  3. Renovatie-vernieuwbouw en schoolbestuurlijke verduurzaming
    Er is een pro-actieve houding nodig om voor vernieuwbouw als voorziening in aanmerking te kunnen komen!
  4. Hoofdlijnen medegebruik versus verhuur
    Op grond van veelgestelde vragen en uitleg van de Onderwijsjuristen van VOS/ABB.
  5. Beheer en exploitatie integrale kindcentra (IKC’s)
    Vereniging van eigenaren of verhuur/medegebruik van niet-schoolruimten?
  6. Actualiteiten en vragenronde

Wanneer en waar?

Er is op beide locaties een ochtend- en een middagbijeenkomst.

  • De ochtendbijeenkomsten van 09.00 tot 12.00 uur richten zich op het primair en (voortgezet) speciaal onderwijs (na afloop lunch).
  • De middagbijeenkomsten van 13.30 tot 16.00 uur richten zich op het voortgezet onderwijs (na afloop drankje).

VOS/ABB organiseert deze bijeenkomsten in samenwerking met de senior-adviseurs Hans Heijltjes en Michel Drenth van huisvestingspartner HEVO.

Aanmelden

U kunt zich voor een van de gratis bijeenkomsten aanmelden via welkom@vosabb.nl. Vermeld in uw mail uw naam, de organisatie waarvoor u werkt, uw telefoonnummer en de ochtend- of middagbijeenkomst van uw keuze. Vermeld ook of u gebruik wilt maken van de lunch (na een ochtendbijeenkomst) of de borrel (na een middagbijeenkomst).

Deelname is gratis voor leden van VOS/ABB. Niet-leden betalen 100 euro per persoon (btw-vrij).

AOb verwacht enkele duizenden stakers in Rotterdam

De Algemene Onderwijsbond (AOb) verwacht dat er op 12 september enkele duizenden stakende leraren naar Rotterdam komen, meldt RTV Rijnmond.

Op 12 september is de volgende estafettestaking in het primair onderwijs. Er wordt dan gestaakt in de provincies Zuid-Holland en Zeeland. Eerder waren er stakingen in andere regio’s van het land.

De estafettestaking is een initiatief van PO Front, waarin de PO-Raad en de onderwijsvakbonden met elkaar samenwerken om meer geld van het kabinet te krijgen voor hogere salarissen.

Onderwijsminister Arie Slob blijft tot nu toe zeggen dat er geen extra geld komt, bovenop de bedragen van 270 miljoen euro voor minder werkdruk en 450 miljoen euro voor hogere salarissen waarmee het kabinet afgelopen schooljaar kwam.

Volgens het kabinet is de totale loonstijging voor een basisschoolleraar gemiddeld 8,5 procent, wat neerkomt op circa 3100 euro bruto per jaar.

PO in Actie wil opstand van hele (semi)publieke sector

Onderwijsvakbond PO in Actie wil dat de hele (semi)publieke sector in opstand komt tegen bezuinigingen en bureaucratie. De voormannen Thijs Roovers en Jan van de Ven roepen in een open brief op tot een landelijke protestactie op 2 oktober in Den Haag.

Zij stellen dat dat niet alleen het primair onderwijs, maar ‘de publieke sector piept en kraakt’. Dat komt volgens Roovers en Van de Ven doordat het kabinet in de afgelopen jaren 60 miljard euro heeft bezuinigd.

Dit heeft ertoe geleid, zo schrijven ze, dat de personeelstekorten oplopen. Bovendien zorgen doorgeslagen regeldruk en administratieve rompslomp volgens hen tot ‘toenemende werkdruk in álle publieke sectoren’. De mensen die daarin werken worden volgens Roovers en Van de Ven ‘stelselmatig genegeerd’.

De protestactie op 2 oktober in Den Haag waartoe zij oproepen, plaatsen ze in het kader van het debat over het afschaffen van de dividendbelasting. Ze noemen deze maatregel van het kabinet, die naar schatting 2 miljard euro per jaar kost, ‘een peperdure schandvlek’.

Lees de open brief

Toolbox: Kijkdozen 2017-2018 geactualiseerd

Nu de definitieve bedragen voor de personele bekostiging 2017-2018 zijn gepubliceerd, zijn de bedragen in de Kijkdozen voor samenwerkingsverbanden primair en voortgezet onderwijs en voor (voortgezet) speciaal onderwijs geactualiseerd. Ze zijn in de map Samenwerkingsverbanden van onze online Toolbox geplaatst.

In de Kijkdozen is een stevige verhoging verwerkt, doordat de indexering van de gemiddelde personeelslast (GPL) meer dan 5 procent bedraagt. Omdat het gaat om definitieve bedragen, kan de overdrachtsverplichting nu volledig worden afgerekend.

U kunt de aangepaste Kijkdozen downloaden:

De Tweede Regeling bekostiging personeel 2018-2019 zal zeer binnenkort verschijnen. Ook daarin is sprake van een stevige verhoging van de GPL (zo’n 3 procent). Dit zal worden verwerkt in de Kijkdozen 2018-2019.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Kritische reacties op idee voor hoger uurloon vanaf wtf 0,8

Het idee van HRM-adviseur Willem Duifhuis om leraren een hoger uurloon te geven als ze meer gaan werken, maakt op Twitter kritische reacties los. 

Duifhuis is HRM’er bij Stichting Proo in Harderwijk voor openbaar primair onderwijs op de Noord-Veluwe, maar hij schreef zijn pleidooi voor een hoger uurloon voor leraren die meer gaan werken op persoonlijke titel.

Hij stelt voor om het hogere uurloon te laten gelden vanaf een werktijdfactor van 0,8. ‘Deze prikkel zal een deel van de deeltijdleerkrachten ertoe aanzetten om meer te gaan werken’, aldus Duifhuis. Als alle deeltijders één dag in de week meer gaan werken, is het lerarentekort opgelost.

Bovendien zou het onderwijs zo ook aantrekkelijker worden voor meer jongeren, en met name mannen. ‘Die gaan niet alleen voor de passie, maar kijken ook naar de pecunia.’ Een afname van het aantal kleine deeltijders heeft volgens hem ook andere voordelen, zoals minder overdrachtsmomenten en een kostenbesparing.

Op Twitter maakt zijn pleidooi kritische reacties los.

Op bovenstaande tweet kwam deze reactie:

Nieuwe kloof creëren?

Ook wordt door een leraar de vraag gesteld of Duifhuis ‘een nieuwe kloof’ wil creëren, namelijk een kloof tussen fulltimers en parttimers in het onderwijs.

Daaraan wordt toegevoegd dat er ook hybride docenten zijn, dat wil zeggen mensen die naast hun baan buiten het onderwijs in deeltijd voor de klas staan.

Een ander noemt het pleidooi van Duifhuis ‘jammer’.

Een oud-leraar, die nu freelance journalist is, postte ook een kritische reactie:

De enige consequentie ervan zou volgens hem zijn dat ‘het ziekteverzuim in het po nog verder toeneemt’.

Vakbond PO in Actie twitterde dat het idee van Duifhuis onuitvoerbaar is:

Onderzoek naar hygiëne: Juf, de wc is vies!

De hygiëne laat in veel scholen veel te wensen over. Dat stelt het hygiëne- en gezondheidsbedrijf Essity. De PO-Raad herkent het probleem, maar benadrukt dat er te weinig geld is voor de materiële instandhouding en dat er dus keuzes moeten worden gemaakt.

Uit onderzoek in opdracht van Essity komt naar voren dat bijna zeven op de tien leraren klachten van leerlingen krijgen over de hygiëne op school. De helft wordt hier ook op aangesproken door de ouders. De meeste klachten gaan over stank en vieze wc-brillen.

Grote boodschap wordt uitgesteld

Tevens blijkt dat ruim de helft van de basisschoolleerlingen liever niet op school naar de wc gaat. Bij de leerlingen in het voortgezet onderwijs geven bijna zes op de tien leerlingen dat aan, zeker als het de grote boodschap betreft.

Ruim zes op de tien ouders vinden dat scholen meer aandacht moeten hebben voor hygiëne en ook dat de overheid hier een grotere rol in zou moeten hebben, bijvoorbeeld met strenger toezicht.

Lees het onderzoeksrapport Juf, de wc is vies!

In het Algemeen Dagblad zegt een woordvoerder van de PO-Raad in reactie op het onderzoek dat de hygiëne op scholen op orde moet zijn, maar ook dat de gemeenten verantwoordelijk is voor renovatie en vervanging van schoolgebouwen.

Oud toilet blijft vies

Vooral in oude gebouwen speelt het probleem: ‘Een toilet van 30 jaar oud krijg je echt niet meer goed schoon, dat moet gewoon vervangen worden. En dat gebeurt dus niet of te weinig’, aldus de woordvoerder van de sectororganisatie.

Bovendien krijgen scholen volgens hem te weinig geld voor de materiële instandhouding. ‘Jaarlijks komen scholen ruim 300 miljoen tekort op dit budget, er moeten dus keuzes gemaakt worden.’

Lees meer…

‘Schoolleiders moeten altijd meer verdienen dan leraren’

Schoolleiders moeten altijd meer blijven verdienen dan leraren. Dat vindt voorzitter Petra van Haren van de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS). Deze vakbond roept daarom op tot acties.

Uit een enquête van de AVS blijkt dat de salarissen van schoolleiders en ook die van onderwijsondersteunend personeel zouden moeten worden verhoogd. De enquête stond in het teken van de salarisverhoging die leraren krijgen.

Vooral het feit dat adjunct-directeuren na de salarisverhoging voor leraren nu soms minder dan hen gaan verdienen, roept volgens de AVS veel verontwaardiging op. ‘Het kan niet zo zijn dat een leidinggevende, een adjunct, minder verdient dan een leraar, terwijl zijn verantwoordelijkheid veel groter is’, aldus AVS-voorzitter Van Haren.

Om duidelijk te maken dat dit niet kan, roept de AVS schoolleiders op om op woensdag 12 september actie te gaan voeren. Schoolleiders zouden dan massaal alarm moeten slaan door de jaarlijkse ontruimingsoefening van de school te houden.

Nieuwe estafettestaking leraren

Op 12 september wordt ook actiegevoerd door leraren om hun eis voor meer salarisverhoging bij te zetten. PO Front, waarin de PO-Raad en de onderwijsvakbonden zitten (waaronder de AVS), organiseert dan een nieuwe estafettestaking. Dit keer zouden leraren in Zuid-Holland en Zeeland het werk moeten neerleggen.

‘Geef leraren hoger uurloon vanaf werktijdfactor 0,8’

Als elke deeltijder één dag in de week meer gaat werken, is het lerarentekort opgelost. Daarom zou het uurloon voor leraren met een werktijdfactor van minimaal 0,8 substantieel omhoog moeten. Daarvoor pleit HR-adviseur Willem Duifhuis.

‘Deze prikkel zal een deel van de deeltijdleerkrachten ertoe aanzetten om meer te gaan werken’, schrijft hij in een stuk dat hij aan VOS/ABB heeft toegestuurd. Bovendien zou het onderwijs zo ook aantrekkelijker worden voor meer jongeren, en met name mannen. ‘Die gaan niet alleen voor de passie, maar kijken ook naar de pecunia’, aldus Duifhuis.

Minder kleine deeltijders heeft volgens hem ook andere voordelen, zoals minder overdrachtsmomenten en een kostenbesparing.

Lees het ingezonden stuk

Ook bestuurder Annemie Martens van de Stichting PlatOO voor openbaar en algemeen toegankelijk basisonderwijs in de omgeving van Helmond wil dat deeltijders meer uren gaan werken. Lees meer…

 

Definitieve Regeling bekostiging 2017-2018 gepubliceerd

De definitieve Regeling bekostiging 2017-2018 is gepubliceerd. Hieronder staat puntsgewijs wat belangrijke punten uit de regeling zijn.

  • De loonbijstelling over 2018 bedraagt 2,6 procent. Deze wordt over het gehele budget toegepast.
  • Doordat de CAO PO 2018-2019 is afgesloten, is de door het kabinet toegezegde 270 miljoen euro per jaar beschikbaar, waarover ook loonbijstelling (de hierboven genoemde 2,6 procent) wordt uitgekeerd. Circa 180 miljoen euro daarvan wordt verwerkt in de budgetten voor het schooljaar 2017–2018. Het resterende bedrag wordt verwerkt in de budgetten voor het schooljaar 2018–2019 (waarvan de regeling in september volgt).
  • Voor de verhoging van de kleinescholentoeslag is in 2018 10 miljoen euro beschikbaar. Circa 8,3 miljoen euro daarvan is reeds in het budget voor het schooljaar 2018–2019 verwerkt (dat was al in maart). De resterende 1,7 miljoen euro is verwerkt in het gedeelte Personeel en Arbeidsmarkt (P&A) van het budget voor het schooljaar 2017-2018.
  • De betaling aan de schoolbesturen volgt in september. Dit is van belang voor de uit te keren hogere salarissen en bonussen op basis van de nieuwe CAO PO.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

PO in Actie loopt weg uit overleg met Slob

Vakbond PO in actie is weggelopen uit een overleg over het lerarentekort met onderwijsminister Arie Slob, meldt NRC.

PO in Actie is onderdeel van het PO Front, waarin ook de andere onderwijsvakbonden en de PO-Raad zitten. PO Front eist meer geld voor hogere salarissen, maar minister Slob heeft herhaaldelijk gezegd dat er geen extra geld komt bovenop de eerder overeengekomen 270 miljoen euro voor minder werkdruk en 450 miljoen euro voor hogere salarissen. Dat is voor PO in Actie reden om verder overleg te staken.

In een onlangs verstuurde brief van PO Front staat dat Slob tot 1 september de tijd heeft om de eisen in te willigen, maar Voor PO in Actie heeft verder overleg kennelijk nu al geen zin meer.

Voor 12 september staat een nieuwe estafettestaking in het primair onderwijs gepland. Als Slob de eisen voor meer geld niet inwilligt – en het ziet ernaar uit dat hij dat niet zal doen – dan zal er op die dag worden gestaakt in Zeeland en Zuid-Holland.

Lees meer…

‘Cruciale rol schoolbesturen bij aanpakken lerarentekort’

De schoolbesturen hebben als werkgevers een cruciale rol bij het oplossen van het lerarentekort. Het kabinet kan slechts investeren in de randvoorwaarden hiervoor, benadrukt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Uit die brief blijkt dat het kabinet geen extra geld uittrekt om het groeiende lerarentekort tegen te gaan. Slob schrijft dat er al veel geld naartoe gaat. Hij noemt de 270 miljoen euro voor hogere lerarensalarissen in het primair onderwijs en de 430 miljoen euro om de werkdruk te verlagen.

De minister komt dus niet met meer geld, maar hij beseft wel dat er meer moet worden gedaan om het lerarentekort te bestrijden. Hij noemt drie actiepunten:

  1. een regionale aanpak in sterke netwerken;
  2. versterking van het strategische personeelsbeleid door werkgevers;
  3. verlaging van het ziekteverzuim en verhoging van de deeltijdfactor.

Hij wijst erop dat het uiteindelijk de schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor het personeelsbeleid. ‘Zij hebben dan ook een cruciale rol bij het aanpakken van het lerarentekort’, aldus de minister.

Lees de brief van Slob

PO-Front dreigt met nieuwe staking primair onderwijs

Als onderwijsminister Arie Slob niet uiterlijk op 1 september akkoord gaat met de eisen voor de onderwijsvakbonden en de PO-Raad voor meer geld, volgt er een nieuwe estafettestaking in het primair onderwijs.

Dat staat in een brief aan de minister van het PO-Front, waarin de bonden en de sectororganisatie zijn verenigd. In die brief wordt de datum herhaald van de eventuele volgende staking: 12 september. Die was eind mei al als voorlopige stakingsdatum naar buiten gebracht. Er zal dan, als Slob de eisen niet inwilligt, worden gestaakt in het primair onderwijs in Zuid-Holland en Zeeland.

Het PO-Front vindt het door Slob beschikbaar gestelde bedrag van 450 miljoen voor verlagen van de werkdruk en de 270 miljoen voor hogere salarissen in het primair onderwijs ‘volstrekt onvoldoende voor een serieuze oplossing van het lerarentekort’.

Slob heeft tot nu toe gezegd dat hij niet aan de eisen van het PO-Front tegemoet kan en zal komen. Het blijft wat hem betreft bij de hierboven genoemde bedragen.

Lees de brief van PO-Front aan Slob

Fonds voor transitievergoeding bij ontslag

Er komt een fonds waaruit de transitievergoedingen worden betaald die na twee jaar ziekte zijn uitgekeerd aan werknemers. Dat volgt uit het wetsvoorstel Maatregelen met betrekking tot de transitievergoeding bij ontslag.

Na de Tweede Kamer ging in juli ook de Eerste Kamer akkoord met het wetsvoorstel. Het is is bedoeld om tegemoet te komen aan zorgen van werkgevers over zowel de hoge kosten die zij maken in verband met langdurig arbeidsongeschikte werknemers als over de transitievergoeding die zij verschuldigd zijn bij ontslag om bedrijfseconomische redenen.

Om voor vergoeding in aanmerking te komen, moet aan de volgende voorwaarden zijn voldaan:

  • De transitievergoeding was op grond van de wet verschuldigd, omdat de arbeidsovereenkomst door de werkgever is opgezegd of op diens verzoek is ontbonden, of zou op grond van de wet verschuldigd zijn als de arbeidsovereenkomst die door een overeenkomst is beëindigd door opzegging of ontbinding zou zijn beëindigd, en
  • de arbeidsovereenkomst is geëindigd wegens langdurige arbeidsongeschiktheid, dat wil zeggen dat het opzegverbod tijdens ziekte was verstreken op het tijdstip van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst én de arbeidsovereenkomst beëindigd is omdat de werknemer niet meer in staat was om de bedongen arbeid te verrichten, of
  • de arbeidsovereenkomst is van rechtswege geëindigd en de werknemer was op het tijdstip waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd arbeidsongeschikt.

De datum van inwerkingtreding van de maatregel is nog niet bekend, maar zal op zijn vroegst 1 april 2020 zijn. Dat komt doordat het UWV tijd nodig heeft om zich voor te bereiden op de uitvoering ervan.

Onderwijsbegroting

De maatregel werd in september vorig jaar genoemd in de onderwijsbegroting voor 2018. Geld van het ministerie van OCW wordt in dit kader overgeboekt naar de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW).

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl