Het kan niet zo zijn dat het ministerie van OCW na een fusie van scholen de spelregels verandert en dan ineens met terugwerkende kracht fusiecompensatie terugvordert. Dat heeft de rechtbank Oost-Brabant bepaald.

OCW vorderde ruim 3,5 ton terug van Stichting GOO. De reden hiervoor was dat bij de samenvoeging in 2014 van de protestants-christelijke Ds. Swildenschool en de rooms-katholieke Michaëlschool in Gemert tot Kindcentrum De Samenstroom geen leerlingen van de eerstgenoemde school naar de fusieschool overgingen. De Inspectie van het Onderwijs oordeelde op basis hiervan dat er in feite geen sprake was van een fusie, waarvoor OCW wel geld beschikbaar had gesteld.

Stichting GOO voerde aan dat ten tijde van de samenvoeging nergens vermeld stond dat er leerlingen naar de fusieschool moesten overgaan. Het vereiste van een substantiële instroom op de fusieschool is pas voor het eerst in april 2015 vermeld. Dat was dus ná het samengaan van de Ds. Swindenschool en de Michaëlschool.

De rechtbank oordeelt dat Stichting GOO op het moment van de fusie inderdaad niet kón weten dat de minister de overgang van een substantieel deel van de leerlingen zou gaan eisen. Daarom mag het ministerie de fusiecompensatie niet terugvorderen.

Lees de uitspraak

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

 

 

Deel dit bericht: