Onderwijsminister Arie Slob houdt rekening met zorgen van vmbo-scholen over de voorgestelde vereenvoudiging van de bekostiging. Dat meldt hij in een brief aan de Landelijke Vereniging van Vakcolleges (LVvV).

De LVvV stelt dat vooral vmbo’s in brede scholengemeenschappen met weinig vestigingen de rekening betalen voor het nieuwe bekostigingsmodel. De vereniging pleit ervoor álle vmbo-leerlingen het hoge leerlingbedrag toe te kennen. In de voorgestelde systematiek krijgen vmbo’s voor onderbouwleerlingen minder geld dan voor leerlingen in de bovenbouw.

Bovenbouw beroepsgerichte leerweg duurder

Slob wijst erop dat het nieuwe bekostigingsmodel bewust uitgaat van een hoger bedrag voor leerlingen in de bovenbouw. ‘Dat doet naar mijn mening recht aan de hogere kosten van de beroepsgerichte leerwegen in de bovenbouw (…)’, aldus de minister.

In zijn brief staat verder dat het verschil in bekostiging tussen onder- en bovenbouw ook in de huidige lumpsumbekostiging zit. ‘In de onderbouw ligt de nadruk op de algemene vorming, terwijl in het derde en vierde leerjaar de beroepsgerichte opleiding het zwaartepunt vormt.’ Slob benadrukt dat scholen natuurlijk wel de vrijheid hebben ‘om de bekostiging in te zetten op de manier zoals hen goeddunkt’.

Rekening houden met zorgen vmbo

Hij meldt echter ook dat de voorgestelde vereenvoudiging van de bekostiging van het voortgezet onderwijs nog niet in beton is gegoten. De komende tijd gaat hij er met de VO-raad verder aan werken. ‘Ik verwacht in de zomer van 2019 het integrale wetsvoorstel (…) aan de Tweede Kamer aan te bieden, waarin ik rekening houd met de zorgen die (…) door u zijn geuit’, zo zegt Slob toe.

Lees meer…

 

 

Deel dit bericht: