André Postema geen fractieleider meer in Eerste Kamer

Voorzitter André Postema van het college van bestuur van de stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO) heeft zich teruggetrokken als fractieleider van de PvdA in de Eerste Kamer. Hij blijft wel namens die partij lid van de Eerste Kamer.

In een verklaring laat de omstreden bestuursvoorzitter van LVO weten dat zijn vertrek als fractievoorzitter wat hem betreft volledig losstaat van het examendebacle bij VMBO Maastricht, waarvoor hij als LVO-bestuursvoorzitter de verantwoordelijkheid draagt. Zijn besluit om het fractievoorzitterschap neer te leggen volgt, zo meldt hij, op onrust die hij in de PvdA-fractie ervaart. ‘Ik betreur dit. Het is echter ook aan de fractievoorzitter om te voorkomen dat we als fractie in een patstelling of zelfs onderling conflict geraken’, aldus Postema.

Hij benadrukt in zijn verklaring dat zijn werkzaamheden voor LVO volstrekt losstaan van zijn  Eerste Kamerlidmaatschap: ‘Dat is de enige manier om het belangrijke deeltijdwerk van Senator te kunnen doen. Ik heb dit sinds mijn lidmaatschap van de Eerste Kamer sinds juni 2011 altijd kunnen bewaken: als vice-voorzitter van de Universiteit Maastricht en vervolgens als voorzitter van het Limburgs Voortgezet Onderwijs.’ Hij verwijt de media en Tweede Kamerleden dat zij een verband leggen tussen de twee functies.

‘Schuld ligt bij inspectie’

Hoewel Postema benadrukt dat er voor hem geen enkel verband is tussen zijn lidmaatschap van de Eerste Kamer en zijn LVO-bestuursfunctie, gaat hij in zijn verklaring toch in op de situatie bij VMBO Maastricht door de schuld voor het examendebacle niet bij hemzelf, maar bij de Inspectie van het Onderwijs te leggen.

‘Ik heb mij na de premature bekendmaking van de Inspectie dat de eindexamens van alle leerlingen ongeldig zijn verklaard, ten volle ingezet om de leerlingen en docenten van het VMBO Maastricht zo snel mogelijk weer een perspectief te kunnen bieden’, zo staat in zijn verklaring die als Eerste Kamerlid heeft verstuurd. In een eerdere verklaring die hij als LVO-vbestuursoorzitter deed uitgaan, legde hij de schuld voor het examendebacle ook al bij de inspectie.

Op 22 juni werd bekend dat de Inspectie van het Onderwijs de centrale examens van 354 leerlingen van het Porta Mosana College en het Sint-Maartenscollege, die samen VMBO Maastricht vormen, ongeldig had verklaard, omdat bleek dat deze scholen hun leerlingen niet alle schoolexamens hadden laten maken.

Slob benadrukt dat VMBO Maastricht uitzondering is

Onderwijsminister Arie Slob vindt dat men ervoor moet waken dat er een beeld ontstaat dat het hele voortgezet onderwijs ‘maar wat aanrotzooit’. Dat heeft de minister tegen de NOS gezegd naar aanleiding van het examendebacle bij het VMBO Maastricht.

Op 22 juni werd bekend dat de Inspectie van het Onderwijs de centrale examens van 354 leerlingen van het VMBO Maastricht, waartoe het Porta Mosana College en het Sint-Maartenscollege behoren, ongeldig had verklaard. De reden voor dit besluit was dat deze scholen hun leerlingen niet alle schoolexamens hadden laten maken.

De situatie in Maastricht is volgens Slob zeer kwalijk, maar hij benadrukt dat niet het beeld mag ontstaan dat dit de praktijk is in het hele voortgezet onderwijs. Dat is volgens hem nadrukkelijk niet het geval.

Ingewikkelde regels

Over de klacht van scholen dat zij niet altijd goed op de hoogte zijn van de ingewikkelde examenregels zei Slob bij de NOS dat er van scholen mag worden verwacht dat ze zich hier goed in verdiepen en dat ze de examencommissies scherp moeten houden.

De minister heeft dit jaar een hardheidsclausule toegepast voor ongeveer dertig vmbo-leerlingen van twintig verschillende scholen in het land. Het bleek dat zij ten onrechte aan de centrale examens hadden meegedaan, omdat ze een te laag cijfer voor een keuzevak hadden gehaald. Slob besloot dat deze leerlingen dat keuzevak mochten herkansen, zodat ze mogelijk alsnog geslaagd zijn.

Lees meer bij de NOS

‘LVO en inspectie kenden problemen VMBO Maastricht’

De Inspectie van het Onderwijs en de schoolleiding van VMBO Maastricht wisten al in november 2016 dat er problemen waren rond de vmbo-schoolexamens bij het Porta Mosana College en het Sint-Maartenscollege. Dat melden de Volkskrant en Trouw.

De Volkskrant meldt dat de ouders van zeker vijftien leerlingen in 2016 meerdere klachten indienden. Zij signaleerden volgens de krant dat scholieren achterliepen op het officiële programma van het schoolexamen. De klachten zouden toen ook bij de Inspectie van het Onderwijs zijn beland.

Een woordvoerder van de inspectie laat in een reactie aan de Volkskrant weten niet in te gaan op meldingen die zijn binnengekomen, omdat er een extern onderzoek komt naar de rol van de organisatie in het examenfiasco.

Signalen binnengekomen

Een woordvoerder van de stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs, waaronder VMBO Maastricht valt, bevestigt tegenover de Volkskrant dat er signalen waren binnengekomen over problemen met de schoolexamens. ‘Voor zover wij nu kunnen achterhalen waren dat er twee’, aldus deze woordvoerder.

Trouw heeft een reconstructie van het examendeblacle in Maastricht gepubliceerd. Ook deze krant maakt er melding van dat de problemen met de schoolexamens al in 2016 bekend waren.

Op 22 juni werd bekend dat de Inspectie van het Onderwijs de centrale examens van 354 leerlingen van het Porta Mosana College en het Sint-Maartenscollege in Maastricht ongeldig had verklaard, omdat bleek dat deze scholen hun leerlingen niet alle schoolexamens hadden laten maken.

Lees het artikel in de Volkskrant

Lees het artikel in Trouw

Cijfers centrale vmbo-examens Maastricht blijven staan

De uitslagen van de centrale examens van de leerlingen van VMBO Maastricht blijven geldig tot 1 januari 2019. De 354 leerlingen die dit betreft, krijgen tot die tijd de kans om hun schoolexamens te repareren. Dat staat in een brief van onderwijsminister Arie Slob aan de Tweede Kamer.

De minister heeft laten onderzoeken of de centrale examens in april en mei goed zijn afgenomen. Volgens het College van Toetsen en Examens (CvtE) is dat inderdaad netjes gegaan. Dat geeft minister Slob en de Inspectie van het Onderwijs genoeg vertrouwen om te besluiten dat deze uitslagen kunnen blijven staan.

De minister wijkt daarmee af van de examenregels. Dat is volgens Slob en de inspectie nodig, omdat de situatie in Maastricht uniek is en omdat leerlingen zo min mogelijk de dupe moeten zijn van het wanprestatie van het Porta Mosana College en het Sint-Maartenscollege van de stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO).

De gemiste schoolexamens moeten nog wel worden gemaakt, voordat leerlingen een diploma kunnen krijgen. Dat is geen garantie op succes, benadrukt Slob, maar biedt leerlingen volgens hem in elk geval de kans om hun diploma alsnog te halen. Volgens de minister zijn er bij de schoolexamens duizenden tekortkomingen geconstateerd.

Een deel van de leerlingen zou nog deze zomer alle vakken kunnen afronden en vervolgens met een diploma aan een vervolgopleiding kunnen beginnen. Daarnaast zal een deel van de leerlingen meer tijd nodig hebben. Slob zegt dat hij zich ervoor zal inzetten dat zij alvast aan een vervolgopleiding kunnen beginnen, dus zonder diploma.

Dan is er nog een groep leerlingen bij wie de achterstanden zo ver zijn opgelopen, dat mogelijk het jaar opnieuw gedaan moet worden.

Op 22 juni werd bekend dat de Inspectie van het Onderwijs de centrale examens van 354 leerlingen van het Porta Mosana College en het Sint-Maartenscollege in Maastricht ongeldig had verklaard, omdat bleek dat deze scholen hun leerlingen niet alle schoolexamens hadden laten maken.

Lees meer…

Onafhankelijk onderzoek naar kwaliteit schoolexamens

De VO-raad neemt het initiatief tot een onafhankelijk onderzoek naar de kwaliteit van de schoolexamens en de positie van het programma van toetsing en afsluiting (pta) hierin. Aanleiding is het examenschandaal bij twee vmbo’s in Maastricht van de stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO).

De sectororganisatie meldt dat het onderzoek tot doel heeft om waar mogelijk verbetering aan te brengen. Het moet ook laten zien dat de scholen voor voortgezet onderwijs het van het grootste belang vinden dat ze het vertrouwen hebben van de politiek en de samenleving.

Naar aanleiding van het vmbo-examenschandaal bij het Porta Mosana College en het Sint-Maartenscollege in Maastricht roept de VO-raad ook zijn leden op om kritisch te kijken naar de wijze waarop de schoolexamens in de eigen school of scholen zijn ingericht. Ook wordt de leden gevraagd om de bekijken of de afspraken in het pta helder en werkbaar zijn en of er voldoende checks and balances zijn.

De Inspectie van het Onderwijs heeft de centrale examens van 354 leerlingen van de Maastrichtse vmbo’s ongeldig verklaard, omdat bleek dat zij niet alle schoolexamens hadden gedaan. Dat is voorwaarde om aan de centrale examens te mogen maken.

Lees meer…

Honderden vmbo-examens in Maastricht ongeldig

De Inspectie van het Onderwijs heeft de centrale examens van 354 vmbo-leerlingen van twee scholen in Maastricht ongeldig verklaard. De maatregel volgt op ‘onverantwoord handelen’ van het bevoegd gezag van de twee scholen, meldt onderwijsminister Arie Slob aan de Tweede Kamer.  Het gaat om het Sint-Maartenscollege en het Porta Mosana College, die onder de Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO) vallen.

Het onverantwoord handelen dat Slob noemt, kwam aan het licht via een klokkenluidende docent. Die meldde dat een leerling die voor een bepaald vak het grootste gedeelte van het schoolexamen niet had afgerond, aan het centraal examen in dat vak had deelgenomen. Er was een cijfer voor het schoolexamen geregistreerd, hoewel de leerling maar een beperkt onderdeel daarvan had gemaakt.

Bovendien bleek deze leerling voor andere schoolexamens de cijfers 1 en 1,1 te hebben behaald. Dat had de school moeten melden bij de inspectie, omdat dit kon wijzen op onregelmatigheden, maar de inspectie heeft volgens de minister hierover geen enkele melding ontvangen.

Incorrect en incompleet

Nader onderzoek van de inspectie bracht aan het licht, zo schrijf Slob aan de Tweede Kamer, dat de onregelmatigheden rond de ene leerling mogelijk alle vmbo’ers betrof. De inspectie vroeg de scholen om meer informatie. Toen die door de scholen werd toegestuurd, bleek die aanvullende informatie ‘incorrect en incompleet’, aldus Slob.

Uit het onderzoek van de inspectie komt volgens de minister ‘in elk geval naar voren dat alle 354 eindexamenkandidaten één of meerdere schoolexamens bij één of meer vakken onvolledig hebben afgerond’. Dit betekent volgens hem dat geen enkele vmbo-eindexamenkandidaat van de twee scholen in Maastricht had mogen deelnemen aan de centrale examens.

Lees de brief van minister Slob

Leerlingen en ouders verbolgen

Het besluit van de inspectie om de examens ongeldig te verklaren, heeft geleid tot verbolgen reacties van de leerlingen en hun ouders. Dat bleek vrijdagavond, toen er in het Maastrichtse congrescentrum MECC een bijeenkomst was waarop de inspectie het besluit toelichtte. Deze bijeenkomst verliep rumoerig en de sfeer was af en toe grimmig.

Interim-directeur Loek de Veen van VMBO Maastricht, waar de twee vmbo-scholen van LVO toe behoren, heeft op de regionale nieuwszender L1 gezegd dat er ‘iets niet goed’ is gegaan in de administratie van de school. ‘Het is geen rommeltje hier, maar we vergeten de regels weleens’, aldus De Veen. Hij voegde daaraan toe dat de leraren heel toegewijd zijn, maar ook ‘onvoldoende bewust van regels en procedures’.

Een woordvoerder van LVO stelt eveneens dat de directe oorzaak van de problemen bij de leraren ligt: ‘Onze docenten hebben hun hart op de juiste plaats waar het gaat om educatie, maar in administreren blonken ze niet uit’, aldus de woordvoerder op L1. Hij voegde er de woorden ‘gemakzuchtig’, ‘nonchalant’ en ‘slordig’ aan toe.

Niet leerlingen straffen

Bestuursvoorzitter André Postema van LVO, onder wiens eindverantwoordelijkheid het debacle zich heeft kunnen voltrekken, heeft in Nieuwsuur gezegd dat niet de leerlingen, maar de school en de stichting LVO moeten worden gestraft. Hij wil dat Slob zijn discretionaire bevoegdheid gebruikt om de centrale examens toch geldig te verklaren.

‘Het is het ergste wat leerlingen en een school kan overkomen en ik begrijp dat de inspectie haar werk moet doen, maar dit gaat wel heel ver. Dit besluit is niet in het belang van de kinderen. Bestraf ons, niet de leerlingen’, aldus Postema, die eraan toevoegde dat er aan de gemaakte centrale examens ‘niets mis’ is. Slob heeft laten weten dat hij de mogelijkheid openlaat om de cijfers voor de centrale examens te laten staan, maar dat hij daar nog geen besluit over kan nemen.

Niet bang voor positie

Tegen L1 heeft Postema gezegd dat hij ervan uitging dat het met de examenadministratie wel snor zat. Hoewel hij als bestuursvoorzitter eindverantwoordelijke is, denkt Postema niet aan opstappen: ‘Ik ben niet bang voor mijn positie, maar ik sluit niet uit dat in de loop der tijd nog gaat gebeuren. Maar daar gaat het nu niet om. We willen nu zorgen dat de leerlingen de beste hulp krijgen.’

Bestuurslid Marianne Wegberg is inmiddels wel opgestapt, net als Gerard Bos die in de raad van toezicht van LVO zat. Zij hadden in het bestuur respectievelijk de rvt de portefeuille ‘onderwijs’ onder hun hoede.

Mogelijk fraude

De inspectie heeft tegen L1 gezegd dat er mogelijk meer mis is dan ‘slechts’ administratieve zaken en dat er mogelijk ook fraude in het spel is. ‘Het gaat wel degelijk om situaties waarbij leerlingen bijvoorbeeld de toetsen niet hadden gemaakt, maar er wél een cijfer voor kregen’, aldus een woordvoerder van de inspectie.

Examencontracten onaanvaardbaar en onwettig

Examencontracten zijn onaanvaardbaar en onwettig, benadrukken de onderwijsminister Ingrid van Engelshoven en Arie Slob.

De minister reageren op signalen uit Tweede Kamer dat leerlingen in het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo) en het mbo examencontracten voorgelegd krijgen op basis waarvan ze bij tegenvallende schoolexamenresultaten uitgesloten kunnen worden van deelname aan het centraal examen.

In 2016 liet toenmalig staatssecretaris Sander Dekker van OCW in een brief aan de Tweede Kamer weten dat examencontracten in het voortgezet onderwijs onaanvaardbaar en illegaal zijn. Dit geldt ook voor het vavo en het mbo, benadrukken Van Engelshoven en Slob.

Lees meer…

Cijfers schoolexamens eerder doorgeven

Scholen voor voortgezet onderwijs moeten de cijfers van de schoolexamens voortaan eerder doorgeven: niet drie maar tien dagen vóór aanvang van de centrale examens.

De cijfers van de schoolexamens moeten dit schooljaar uiterlijk op 30 april 2018 zijn aangeleverd via Mijn DUO.

Het is nog mogelijk om de aangeleverde gegevens tot uiterlijk drie werkdagen voor de aanvang van de centrale examens te veranderen. Daarna kan dat ook nog wel, maar alleen met toestemming van de Inspectie van het Onderwijs.

Lees meer…

Inspectie gaat niet over kwaliteit examens

Het behoort niet tot de taak van de Inspectie van het Onderwijs om een inhoudelijk oordeel te vellen over de inhoud en kwaliteit van de centrale examens in het voortgezet onderwijs. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW benadrukt dat hij dat zo wil houden.

Dekker laat dit weten in antwoord op vragen van Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul van de PvdA. Zij had de vragen gesteld naar aanleiding van de kwaliteit van het centrale vwo-examen Frans, waarover in het afgelopen schooljaar veel gedoe was.

De staatssecretaris stelt dat het College voor Toetsen en Examens (CvTE) de signalen die over dit examen binnenkwamen, op correcte wijze heeft afgehandeld. ‘Het CvTE heeft gehandeld conform de lijn die geldt voor docentbetrokkenheid bij de totstandkoming en normering van examens’, aldus Dekker.

Hij benadrukt dat de verdeling van verantwoordelijkheden tussen het CvTE en de inspectie niet wordt gewijzigd: ‘Tijdens het algemeen overleg op 24 juni 2015 heb ik aangegeven dat ik wil vasthouden aan deze verdeling’. De kwestie rond het vwo-examen Frans brengt daar voor hem geen verandering in.

Omkering correctievolgorde gaat mogelijk niet door

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW wil bezien of zijn plan om de centrale eindexamens voortaan eerst door een vreemde docent te laten nakijken, niet door hoeft te gaan. Dat staat in antwoorden van hem op vragen uit de Tweede Kamer.

De staatssecretaris zegt dat hij recht wil doen ‘aan de zorgen en bezwaren die zijn geuit’. Daarom is hij bereid om zijn besluit over de omkering van de eerste en tweede correctie ‘nog een jaar aan te houden en te bezien of de huidige werkwijze met de inzet van alle betrokken partijen toch goed ingevuld kan worden’. Hij stelt hierbij de uitdrukkelijke voorwaarde dat de betrokken partijen zich hieraan committeren.

Dekker verwacht van de VO-raad dat die de leden oproept ‘om de leraren in staat te stellen de eerste dan wel de tweede correctie volledig uit te laten voeren’. Van de bonden verwacht hij dat die hun respectievelijke achterbannen oproepen ‘hier consciëntieus invulling aan te geven en zo nodig collegiaal oplossingen te zoeken en – waar onvermijdelijk – het gesprek met de schoolleiding aan te gaan’.

Hij voegt eraan toe dat het omkeren van de correcties voor hem geen doel op zich is, ‘maar een middel om tot een sluitende correctie van de centrale examens te komen’.

Objectiviteit
Het plan om de correctievolgorde om te draaien is gebaseerd op een advies van de VO-raad. De sectororganisatie stelde dat advies op na een pilot waaraan tien scholen met in totaal 39 docenten meededen.

De gedachte achter het plan is dat omkering van de correctievolgorde leidt tot een objectievere beoordeling dan het geval is nu de eigen docent als eerste het examen nakijkt en daarna pas de tweede corrector van een andere school.

Uit een peiling van de Algemene Onderwijsbond (AOb) blijkt dat driekwart van de leraren de omkering van de correctievolgorde niet ziet zitten. Volgens de AOb ervaren leraren het omdraaien van de correctievolgorde als wantrouwen. Bovendien vrezen zij dat ze het drukker gaan krijgen, maar volgens Dekker is die vrees ongegrond.

Engeland
Directeur Ritske van der Veen van VOS/ABB pleitte onlangs om de correctievolgorde van de centrale examens te organiseren zoals dat in Engeland gebeurt. Daar worden de examens nagekeken door een pool van docenten die de betreffende leerlingen niet kennen. Deze leraren krijgen daar voldoende tijd en geld voor.

Lees meer…

Spelling gaat weer meetellen bij centrale examens

Spelling gaat vanaf volgend jaar weer meetellen bij het centraal examen Nederlands. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft daartoe een verzoek ingediend bij het College voor Toetsen en Examens (CvTE).

Dekker laat dit weten in antwoord op vragen van SP-Tweede Kamerlid Jasper van Dijk. Diens vragen volgden op een artikel in een aantal regionale kranten met de kop Spelfouten geen punt bij Nederlands.

Volgens de huidige correctievoorschriften blijven spelfouten en schrijfvaardigheid buiten de beoordeling van het centrale examen, maar Dekker vindt dat het anders moet: ‘Gezien het belang dat uw Kamer en ik hechten aan het toetsen van spelling in het centraal examen Nederlands heb ik het CvTE verzocht de variant met toets op spelling bij de examens in 2016 weer in te voeren.’

Voor zomer Kameroverleg over omkering correctievolgorde

De Tweede Kamer houdt nog voor het zomerreces een algemeen overleg over de omstreden omkering van de volgorde van de correctie van de centrale examens in het voortgezet onderwijs. Dit overleg komt er op initiatief van CDA-Tweede Kamerlid Michel Rog.

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW blijft bij zijn besluit om de correctievolgorde om te draaien, hoewel daar onder docenten veel verzet tegen is. Uit een peiling van de Algemene Onderwijsbond (AOb) blijkt dat driekwart van de leraren de omkering van de correctievolgorde niet ziet zitten. Volgens de AOb ervaren leraren het omdraaien van de correctievolgorde als wantrouwen. Bovendien vrezen zij dat ze het drukker gaan krijgen.

Dekker nam het besluit mede op advies van de VO-raad. De sectororganisatie baseerde een advies over de omkering van de correctievolgorde op een pilot van tien scholen met in totaal 39 docenten. Volgens Dekker leidt de omdraaiing van de correcties niet tot meer of minder werkdruk. ‘Het corrigeren is immers al onderdeel van de taken van een docent’, aldus Dekker in een brief aan de Tweede Kamer.

Het opmerkelijke van het besluit van de staatssecretaris is dat in december de Tweede Kamer een motie om de correctievolgorde om te draaien afwees. Nu komt er dus op initiatief van CDA-Kamerlid Michel Rog voor het zomerreces nog een algemeen overleg over de kwestie. De geplande datum hiervoor is 24 juni.

Duizenden docenten tegen omkering correctievolgorde

Een online petitie tegen het omkeren van de correctievolgorde van de centrale examens is inmiddels door duizenden docenten ondertekend.

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW wil dat vanaf 2016 de volgorde van de eerste en tweede correctie van de centrale examens in het voortgezet onderwijs wordt omgekeerd. ‘Eerst beoordeelt een docent van een andere school het examen. Pas daarna is de ‘eigen’ docent aan de beurt’, zo staat in een brief van Dekker aan de Tweede Kamer.

Dekker schrijft dat hij het besluit mede op advies van de VO-raad neemt. De sectororganisatie baseert dat advies op een pilot van tien scholen met in totaal 39 docenten. ‘De omdraaiing van de correcties leidt niet tot meer of minder werkdruk. Het corrigeren is immers al onderdeel van de taken van een docent’, aldus Dekker.

Het is opmerkelijk dat de staatssecretaris de volgorde omkeert, omdat in december de Tweede Kamer een motie daartoe afwees.

Online petitie
Onder docenten in het voortgezet onderwijs is weerstand tegen de omkering van de correctievolgorde. ‘Deze maatregel straalt wantrouwen uit richting de docenten. Elke docent is na afloop van het examen benieuwd hoe zijn eigen leerlingen het gedaan hebben. Nu kan er niet direct begonnen met de correctie, hetgeen alle plezier en motivatie weghaalt’, zo staat in een online petitie die door duizenden leraren in ondertekend.

Examens in meivakantie afleveren verkleint frauderisico

Het is een bewuste keuze om de centrale examens in de meivakantie bij de scholen af te leveren, want daarmee wordt het risico van fraude verkleind. Deze keuze brengt wel met zich mee dat er op het moment van aflevering in de vakantie iemand op school moet zijn om de examens in ontvangst te nemen. Dit antwoordt staatssecretaris Sander Dekker van OCW op vragen D66-Kamerlid Paul van Meenen en zijn CDA-collega Michel Rog.

‘De directe aanleiding voor de wijziging in de bezorging van de examens was de diefstal van een aantal examens bij de Ibn Ghaldoun-school in Rotterdam in 2013. De dieven hebben toen gebruik kunnen maken van de lange periode (de hele meivakantie) waarin de examens onbewaakt op de school lagen om in alle rust kopieën te maken van de examens. Daarom is besloten (en aan uw Kamer gemeld) dat de periode tussen het bezorgen van de examens en het daadwerkelijk afnemen zo kort mogelijk moet zijn’ zo schrijft Dekker aan Van Meenen en Rog.

Aangezien de centrale examens in het voortgezet onderwijs dit jaar op de dag na de meivakantie beginnen, betekent dit dat de examens aan het eind van de meivakantie bij de scholen worden aangeleverd. ‘Op de dag zelf zou een te groot logistiek risico opleveren, omdat eventuele fouten dan niet meer hersteld kunnen worden. Ik besef dat dit betekent dat er daarmee iemand op de scholen aanwezig moet zijn om de examens in ontvangst te nemen, maar ben van mening dat dit nadeel niet opweegt tegen het risico dat anders gelopen wordt rond de veiligheid van de examens’, aldus de staatssecretaris.

Op 23 april kregen de scholen voor voortgezet onderwijs bericht van het ministerie van OCW. In dat bericht stond dat de school geen centrale examens mag afnemen als de bezorger van de examens in de meivakantie voor gesloten deur komt te staan.

Correctievolgorde centrale examens wordt omgekeerd

Vanaf 2016 worden de eerste en tweede correctie van de centrale examens in het voortgezet onderwijs in volgorde omgekeerd.

‘Eerst beoordeelt een docent van een andere school het examen. Pas daarna is de ‘eigen’ docent aan de beurt’, schrijft staatssecretaris Sander Dekker van OCW in een brief aan de Tweede Kamer.

Dekker schrijft dat hij het besluit mede op advies van de VO-raad neemt. De sectororganisatie baseert dat advies op een pilot van tien scholen met in totaal 39 docenten. Uit de pilot blijkt dat het omdraaien van de correcties leidt tot een zorgvuldigere beoordeling.

‘De omdraaiing van de correcties leidt niet tot meer of minder werkdruk. Het corrigeren is immers al onderdeel van de taken van een docent’, aldus Dekker.

Het is opmerkelijk dat de staatssecretaris de volgorde omkeert, omdat in december de Tweede Kamer een motie daartoe afwees.