Minister komt met actieplan tegen kindermishandeling

‘Het is onze plicht elke vorm van kindermishandeling en huiselijk geweld te stoppen. Voor mij als minister zal de aanpak ervan de komende jaren een absolute prioriteit zijn.’ Met deze woorden heeft minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in theater Diligentia in Den Haag het startsein gegeven voor de Week tegen Kindermishandeling.

Komend voorjaar komt De Jonge met een breed actieplan tegen kindermishandeling. ‘Het wordt een enorme opgave, maar ik denk dat we kindermishandeling effectiever kunnen aanpakken dan tot nu toe is gedaan.’ Hij benadrukt dat ‘die ene leraar, die ene buurman, die ene huisarts’ het verschil kan maken.

De Week tegen Kindermishandeling bestaat sinds 2013. De week wordt georganiseerd door Movisie en het Nederlands Jeugdinstituut.

Lees meer…

Wethouder Rotterdam blij dat school sluit

De Rotterdamse onderwijswethouder Hugo de Jonge (CDA) is blij dat de omstreden algemeen bijzondere basisschool De Verbinding de deuren sluit.

De Jonge adviseerde ouders met kinderen op De Verbinding vorig jaar per brief om voor een andere school te kiezen, omdat het onderwijs er volgens de inspectie structureel slecht was. Hij vond dat met de oprichting van De Verbinding misbruik was gemaakt van de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet.

In de brief gaf De Jonge aan twijfels te hebben over het voortbestaan van de school, ook omdat volgens hem de kans erg klein is dat in 2017 het vereiste minimumaantal van 303 leerlingen zou worden gehaald. De wethouder gaf de ouders ‘in overweging’ hun kind op een andere basisschool te plaatsen.

Nu bekend is geworden dat De Verbinding dichtgaat, twittert de Jonge dat hij daar blij om is.

Vorige wethouder wilde af van Ibn Ghaldoun

Het is niet de eerste keer dat een Rotterdamse wethouder ouders oproept om een andere school voor hun kinderen te kiezen. In 2008 stuurde De Jonges voorganger Leonard Geluk (ook CDA) een brief aan ouders van kinderen de islamitische Ibn Ghaldounschool. Deze school moest later – na grootschalige examenfraude – de deuren sluiten.

Rotterdamse leerlingen mogen tóch op zeilreis

De vier leerlingen die van de gemeente Rotterdam niet op zeilreis mochten, mogen dat toch wel. Dat heeft wethouder Hugo de Jonge (CDA) maandag besloten nadat er voor de gemeente Rotterdam negatieve publiciteit was ontstaan over het verbod van de leerplichtambtenaar.

Twee leerlingen van de openbare scholengemeenschap Hugo de Groot op Rotterdam-Zuid en twee leerlingen van het eveneens openbare Einstein Lyceum in Rotterdam-Hoogvliet kregen geen toestemming van de leerplichtambtenaar om mee te doen aan een educatieve zeilreis van zes weken van het Caribisch gebied naar Nederland. Leerlingen uit andere gemeenten kregen die toestemming wel.

Osg Hugo de Groot had de zeilreis cadeau gedaan aan twee excellente leerlingen voor hun inzet en prestaties. De school betaalt de reis niet zelf – dat doet een sponsor uit de Rotterdamse haven. Ook het Einstein Lyceum had twee leerlingen beloofd dat ze konden meevaren.

Volgens het Algemeen Dagblad volgde het ‘nee’ van Rotterdam op een advies van het ministerie van OCW aan de leerplichtambtenaar. Het negatieve besluit van de gemeente Rotterdam trok veel media-aandacht, die negatief afstraalde op het imago van nota bene de havenstad die zich graag profileert met extra kansen voor leerlingen. Het lijkt er sterk op dat wethouder De Jonge hier gevoelig voor is geweest.

Zie ook het bericht Zeilreizen vallen in grijs gebied Leerplichtwet.

CDA-wethouder negeert openbaar gymnasium

De Rotterdamse CDA-wethouder Hugo de Jonge beweert dat er op Rotterdam-Zuid geen topscholen zijn. Hij stelt ook dat in dat deel van de stad alleen de gymnasium-afdeling van de christelijke scholengemeenschap Calvijn levensvatbaar is. Hij negeert daarmee bewust de openbare scholengemeenschap Hugo de Groot, die én een gymnasiumafdeling heeft én stevig aan de weg timmert om de beste school van Rotterdam-Zuid te worden.

In verkiezingstijd mag ook een CDA-wethouder campagne voeren voor zijn partij, maar het getuigt van weinig goede smaak om dan ook maar direct alleen het christelijk onderwijs positief in de schijnwerpers te zetten. Wat dit betreft laat deze wethouder zich kennen als een opportunistische partijpoliticus die in een recent artikel in de Rotterdamse editie van het Algemeen Dagblad verklaart dat ‘excellentie ook op Zuid thuishoort’. Hij suggereert hiermee ten onrechte dat daar nog geen excellentie is.

Rotterdam-Zuid heeft drie gymnasiumafdelingen, waarvan die van osg Hugo de Groot er één is. Maar volgens CDA-man De Jonge telt die afdeling van deze openbare school niet mee: ‘Alleen het Calvijn heeft eigenlijk een levensvatbaar gymnasium’. Verder stelt hij dat het hoog tijd is dat er op Rotterdam-Zuid twee topscholen moeten komen. Dit impliceert ten onrechte dat er nog geen topschool is.

Het is triest te moeten constateren dat De Jonge met zijn uitspraken bewust de openbare osg Hugo de Groot negeert, die stevig aan de weg timmert om in korte tijd de beste school voor voortgezet onderwijs op Rotterdam-Zuid te worden.

Lees voor meer informatie over de prestaties van osg Hugo de Groot dit artikel.

‘Inspectie moet letten op levensvatbaarheid’

De Inspectie van het Onderwijs moet de levensvatbaarheid van scholen gaan beoordelen. Dat adviseert de Rotterdamse onderwijswethouder Hugo de Jonge (CDA) naar aanleiding van het besluit van staatssecretaris Sander Dekker van OCW om de bekostiging van de evangelische basisschool Timon in Rotterdam stop te zetten.

In een interview met het Nederlands Dagblad (ND) gaat De Jonge in op de vraag hoe het kon gebeuren dat de inspectie kort voor de zomer nog een positief oordeel had over de evangelische basisschool in Rotterdam en dat onlangs is besloten om de bekostiging stop te zetten vanwege een gebrek aan kwaliteit.

‘Door een conflict tussen de directeur en het bestuur is de kwaliteit van de school in korte tijd snel achteruit gegaan’, aldus De Jonge in het ND. De wethouder benadrukt dat voor de zomer al wel duidelijk was dat Timon nooit op tijd de stichtingsnorm zou halen. ‘Ik vind daarom dat de inspectie ook de levensvatbaarheid van een school moet toetsen.’

Dat moet volgens hem niet alleen gebeuren bij scholen die net van start zijn gegaan, maar ook bij al langer bestaande scholen. ‘De inspectie zou dan moeten toetsen of de optelsom van kwaliteit, financiële situatie en ontwikkeling van het aantal leerlingen perspectief biedt op een goede school.’

De ontwikkeling van het aantal leerlingen behoort nu niet tot het toezichtkader van de Inspectie van het Onderwijs. De Rotterdamse wethouder adviseert dus om dat er wel in op te nemen. Ook zou de inspectie wat hem betreft voorafgaand aan de stichting van een school moeten beoordelen of die school voldoende onderwijskwaliteit kan bieden. Ook zou de inspectie moeten toezien op de kwaliteit van het personeel en van het bestuur.

De standpunten van de Rotterdamse wethouder staan niet alleen in het kader van de huidige problemen met de evangelische basisschool Timon, maar ook van twee islamitische scholen in Rotterdam die hun deuren hebben moeten sluiten. Dat waren de islamitische basisschool Dialoog en de veelbesproken scholengemeenschap Ibn-Ghaldoun.

Omdat het hier het bijzonder onderwijs betreft, vraagt het christelijke ND zich af of met de voorstellen van de CDA-wethouder de vrijheid van onderwijs wordt ingeperkt. Dat is volgens hem niet het geval: ‘We moeten de vrijheid van onderwijs weerbaar maken en slechte bestuurders geen kans geven. Een kwalitatieve toets voorafgaand aan de stichting van een school, is juist een bescherming van de vrijheid van onderwijs.’

Wethouder blij met sluiting zwakke basisschool

De Rotterdamse onderwijswethouder Hugo de Jonge (CDA) is blij dat de evangelische basisschool Timon in zijn stad dichtgaat.

De school gaat officieel op 1 januari dicht. Het bestuur heeft dat op aandringen van de gemeente besloten. Het onderwijs op het schooltje met 63 leerlingen is volgens de Inspectie van het Onderwijs structureel zeer zwak. De ouders maakten zich daar al lange tijd zorgen over. Er stonden onbevoegde leerkrachten voor de klas en er was veel agressie onder de leerlingen.

De evangelische basisschool werd in 2010 opgericht. Binnen vijf jaar had de school minimaal 300 leerlingen moeten hebben om voort te kunnen blijven bestaan. Het zag er niet naar uit dat dit aantal zou worden gehaald.

Wethouder De Jonge vindt het ‘goed dat er een punt achter wordt gezet’. Hij noemt dat op Twitter ‘de beste oplossing voor de leerlingen’. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft per brief de Tweede Kamer geïnformeerd over de sluiting.

Doordat de school in Rotterdam dichtgaat, moet ook de evangelische basisschool Talitha de deuren sluiten. De school in Utrecht is namelijk een nevenvestiging van de school in Rotterdam.

De Stichting voor Evangelische Scholen (SVeS) is ook actief in Amsterdam, Den Haag, Tilburg, Hoofddorp en Apeldoorn.

CDA-wethouder signaleert misbruik artikel 23

De Rotterdamse CDA-onderwijswethouder Hugo de Jonge waarschuwt voor misbruik van artikel 23. Hij verwijst daarbij naar de omstreden islamitische scholengemeenschap Ibn-Ghaldoun in zijn stad en het initiatief om in Amsterdam weer een islamitische school voor voortgezet onderwijs op te richten.

De protestants-christelijke onderwijswethouder vindt artikel 23, dat over de vrijheid van onderwijs gaat, een groot goed. Hij stelt in een interview met Trouw ook dat het niet uitmaakt of christelijke of islamitische ouders gebruikmaken van die vrijheid. Maar het mag volgens hem niet zo zijn dat het grondwetsartikel uit 1917 wordt misbruikt om slechte scholen op te richten of in stand te houden.

‘Artikel 23 mag geen vrijbrief zijn voor slecht onderwijs, de vrijheid is niet ongeclausuleerd. (…) Op initiatief van het CDA moet een school nu binnen een maand na de bekostiging kunnen bewijzen dat er voldoende gekwalificeerd personeel is, dat de kinderen voldoende les krijgen op school. Dat is een stap in de goede richting’, aldus De Jonge.

Maar hij wil verder: ‘Ik vind dat je die beoordeling moet vervroegen. Er zijn scholen gestart die op voorhand niet levensvatbaar waren. Daar kun je tot op heden weinig aan doen, er is geen kwalitatieve toets voordat de overheid begint met de financiering van de school.’ De Jonge roept staatssecretaris Sander Dekker van OCW in het kader van de modernisering van artikel 23 op met een dergelijk initiatief te komen.

 

Prominenten in Krimpenerwaard Onderwijsdebat

Stevige discussies maandagavond in het openbare Schoonhovens College, waar het Krimpenerwaard Onderwijsdebat werd gehouden. Verschillende prominenten waren ervoor naar Schoonhoven gekomen, onder wie de Tweede Kamerleden Mohammed Mohandis (PvdA), Paul van Meenen (D66) en de Rotterdamse onderwijswethouder Hugo de Jonge (CDA). Ook directeur Bert-Jan Kollmer van de Vereniging Openbaar Onderwijs was present, evenals emeritus-hoogleraar onderwijsrecht Dick Mentink.

D.-Mentink-en-B.J.-Kollmer-600x548De stelling die het meest prikkelde was: ‘Openbaar onderwijs is het beste voor Nederland’. In zijn inleiding over deze stelling zei Rob Zilverberg, directeur van de openbare Koningin Emmaschool in Schoonhoven, dat de verzuiling in Nederland een miljard euro per jaar kost en achterhaald is. In het kamp van de voorstanders van deze stelling, het 'groene kamp', werd er onder meer op gewezen dat het goed voor het multiculturele Nederland is als kinderen van alle gezindten elkaar al jong leren kennen en respect leren hebben voor elkaar, zoals dat gebeurt in de openbare school waar iedereen welkom is. In het ‘rode kamp’, waar de tegenstanders van de stelling zaten, werd gezegd dat het vooral gaat om goed onderwijs en dat dat niet per se openbaar hoeft te zijn. Mohammed Mohandis schaarde zich bij de voorstanders van de stelling, Van Meenen en Hugo de Jonge gingen naar het rode kamp.

Onderwijsdebat-2

 

Andere stellingen die aan bod kwamen waren:  ‘Het onderwijs moet zich meer focussen op schoolprestaties’ en ‘Het sociale leenstelsel moet ingevoerd worden’. Het Krimpenerwaard Onderwijsdebat werd voor de tweede keer gehouden, vorig jaar in de School!Week en dit jaar als opmaat naar deze actieweek voor het openbaar onderwijs, die op maandag 18 maart begint.