Slob: ‘Respectvol omgaan met andersdenkenden’

Bij het onderwijs ligt een belangrijke taak om leerlingen de waarden van onze democratische rechtsstaat bij te brengen. Daar hoort volgens onderwijsminister Arie Slob respectvol omgaan met andersdenkenden bij. Dat meldt hij in antwoord op Kamervragen van de PVV.

De vragen volgden op een artikel in de Telegraaf over een joodse docente van het interconfessionele Sweelinck College in Amsterdam. De krant meldde dat een groep islamitische collega’s haar weg wilde hebben vanwege kritische uitingen over de islam.

Slob antwoordt dat hij op basis van een krantenartikel niet op deze specifieke kwestie kan ingaan. Wel wil de minister in het algemeen zeggen dat de onderlinge verhouding tussen medewerkers primair de verantwoordelijkheid is van de schoolleiding.

Tevens stelt hij in zijn antwoorden dat er een belangrijke taak ligt bij leraren en scholen om hun leerlingen de waarden van onze democratische rechtsstaat bij te brengen. ‘Daar hoort ook het respectvol omgaan met andersdenkenden bij’, aldus Slob.

Lees meer…

Oostenrijk stemt tegen hoofddoekjes in scholen

Het Oostenrijkse parlement heeft ingestemd met een verbod op hoofddoekjes in basisscholen.

Het wetsvoorstel tegen hoofddoekjes in basisscholen kreeg met steun van de rechts-conservatieve regeringsfracties van ÖVP en FPÖ een meerderheid in het Oostenrijkse parlement. De aangenomen wet verbiedt het dragen van ‘ideologische of religieuze kleding die het hoofdhaar geheel of grotendeels bedekt’.

Joodse keppeltjes vallen er niet onder, omdat die het hoofdhaar niet geheel of grotendeels bedekken. Ook petten en mutsen tegen de regen of de sneeuw worden niet verboden, omdat die geen ideologische of religieuze functie hebben.

‘Hoofdoekjes belemmeren integratie’

ÖVP-afgevaardigde Rudolf Taschner beschouwt islamitische hoofddoekjes als een symbool van de onderdrukking van meisjes. Hij weerspreekt de kritiek als zou het verbod zijn ingegeven uit populisme. ‘Opkomen voor de verlichting is helemaal niet populistisch’, zo citeert Der Standard hem.

Deze Oostenrijkse krant citeert ook onderwijswoordvoerder Wendelin Mölzer van de FPÖ. ‘Het gaat erom een signaal af te geven tegen de politieke islam. Het hoofddoekje wordt verboden om meisjes in staat te stellen te integreren.’

Verwacht wordt dat er bezwaren tegen het hoofddoekjesverbod zullen worden ingediend bij het Oostenrijkse Constitutionele Hof. Mogelijk botst het hoofddoekjesverbod met de Oostenrijkse Grondwet.

AIVD slaat alarm over naschoolse islamlessen

De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) waarschuwt voor toenemende invloed van de radicale islam op het onderwijs.

In het jaarverslag van de AIVD staat dat ‘radicaalislamitische aanjagers zich sterk weten te positioneren binnen het aanbod van het onderwijs voor jonge moslims’. De geheime dienst noemt hierbij naschoolse lessen in Arabisch en de islam.

‘Ook voor leerlingen met een gematigde achtergrond zijn dergelijke onderwijsprogramma’s aantrekkelijk. Dit komt mede doordat voor hen vaak weinig of geen goede alternatieven voor naschools islamitisch onderwijs beschikbaar zijn’, zo meldt de AIVD.

Naschoolse lessen in Arabisch en de islam kunnen volgens de AIVD kinderen en jongvolwassenen ‘vervreemden van de samenleving’ en ‘mogelijk belemmeren (…) in hun deelname aan de maatschappij’. Dit wordt veroorzaakt door ‘de onverdraagzame en antidemocratische denkbeelden van de initiatiefnemers’.

Dit kan volgens de AIVD ‘de sociale cohesie onder druk zetten en daarmee de democratische rechtsorde ondergraven’.

Lees meer…

‘Artikel 23 maakt onderwijs mogelijk dat we niet willen’

Het blijft dweilen met de kraan open zolang we artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs ongemoeid laten. Dat stelt historicus Gert Jan Geling in een opiniestuk in Trouw naar aanleiding van de situatie rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.

Het onderwijs aan het Cornelius Haga Lyceum zou niet goed zijn voor de democratie en gericht zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Privileges confessioneel onderwijs

Volgens Geling zit de kern van het probleem in de huidige vorm van artikel 23. Hij wijst met name op lid 6 en lid 7, die het confessioneel onderwijs privileges verleent op grond waarvan scholen als het Haga Lyceum gesticht en in stand gehouden kunnen worden.

‘Zolang we een grondwetsartikel hebben dat dit soort scholen de vrijheid geeft om zich te vestigen, blijft het proberen dit tegen te gaan onbegonnen werk. We kunnen dan wel zeggen ‘dit willen we niet’, maar dankzij de Grondwet mag het uiteindelijk gewoon wel, en moeten gemeenten, en de Rijksoverheid, zich in de gekste bochten wringen om de oprichting en verspreiding van dergelijke salafistische scholen te voorkomen.’

Lees meer…

SP wijt situatie Cornelius Haga Lyceum aan artikel 23

De regering moet slechte scholen kunnen sluiten en foute bestuurders kunnen ontslaan. Dat zegt SP-Tweede Kamerlid Jasper van Dijk naar aanleiding van de situatie rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Hij hekelt in dit kader artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs.

Het onderwijs aan het Cornelius Haga Lyceum zou niet goed zijn voor de democratie en gericht zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Artikel 23

Van Dijk hekelt in dit kader artikel 23, omdat dit grondwetsartikel volgens hem het aanpakken van islamitische, christelijke en joodse scholen vrijwel onmogelijk maakt.

Hij wijst erop dat schoolbestuurders niet kunnen worden ontslagen als er sprake is van antidemocratisch onderwijs of wanneer integratie wordt tegengewerkt. Van Dijk wil de wet op dat punt aanscherpen.

Moderniseren

Hij voegt daaraan toe dat artikel 23 moet worden gemoderniseerd. ‘Wij willen dat scholen algemeen toegankelijk worden en niet langer een deurbeleid kunnen voeren op grond van religie’, aldus de SP’er.

Lees meer…

Klassenfoto tijdens Offerfeest geen discriminatie

De openbare Maria Montessorischool in Den Haag heeft niet schuldig gemaakt aan discriminatie bij het nemen van klassenfoto’s tijdens het islamitische Offerfeest. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag in hoger beroep beslist.

In 2015 kwam de schoolfotograaf langs op de eerste dag van het Offerfeest. Twee leerlingen uit een islamitisch gezin hadden toen vrij. Zij stonden daardoor niet op de klassenfoto. De ouders vonden dat de school hun kinderen had gediscrimineerd. Ze eisten excuses van de school en daarbovenop een schadevergoeding van 10.000 euro.

De rechter bepaalde dat de school niet goed had gehandeld. De ouders kregen een schadevergoeding toegewezen van 500 euro. Stichting De Haagse Scholen, waaronder de bewuste openbare basisschool valt, ging tegen deze beslissing in beroep.

Voldoende alternatieven, geen discriminatie

Het gerechtshof stelt de school nu in het gelijk. Het hof houdt er rekening mee dat de school de bedoeling had om de komst van de schoolfotograaf niet te laten samenvallen met het Offerfeest. Dat bleek echter een dag later te beginnen dan de school dacht.

Bovendien bood de school alternatieven aan. Zo is de schoolfotograaf die dag vroeger begonnen. Van die mogelijkheid hebben meerdere islamitische ouders gebruikgemaakt.

Daarnaast zijn door de adjunct-directeur later opnieuw klassenfoto’s gemaakt. Op die foto’s, die gratis ter beschikking zijn gesteld, staan wel alle leerlingen. De schoolfotograaf heeft ook nog individuele foto’s van de twee leerlingen gemaakt.

Het gerechtshof oordeelt dat de school voldoende compenserende maatregelen heeft genomen. Er kan niet worden gesteld dat de school schuldig is aan discriminatie.

Lees de uitspraak

Reactie De Haagse Scholen

De Haagse Scholen laat op Facebook weten blij te zijn met deze uitspraak. ‘Het is een bevestiging dat het handelen van de school in eerste instantie onjuist is beoordeeld.’ Het schoolbestuur noemt het spijtig dat het nodig was een gerechtelijke procedure te doorlopen.

Voor zover bekend is er geen reactie beschikbaar van de islamitische ouders.

Nog onduidelijk wanneer boerkaverbod ingaat

Het lijkt onwaarschijnlijk dat het boerkaverbod in onder andere het onderwijs in januari ingaat. D66-minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken wil eerst nog met alle betrokken partijen overleggen over de handhaving van dit verbod. Daardoor kan het nog wel vele maanden gaan duren voordat het boerkaverbod van kracht wordt, meldt het AD.

Afgelopen juni stemde na de Tweede Kamer ook de Eerste Kamer in met het boerkaverbod in onder andere het onderwijs. Het idee voor dit verbod stond al in het regeerakkoord van het vorige kabinet onder leiding van VVD-premier Mark Rutte. Het werd ingediend door toenmalig PvdA-minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken.

Het regelt niet alleen een verbod op boerka’s, maar ook op andere gezichtsbedekkende kleding, zoals bivakmutsen en de integraalhelmen. De gedachte achter het verbod is dat het dragen van een boerka en andere gezichtsbedekkende kleding het veiligheidsgevoel van mensen aantast. Ook de niqaab, waarbij de ogen nog zichtbaar zijn, valt eronder. Het verbod zal geen betrekking hebben op bijvoorbeeld islamitische hoofddoekjes en joodse keppeltjes, omdat die het gezicht niet bedekken.

Het boerkaverbod zou niet alleen in het onderwijs moeten gaan gelden, maar ook in de zorg, het openbaar vervoer en overheidsgebouwen. Het plan was om het in januari te laten ingaan, maar dat lijkt niet haalbaar. Minister Ollongren zegt tegen het AD dat er nog met alle betrokken partijen moet worden overlegd over de manier waarop het gehandhaafd kan worden. Daardoor kan het nog vele maanden gaan duren.

Lees meer…

Geen paasontbijt, wel Suikerfeest

‘Basisscholen bepalen zelf welke feesten, vieringen of herdenkingen op school plaatsvinden’. Dat zegt onderwijsminister Arie Slob in antwoord op Kamervragen na een bericht over de openbare Theo Thijssenschool in Amsterdam, die dit schooljaar het paasontbijt overslaat en aandacht besteedt aan het islamitische Suikerfeest. Dit werd in oktober gemeld in deze nieuwsbrief van de school.

De Kamervragen waren van de VVD-Kamerleden Rudmer Heerema en Bente Becker. Zij wilden onder meer van de minister weten of ook hij vindt dat ‘Nederlandse tradities’ op scholen niet mogen plaatsmaken voor ‘tradities uit andere religies en culturen, zoals het Suikerfeest’.

Slob antwoordt daarop dat scholen zelf bepalen hoe ze leerlingen kennis laten maken met ‘geestelijke stromingen die in Nederland een belangrijke rol spelen’. Hij voegt eraan toe dat scholen zich moeten richten ‘op het bevorderen van actief burgerschap en sociale integratie, op het leren over de pluriforme samenleving en op kennis hebben van en kennismaken met verschillende achtergronden en culturen van leeftijdgenoten’.

Het is volgens de minister aan de school om hier in overleg met de ouders en de leerkrachten een passende invulling aan te geven.

Aandacht voor verschillende stromingen

De school legt uit dat het paasontbijt dit jaar wordt overgeslagen, omdat het moeilijk te combineren is met de meivakantie en ‘lopende thema’s’. Tevens benadrukt de school ook aandacht te besteden aan het pesachfeest binnen het jodendom, het lichtjesfeest (Divali) binnen het hindoeïsme en aan het christelijke kerstfeest (met het kerstdiner). De school besteedt bovendien aandacht aan het humanisme.

Lees meer…

Wet in stelling brengen tegen diversiteit? Niet doen!

Een wet die vastlegt dat ouders hun kinderen kunnen thuishouden als met de klas een bezoek wordt gebracht aan een gebedshuis? Dat moeten we niet willen, want dat botst met de actief-pluriforme opdracht van de openbare scholen!

Het bevindelijk gereformeerde Tweede Kamerlid Roelof Bisschop van de SGP wil dat ouders wettelijk het recht krijgen om hun kinderen thuis te houden als er een excursie wordt georganiseerd naar bijvoorbeeld een moskee. Het gaat hem te ver dat kinderen daar kunnen ervaren hoe het is om als moslim te bidden.

Zijn wens krijgt kritiek uit eigen christelijke kring. Interimbestuurder Cor Clarijs van de christelijke profielorganisatie Verus vindt schoolexcursies naar niet-christelijke gebedshuizen prima. De gedachte dat kinderen in de moskee worden geïndoctrineerd of onderworpen aan de islam, is volgens hem nergens op gestoeld. We moeten ons verstand gebruiken, benadrukt hij, en ons niet laten regeren door onderbuikgevoelens.

Openbaar onderwijs

Daar ben ik het helemaal mee eens, met name ook vanuit de kernwaarden van het openbaar onderwijs. De openbare scholen weerspiegelen de diverse samenleving in al haar facetten en bereiden kinderen voor om daar op een positieve en opbouwende manier deel van uit te maken. Daar horen gelijkwaardigheid en wederzijds respect bij.

Er zijn verschillen – gelukkig maar! – en daar besteden openbare scholen aandacht aan. Soms schuurt het, maar dat biedt de kans om ook met ouders het gesprek aan te gaan, juist in het openbaar onderwijs. Als iedereen maar klakkeloos ja en amen zegt, wordt het een grijze wereld waarin we geen kleur meer kunnen bekennen.

Dus voorschrijven in een wet dat leerlingen niet hoeven deel te nemen aan dergelijke excursies? Nee, dat past niet bij de actief-pluriforme opdracht van het openbaar onderwijs. Het gesprek aangaan en kritisch kijken naar het waarom van bepaalde schoolactiviteiten? Ja graag!

Marleen Lammers, beleidsmedewerker VOS/ABB

‘Kinderen thuishouden bij moskeebezoek gaat te ver’

Het gaat te ver om kinderen thuis te houden als ze bij een moskeebezoek gaan bidden als moslim. Dat vindt interim-bestuurder Cor Clarijs van de christelijke profielorganisatie Verus.

De rooms-katholieke Clarijs reageert in de Telegraaf op een voorstel van de SGP om ouders het recht te geven hun kinderen thuis te houden als de klas op bezoek gaat bij een moskee en de kinderen daar leren hoe het is om als moslim te bidden. Dat laatste vindt het bevindelijk gereformeerde SGP-Kamerlid Roelof Bisschop niet kunnen.

‘Als de ouders er moeite mee hebben, kan dat prima worden besproken en naar een alternatief worden gezocht; bijvoorbeeld in de vorm van een vervangende opdracht’, aldus Clarijs. Volgens hem worden tijdens schoolexcursies naar niet-christelijke gebedshuizen leerlingen nooit verplicht mee te doen aan rituelen, zoals islamitisch bidden. ‘De suggestie dat kinderen worden geïndoctrineerd of onderworpen aan de islam, is nergens op gestoeld’, benadrukt de voorzitter van Verus.

Hij voegt daaraan toe dat we ons verstand moeten gebruiken. ‘Handel niet staccato op je onderbuikgevoelens en respecteer elkaar.’

Lees ook dit bericht op de website van Verus.

Slob: ‘Islamitische basisschool geen bedreiging’

‘In de praktijk zijn er talloze voorbeelden van openbare en bijzondere scholen die zonder problemen een schoolgebouw delen’, antwoordt onderwijsminister Arie Slob op vragen van de PVV over een openbare en een islamitische basisschool in Utrecht die sinds kort in één gebouw zitten.

Tweede Kamerlid Harm Beertema van de PVV van Geert Wilders had vragen gesteld aan Slob over het inhuizen van de Utrechtse islamitische basisschool Al Arqam in het gebouw dat voorheen alleen door openbare basisschool De Klimroos werd gebruikt.

Volgens Beertema zal dit ertoe leiden dat ‘het Nederlandse karakter en het Nederlandse pedagogische klimaat van openheid, vrijheid en respect voor vrouwen, seksueel anders geaarden en ongelovigen ernstig in gevaar komt’. Slob weerspreekt dat. Hij benadrukt dat ‘het uitdragen van de fundamentele waarden van onze democratische rechtsstaat’ een taak is van alle scholen. ‘Dat geldt ook voor het bevorderen van onderlinge verbinding in de samenleving’, aldus de minister.

Hij voegt daaraan toe dat er ‘in de praktijk talloze voorbeelden (zijn) van openbare en bijzondere scholen (van verschillende richtingen) die zonder problemen een schoolgebouw delen’.

Het bestuur van obs De Klimroos tekende bezwaar aan tegen de komst van Al Arqam, maar de rechter bepaalde in juli dat de openbare basisschool ruimte moest maken voor de komst van de islamitische basisschool. Daar legde het bestuur van de openbare basisschool zich bij neer.

Lees meer…

Eerste Kamer stemt in met boerkaverbod

Na de Tweede Kamer heeft nu ook de Eerste Kamer ingestemd met het boerkaverbod in onder andere het onderwijs.

Het wetsvoorstel voor het boerkaverbod kwam voort uit het regeerakkoord van het vorige kabinet onder leiding van VVD-premier Mark Rutte. Het werd ingediend door voormalig PvdA-minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken.

Het regelt niet alleen een verbod op boerka’s, maar ook op andere gezichtsbedekkende kleding, zoals de bivakmuts en de integraalhelm. De gedachte achter het verbod is dat het dragen van een boerka die het gezicht bedekt, het veiligheidsgevoel van mensen aantast. Ook de niqaab, waarbij de ogen nog zichtbaar zijn, valt onder het verbod. Het heeft geen betrekking op bijvoorbeeld islamitische hoofddoekjes en joodse keppeltjes, omdat die het gezicht niet bedekken.

Het boerkaverbod gaat niet alleen in het onderwijs gelden, maar ook in de zorg, het openbaar vervoer en overheidsgebouwen. Het gaat waarschijnlijk pas over zes maanden in. In de tussentijd kunnen onder andere scholen zich erop voorbereiden.

Stemming boerkaverbod uitgesteld

De stemming in de Eerste Kamer over het boerkaverbod in onder andere het onderwijs is met een week uitgesteld tot dinsdag 26 juni.

Het uitstel kwam er op verzoek van de SP die met een motie komt. Dit zal waarschijnlijk niet van invloed zijn op de verwachte meerderheid voor het boerkaverbod.

Veiligheidsgevoel

Het wetsvoorstel voor het boerkaverbod kwam voort uit het regeerakkoord van het vorige kabinet onder leiding van VVD-premier Mark Rutte. Het werd ingediend door voormalig PvdA-minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken.

Het regelt niet alleen een verbod op boerka’s, maar ook op andere gezichtsbedekkende kleding, zoals de bivakmuts en de integraalhelm. De gedachte achter het verbod is dat het dragen van een boerka die het gezicht bedekt, het veiligheidsgevoel van mensen aantast. Ook de niqaab, waarbij de ogen nog zichtbaar zijn, valt onder het voorgestelde verbod. Het wetsvoorstel heeft geen betrekking op bijvoorbeeld islamitische hoofddoekjes en joodse keppeltjes, omdat die het gezicht niet bedekken.

Onderwijs, openbaar vervoer, overheidsgebouwen

Het wetsvoorstel is in november 2016 goedgekeurd door de Tweede Kamer. Als de Eerste Kamer er ook mee instemt, gaat het boerkaverbod gelden in het onderwijs, de zorg, het openbaar vervoer en overheidsgebouwen.

Meerderheid Eerste Kamer voor boerkaverbod

In de Eerste Kamer tekent zich een meerderheid af voor een gedeeltelijk boerkaverbod, dat onder andere van kracht wordt in het onderwijs. Dat bleek dinsdag tijdens een debat over het wetsvoorstel dat dit verbod moet regelen.

Het wetsvoorstel voor het boerkaverbod kwam voort uit het regeerakkoord van het vorige kabinet onder leiding van VVD-premier Mark Rutte. Het werd ingediend door voormalig PvdA-minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken.

Het regelt niet alleen een verbod op boerka’s, maar ook op andere gezichtsbedekkende kleding, zoals de bivakmuts en de integraalhelm. De gedachte achter het verbod is dat het dragen van een boerka die het gezicht bedekt, het veiligheidsgevoel van mensen aantast. Ook de niqaab, waarbij de ogen nog zichtbaar zijn, valt onder het voorgestelde verbod. Het wetsvoorstel heeft geen betrekking op bijvoorbeeld islamitische hoofddoekjes en joodse keppeltjes, omdat die het gezicht niet bedekken.

Het wetsvoorstel is in november 2016 goedgekeurd door de Tweede Kamer. Als de Eerste Kamer er ook mee instemt, gaat het boerkaverbod gelden in het onderwijs, de zorg, het openbaar vervoer en overheidsgebouwen. De Senaat stemt erover op dinsdag 19 juni.

‘Godsdienstleraar kan moslimleerling beter overtuigen’

Een juf op een openbare basisschool kan een islamitische leerling minder goed overtuigen dan een godsdienstleraar op een islamitische school, stelt Marietje Beemsterboer in NRC. Zij deed als promovenda aan de Universiteit Leiden onderzoek naar de religieuze identiteit van islamitische basisscholen in de maatschappelijke context waarin deze scholen zich bevinden.

Beemsterboer interviewde voor haar onderzoek directeuren, leraren en godsdienstleerkrachten van negentien islamitische basisscholen. Haar conclusie is dat islamitisch onderwijs de integratie van moslims kan bevorderen.

‘Door de geborgen omgeving kunnen moeilijke onderwerpen worden besproken. Als een boodschap met veel tact en respect voor de islamitische achtergrond wordt gebracht, is de kans groter dat een leerling zich ervoor openstelt. Hij of zij komt dan niet in een loyaliteitsconflict met de thuissituatie’, zo citeert NRC haar.

Homoseksualiteit

Als voorbeeld noemt ze homoseksualiteit. ‘Op een openbare basisschool zal de juf vertellen dat je verliefd kunt zijn op zowel mannen als vrouwen. Kinderen uit een islamitisch gezin denken dan: ‘Mijn juf weet dat misschien niet, maar die boodschap geldt niet voor mij.’

Op een islamitische basisschool wordt het onderwerp niet behandeld door de juf, maar door een godsdienstleerkracht. ‘Die wordt door leerlingen en ouders vertrouwd. Als díe vertelt dat homoseksualiteit in Nederland geaccepteerd is, en dat je niets te maken hebt met het privéleven van een ander, dan is de kans groter dat de boodschap aankomt’, aldus Beemsterboer.

Lees meer…

Slob: Logisch dat scholen rekening houden met ramadan

Hoe en wanneer onderdelen van het onderwijsprogramma worden aangeboden is aan de scholen. Het spreekt voor zich dat zij daarbij rekening houden met de achtergrond van hun leerlingen. Daarmee reageert onderwijsminister Arie Slob op vragen van de PVV over het openbare Rijswijks Lyceum, dat bij de planning van het onderwijs rekening houdt met de islamitische vastenmaand ramadan.

De vragen van de PVV volgden op een artikel in NRC. Daarin komt biologieleraar Rashid El Mouhamadi van het Rijswijks Lyceum aan het woord. Hij zegt dat bij de planning van de leerstof rekening wordt gehouden met de ramadan. ‘Bepaalde onderwerpen vermijden we, zoals voortplanting en seksualiteit. Dat wordt wel behandeld, maar op een ander moment in het jaar’, zo citeert de krant de biologieleraar.

Dat schoot bij Kamerleden van de anti-islamitische PVV van Geert Wilders in het verkeerde keelgat. Zij wilden van minister Slob weten hoe hij hierover denkt. Die antwoordt dat het onderwijs in overeenstemming moet zijn met de kerndoelen en eindtermen, maar dat het aan de scholen is om te bepalen hoe en wanneer zij de onderdelen van hun onderwijsprogramma aan bod laten komen. Het spreekt volgens Slob voor zich dat scholen daarbij rekening houden met de achtergrond van hun leerlingen.

Geen sprake van verplicht bezoek aan moskee

Burgemeester Tjeerd van der Zwan van de gemeente Heerenveen heeft er nooit voor gepleit om in het kader van maatschappijleer leerlingen te verplichten een moskee te bezoeken. Dat benadrukt onderwijsminister Arie Slob in reactie op Kamervragen.

De vragen waren afkomstig van de PVV, die zich baseerde op een artikel in de Leeuwarder Courant. Daarin staat dat volgens burgemeester Van der Zwan met een bezoek aan een moskee vooroordelen over de islam kunnen verdwijnen.

Nergens in het artikel spreekt de burgemeester over een verplicht moskeebezoek, maar Geert Wilders en zijn PVV-fractiegenoten Harm Beertema en Machiel de Graaf lazen dat er wel in en stelden op basis van hun interpretatie vragen op. Slob reageert daarop door te benadrukken dat de uitlatingen, zoals de PVV die verwoordt, niet zijn gedaan.

Ex-Pegida-lid viel als Zwarte Piet school binnen

Een voormalig lid van de extreemrechtse anti-islamgroep Pegida deed mee aan de Zwarte Pieten-inval in openbare basisschool De Cirkel in Utrecht, meldt de Volkskrant.

De krant sprak met Hugo Kuijper, die lid was van Pegida. Deze extreemrechtse groepering met Duitse wortels zegt zich sterk te maken voor het behoud van de westerse cultuur. De afkorting Pegida staat voor ‘Patriotische Europäer gegen die Islamisierung des Abendlandes’, waarbij met ‘Abendland’ het Westen wordt bedoeld.

De Volkskrant schrijft dat Kuijper de inval in obs De Cirkel niet in verband wil brengen met extreemrechts gedachtegoed. ‘Ik ben niet extreemrechts, ik ben geen racist’, aldus Kuijper, die zegt wel aanhanger te zijn van de PVV van Geert Wilders en Forum voor Democratie van Thierry Baudet.

Hij zegt in de krant ook dat nu de vluchtelingenproblematiek in een wat rustiger vaarwater is gekomen, er meer tijd is om te demonstreren voor het behoud van de traditionele Zwarte Piet.

Actievoerders verkleed als Zwarte Piet

Er kwamen donderdagmiddag 23 november actievoerders verkleed als Zwarte Piet het plein van basisschool De Cirkel op. Ze gingen ook lokalen binnen. Dat gebeurde vlak voordat de school uitging. De actievoerders deelden pepernoten en stickers uit. Toen ze de school weer verlieten, zouden ze discriminerende opmerkingen hebben gemaakt.

Directeur Jochem Grimmelikhuizen van obs De Cirkel heeft de actie bij de politie gemeld.

‘Vrienden’ in plaats van Zwarte Piet

Het bestuur van SPO Utrecht, waar obs de Cirkel onder valt, beschouwt Zwarte Piet als een figuur met racistische kenmerken. Daarom neemt Sinterklaas geen Zwarte Pieten meer mee naar de Utrechtse openbare scholen, maar laat hij zich begeleiden door ‘vrienden’ aan wie tegenstanders van de traditionele Zwarte Piet geen aanstoot kunnen nemen.

Hoger beroep in zaak rond gemiste klassenfoto

De Haagse Scholen voor openbaar primair onderwijs in Den Haag gaat in beroep tegen de uitspraak in de zaak over een gemiste klassenfoto. De stichting werd in juli veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding van 500 euro vanwege indirect onderscheid op basis van geloofsovertuiging (discriminatie).

De Haagse Scholen werden veroordeeld tot het betalen van de schadevergoeding, omdat twee leerlingen van de openbare Maria Montessorischool in Den Haag niet op de klassenfoto konden vanwege het islamitische Offerfeest. De fotosessie was op de dag van dat feest gepland.

De moeder van de kinderen spande een rechtszaak aan, omdat zij het discriminerend vond dat de school de fotograaf juist op een islamitische feestdag liet komen, waardoor haar kinderen niet op de foto konden. Ze eiste een schadevergoeding van 10.000 euro. Dat bedrag ging de Haagse kantonrechter te ver, maar deze vond 500 euro (250 euro per kind) wel op zijn plaats, omdat de school volgens de rechter onderscheid heeft gemaakt tussen leerlingen. Dat mag niet volgens de Algemene wet gelijke behandeling.

De school voerde aan dat geprobeerd is de afspraak met de schoolfotograaf te verzetten, maar dat dat helaas niet lukte. Daarna is de fotograaf op een andere dag teruggekomen om van de islamitische leerlingen individuele foto’s te maken, maar de klassenfoto kon toen niet worden overgemaakt.

Openbaar onderwijs, iedereen welkom

De Haagse Scholen gaan in een persbericht in op het besluit om in hoger beroep te gaan. In het persbericht wordt benadrukt dat op openbare scholen iedereen welkom is en dat het openbaar onderwijs zich maximaal inzet om het onderwijs voor ieder kind toegankelijk te maken. ‘De school houdt dan ook bij het opstellen van de jaarkalender rekening met (onder andere islamitische) feestdagen’, zo staat er.

De planning van de klassenfoto berustte volgens de stichting op een misverstand, waarna actie ondernomen is om de gevolgen daarvan te herstellen. ‘De school heeft diverse initiatieven genomen om het zo goed mogelijk te organiseren voor de ouders die deze dag met hun kinderen het Offerfeest wilden vieren. Er zijn bijvoorbeeld vervangende foto’s vervaardigd en gratis beschikbaar gesteld. Helaas bleken de getroffen maatregelen onvoldoende voor de eisende ouders.’

Het oordeel van de kantonrechter dat de stichting indirect onderscheid heeft gemaakt op grond van geloofsovertuiging (discriminatie) is volgens de stichting onjuist. ‘Na een zorgvuldige afweging willen we deze zaak opnieuw laten beoordelen en kiezen wij voor hoger beroep. Daarbij speelt vooral een rol dat de rechtbank in eerste aanleg de feitelijke gang van zaken niet volledig heeft getoetst. De stichting heeft behoefte aan een uitspraak op basis van een volledige beoordeling van de gang van zaken.’

‘Meer burgerschapsonderwijs nodig’

In Nederlandse scholen moet meer aandacht komen voor burgerschapsonderwijs. Dat vindt Friso Roscam Abbing van de Europese Fundamental Rights Agency (FRA).

Hij gaat bij de NOS in op een onderzoek van het FRA waaruit blijkt dat moslims in Nederland zich vaker gediscrimineerd voelen dan in andere Europese landen. Ze zouden bijvoorbeeld moeilijker een woning krijgen vanwege hun Arabisch klinkende achternaam. Ook zouden ze op hun werk geen pauze mogen nemen om te bidden of geen vrij krijgen op islamitische feestdagen.

‘Als mensen stelselmatig slachtoffer worden van discriminatie, brokkelt het vertrouwen af. Er is geen directe link tussen discriminatie en extremisme, maar het gevoel te worden buitengesloten, maakt vatbaar voor alternatieve ideeën waaronder ook extremisme’, aldus Roscam Abbing. Hij pleit daarom voor meer burgerschapsonderwijs.

Lees meer…

Religies bij elkaar optellen? Zo werkt het niet!

De staatssecretaris van OCW heeft terecht geweigerd om een nieuwe school op islamitische én hindoeïstische grondslag te bekostigen. Dat meldt de Raad van State (RvS).

De RvS vindt dat bij een combinatie van verschillende levensbeschouwelijke of religieuze richtingen niet klakkeloos kan worden volstaan met een optelsom van het leerlingenpotentieel van elke afzonderlijke richting.

Die optelsom zou wel gemaakt mogen worden als verschillende levensbeschouwelijke richtingen min of meer in elkaars verlengde liggen, maar daarvan is volgens de RvS geen sprake bij de combinatie van islam en hindoeïsme.

Lees meer…

Onderwijswet botst met maatschappelijk belang

De onderwijswetgeving in Nederland botst soms met het maatschappelijke belang van goed onderwijs. Dat blijkt uit antwoorden van demissionair staatssecretaris Sander Dekker van OCW op Kamervragen van de PVV over de bekostiging van een omstreden islamitische school voor voortgezet onderwijs in Amsterdam.

Dekker heeft zich lange tijd verzet tegen bekostiging van deze school, omdat die volgens hem niet zou voldoen aan de eisen op het gebied van actief burgerschap en sociale integratie. Hij zag voor het bestuur van de school problemen vanwege een publiekelijke steunbetuiging aan de islamitische terreurorganisatie IS.

De staatssecretaris trok het stichtingsbesluit voor de school in. Daarbij gebruikte hij het argument dat niet mocht worden aangenomen dat de voorspelde leerlingenaantallen zouden worden gehaald. De Raad van State oordeelde dat Dekker dit niet had mogen doen, omdat aan zijn besluit geen feiten of omstandigheden ten grondslag lagen. Later die maand oordeelde de raad dat Dekker de omstreden school moest bekostigen.

Democratie en rechtsorde

In antwoord op Kamervragen van de PVV zegt Dekker nu dat hij niet anders kon dan de school bekostigen, omdat hij ‘in onze democratie en rechtsorde’ de uitspraak van de Raad van State dient te respecteren. Tegelijkertijd meldt hij dat hiermee de zorgen over het bestuur van SIO niet zijn weggenomen.

‘De realiteit is dat de rechter heeft geoordeeld dat de onderwijswetgeving zich in dit geval niet verzet tegen de start van deze school. Ik wil er alles aan doen om te zorgen dat kinderen het onderwijs krijgen waar ze recht op hebben en dat ze leren wat het betekent om deel uit te maken van onze Nederlandse samenleving, ongeacht de grondslag van dat onderwijs’, aldus de staatssecretaris.

Het komt er volgens hem nu op aan dat ‘de school van SIO daadwerkelijk invulling geeft aan de kwaliteitseisen die voor alle vo-scholen gelden, waaronder die op het gebied van burgerschap’. Hij heeft de Inspectie van het Onderwijs gevraagd om erop toe te zien dat het bestuur voldoet aan deze wettelijke eisen.

Lees meer…

Stichtingsbesluit intrekken kan niet zomaar

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW had het stichtingsbesluit voor een omstreden islamitische school voor voortgezet onderwijs in Amsterdam niet mogen intrekken. Dat meldt de Raad van State.

De voorzieningenrechter van de afdeling Bestuursrechtspraak oordeelt dat Dekker het stichtingsbesluit niet had mogen intrekken, omdat hij daaraan geen feiten of omstandigheden ten grondslag had gelegd op grond waarvan mocht worden aangenomen dat de voorspelde leerlingaantallen niet zouden worden gehaald.

De tik op de vingers van de staatssecretaris betekent nog niet dat de omstreden islamitische school in Amsterdam er nu kan komen. Dekker besloot namelijk onlangs om de stichting die de school wil oprichten, hier geen bekostiging voor te geven. Over het negatieve bekostigingsbesluit loopt nog een gerechtelijke procedure.

Actief burgerschap en sociale integratie

De staatssecretaris wil de school in Amsterdam van de Stichting Islamitisch Onderwijs (SIO) niet bekostigen, omdat die volgens hem niet voldoet aan de eisen op het gebied van actief burgerschap en sociale integratie.

Lees meer…

Veel leerlingen denken negatief over moslims

Niet-islamitische vmbo’ers oordelen over het algemeen negatiever over moslims dan niet-islamitische havo- en vwo-leerlingen. Dat staat in het rapport Oorzaak en triggerfactoren moslimdiscriminatie in Nederland.

Voor wat betreft het opleidingsniveau van niet-islamitische jongeren blijkt dat vwo-scholieren het positiefst oordelen over islamitische bevolkingsgroepen. Onder vmbo’ers met een niet-islamitische achtergrond is dat oordeel aanmerkelijk negatiever. Het oordeel is gemiddeld het negatiefst onder mbo’ers.

Uit interviews met niet-islamitische jongeren blijkt dat zij verschillende (voor)oordelen hebben over moslims. Die worden onder andere geassocieerd met jongeren die overlast veroorzaken. Ook wordt gedacht aan mensen die negatief denken over homoseksualiteit of die gelijke rechten van mannen en vrouwen afwijzen.

Lees meer…

Actief burgerschap vereiste voor bekostiging

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW handhaaft zijn besluit om de Stichting Islamitisch Onderwijs niet te bekostigen, omdat deze stichting volgens hem niet voldoet aan de voorwaarde om actief burgerschap en sociale integratie te bevorderen. Dat staat in een brief aan de Tweede Kamer.

‘Voor dit bestuur voorzie ik vooral voor deze opdracht grote problemen vanwege een publiekelijke steunbetuiging aan IS van een (oud-)bestuurder van SIO, het niet onmiddellijk en publiekelijk afstand nemen daarvan door de overige bestuurders en het weigeren van medewerking aan onderzoek daarnaar’, aldus Dekker.

De staatssecretaris besloot vorig jaar al dat SIO geen bekostiging kreeg, maar het bestuur ging tegen dit besluit in beroep, omdat de stichting al over huisvesting beschikt. Voor Dekker maakt dit niet uit. Hij blijft erbij dat deze stichting voor islamitisch onderwijs geen rijksbekostiging krijgt, omdat volgens hem niet wordt voldaan aan de voorwaarde om actief burgerschap en sociale integratie te bevorderen.

Gedeeld burgerschap

De weigering van Dekker om bekostiging beschikbaar te stellen, sluit aan bij wat rechtsgeleerde en CDA-politicus Ernst Hirsch Ballin onlangs zei op het congres van de PO-Raad in Nijkerk. Hij zei daar dat bijzonder onderwijs ‘niet al te bijzonder’ moet worden. Daarmee bedoelde hij dat we ervoor moeten oppassen dat er in het bijzonder onderwijs stromingen opkomen die onvoldoende oog hebben voor gedeeld burgerschap.

Lees meer…