‘AOW-leeftijd stagneert na dodelijke griepgolven’

De AOW-leeftijd zal tussen 2022 en 2025 waarschijnlijk niet verder stijgen. Dat is het gevolg van de griepgolven in 2017 en 2018, meldt de Volkskrant.

Door de hoger dan gemiddelde sterfte in de afgelopen twee winters stagneert de levensverwachting. De wettelijke pensioenleeftijd is daar na 2022 direct aan gekoppeld en gaat dus vermoedelijk evenmin omhoog, meldt de krant, die zich baseert op cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

In de eerste negentien weken van dit jaar stierven er per dag gemiddeld meer mensen dan in dezelfde periode in 2017, en die winter was weer dodelijker dan die van 2016. In heel 2017 overleden ook meer meer Nederlanders dan in 2016.

Lees meer…

 

 

‘AOW-leeftijd minder snel naar 67 jaar’

De AOW-leeftijd moet minder snel naar 67 jaar en er moeten meer regelingen komen om werknemers vervroegd met pensioen te laten gaan. Dat staat in het concept van het pensioenakkoord van werkgeversorganisaties en vakbonden, meldt de Telegraaf.

De krant zegt het conceptakkoord in handen te hebben. Daarin staat volgens de Telegraaf dat de stijging van de AOW-leeftijd met een vertraging van vier jaar naar 67 jaar moet.

Ook zou er veel meer ruimte moeten komen voor vervroegde uittreding van oudere werknemers. ‘Er zijn meer mogelijkheden nodig voor de huidige generatie oudere werknemers om eerder te stoppen met werken als het niet langer gaat’, zo citeert de krant uit het concept.

De NOS meldt dat vakbonden en werkgevers tegenspreken dat ze een akkoord hebben gesloten. ‘Ze wijzen erop dat er meerdere stukken rondgaan tijdens de onderhandelingen’, aldus de omroep. Omdat er geen definitief akkoord is, wil het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid nog niet reageren.

In België hebben leraren officieel ‘zwaar beroep’

In België staan alle leerkrachten uit het kleuter-, lager en middelbaar onderwijs op de lijst met zware beroepen, meldt De Standaard.

Ook ondersteunende functies in het onderwijs gelden in België als zwaar beroep, met uitzondering van administratief personeel.

Wie een zwaar beroep heeft, zal in België vroeger met pensioen kunnen. Volgens De Standaard kan dat in de praktijk twee tot zes jaar schelen. Het is ook mogelijk dat iemand met een zwaar beroep in België een hoger pensioen krijgt.

In 2020 moet in België een nieuw pensioensysteem in werking treden dat rekening houdt met de zwaarte van het beroep.

Lees meer…

ABP heeft last van dalende beurskoersen

De dreiging van een handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten drukt de beurskoersen. Daardoor is de dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) in het eerste kwartaal van dit jaar met 1,4 procentpunt gedaald tot 103,0 procent.

Het ABP meldt dat deelnemers erop moeten rekenen dat met de huidige stand ‘verhoging van pensioen de komende vijf jaar niet of nauwelijks aan de orde zal zijn’. Tegelijkertijd meldt het fonds dat de kans ‘heel klein’ is dat de pensioenen in 2019 moeten worden verlaagd.

Het ABP is het grootste pensioenfonds van Nederland. Het beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Leraren in België mogelijk eerder met pensioen

De regering in België bekijkt of het beroep van leraar kan worden toegevoegd aan de lijst met zware beroepen. Als dat gebeurt, kunnen leraren in België twee jaar of misschien wel vier jaar eerder met pensioen.

Wie lesgeeft in het lager (primair) of secundair (voortgezet) onderwijs zou in het meest gunstige geval twee jaar sneller met pensioen kunnen. Kleuterleiders en leerkrachten in het bijzonder onderwijs zitten een categorie hoger en zouden tot vier jaar vroeger kunnen stoppen, meldt de Vlaamse krant De Morgen.

Lees meer…

Einde ANW-compensatie waarschijnlijk uitgesteld

Het vervallen van de ANW-compensatie wordt zeer waarschijnlijk uitgesteld. Een woordvoerder van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) heeft tegenover VOS/ABB een scenario geschetst dat hierop wijst.

Het ABP heeft onder anderen werknemers in het onderwijs onlangs geïnformeerd over het afschaffen van de ANW-compensatie per 31 januari 2018 (ANW staat voor Algemene Nabestaanden Wet).

De sociale partners zijn echter nog met elkaar in gesprek om de hiaat te repareren. Waarschijnlijk zullen zij het bestuur van het ABP vragen om uitstel van de afschaffing van de ANW-compensatie. Er zijn berichten dat er uitstel wordt gevraagd tot 1 mei, maar dat is niet bevestigd.

Een woordvoerder van het ABP meldt aan VOS/ABB dat het niet voor hand ligt dat het bestuur van het pensioenfonds een verzoek tot uitstel zal afwijzen. Zij kon niet melden hoe lang het uitstel dan zou gaan duren.

Wat is ANW-hiaat?

Het vervallen van deze compensatie betekent dat bij overlijden van een werknemer zijn of haar nabestaanden financieel nadeel kunnen ondervinden, doordat het ABP geen aanvulling meer doet op de nabestaandenuitkering die voorheen door de overheid werd verstrekt.

VOS/ABB en collega-organisatie Verus vinden dit een belangrijke ontwikkeling. Daarom is besloten onze leden hierover te informeren. In een toelichting van onze verzekeringspartner Aon kunt u lezen wat er staat te gebeuren en wat de werknemer hieraan kan doen.

U kunt ook antwoorden op veelgestelde vragen downloaden.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

ABP stoot beleggingen in tabak en kernwapens af

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) stopt met beleggen in tabak en kernwapens. ‘Hiermee zetten we een volgende stap in ons duurzaam en verantwoord beleggingsbeleid’, aldus ABP-voorzitter Corien Wortmann-Kool.

Het ABP belegt 3,3 miljard euro in producenten van tabak en kernwapens. Het fonds streeft ernaar deze beleggingen binnen een jaar verkocht te hebben.

‘Een aantal veranderingen in de samenleving, ook op internationaal niveau, was voor ons de aanleiding om het onderwerp opnieuw op de agenda te zetten. Deelnemers, werkgevers en belangenorganisaties geven steeds meer aan moeite te hebben met beleggingen in tabak en kernwapens’, aldus Wortmann-Knol.

Ook speelden volgens haar ontwikkelingen in wet- en regelgeving, ook op de financiële markten, een rol. ‘Al deze ontwikkelingen, input en perspectieven zijn meegewogen in ons besluit om tabak en kernwapens uit te sluiten’, zo meldt de ABP-voorzitter.

Het ABP is het grootste pensioenfonds van Nederland. Het beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

ANW-compensatie nabestaanden vervalt. Wat nu?

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) heeft werknemers in het onderwijs geïnformeerd over de ANW-compensatie die na 31 januari 2018 niet meer bestaat.

Het vervallen van deze compensatie betekent dat bij overlijden van een werknemer zijn of haar nabestaanden financieel nadeel kunnen ondervinden, doordat het ABP geen aanvulling meer doet op de nabestaandenuitkering die voorheen door de overheid werd verstrekt.

VOS/ABB en collega-organisatie Verus vinden dit een belangrijke ontwikkeling. Daarom is besloten onze leden hierover te informeren. In een toelichting van onze verzekeringspartner Aon kunt u lezen wat er staat te gebeuren en wat de werknemer hieraan kan doen.

U kunt ook antwoorden op veelgestelde vragen downloaden.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

ABP-premie stijgt, pensioenen niet omhoog

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, verkeert nog altijd in zwaar weer. Vanwege de slechte financiële positie van het fonds, stijgen de premies volgend jaar opnieuw en kunnen de pensioenen wederom niet omhoog.

De premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen stijgt van 21,1 procent nu naar 22,9 procent in 2018. In 2019 volgt opnieuw een premiestijging, zo kondigt het ABP nu al aan.

Volgens het ABP zijn de premieverhogingen nodig, omdat de pensioenen duurder zijn geworden door de lage rente en het feit dat we steeds ouder worden. De vereenvoudiging van de  middelloonregeling heeft volgens het fonds ook een verhogend effect. Daarentegen zorgt de verhoging van de pensioenleeftijd naar 68 jaar voor een zekere demping.

Pensioenen niet omhoog

Het ABP meldt ook dat het vanwege de huidige financiële situatie de pensioenen in 2018 niet kan verhogen. Daarvoor was de beleidsdekkingsgraad van 100,2 procent op 31 oktober 2017 niet voldoende. Om te kunnen indexeren, moet die graad minimaal 110 procent zijn.

Het ABP verwacht dat het de komende vijf jaar ook niet of nauwelijks de pensioenen kan verhogen.

Lees meer…

Oudere leraren werken langer door

In het onderwijs is de gemiddelde pensioenleeftijd gestegen naar ruim 64 jaar. Ook werken steeds meer leraren door na hun pensioen. Dat meldt de Algemene Onderwijsbond (AOb), die zich hiervoor baseert op cijfers van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP).

In 2016 was de gemiddelde pensioenleeftijd volgens het ABP 64,09 jaar. In 2010 was dat 63,91. In het basisonderwijs is de gemiddelde pensioenleeftijd het laagst: 63,66 jaar.

De AOb meldt op basis van de ABP-cijfers ook dat meer onderwijswerknemers ervoor kiezen na het bereiken van hun pensioen door te werken. In 2016 deden 3469 mensen dit, terwijl dat er in 2007 nog maar 143 waren.

In het primair onderwijs ging dat aantal omhoog van 51 in 2007 naar 1201 vorig jaar. In het voortgezet onderwijs steeg het van 44 naar 1164.

ABP doet het slechter dan andere pensioenfondsen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, doet het minder goed dan andere pensioenfondsen.

Het ABP meldde onlangs dat de dekkingsgraad in het derde kwartaal dankzij goede beleggingsresultaten is gestegen van 99,3 naar 103,3 procent. Daardoor is de kans kleiner geworden dat het ABP de pensioenen in 2018 moet verlagen.

Uit cijfers van De Nederlandsche Bank blijkt nu dat het ABP met zijn dekkingsgraad aan het einde van het derde kwartaal onder het landelijke gemiddelde van 108,3 procent zit.

Lees meer…

Lerarentekort: meer wijs en grijs in onderwijs

Het aantal leraren dat doorwerkt na hun pensioen is in twee jaar tijd verviervoudigd, meldt Trouw naar aanleiding van het groeiende lerarentekort.

In de krant staat dat eind vorig jaar 1201 medewerkers uit het primair onderwijs nog na hun pensioenverjaardag werkten. In 2014 waren dat er 341. In het voortgezet onderwijs gaat het om 1164 mensen in 2016 en 164 twee jaar eerder. Trouw baseert zich op cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Lerarentekort

Volgens de VO-raad komt de groei van het aantal pensionado’s voor de klas door het lerarentekort. Dat vermoedt ook de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS). Het gaat hoofdzakelijk om leraren, maar ook om conciërges en onderwijsassistenten.

Lees meer…

Dekkingsgraad ABP onder landelijk gemiddelde

De dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) zit onder de gemiddelde dekkingsgraad van de pensioenfondsen in Nederland.

Het ABP meldde onlangs blij te zijn dat dit jaar de pensioenen niet omlaag hoeven, omdat de dekkingsgraad omhoog is gegaan. ‘De actuele dekkingsgraad steeg naar 96,6 procent. Dat niveau ligt ruim boven de kritische grens waarbij pensioenen verlaagd zouden worden. Dat is in 2017 niet aan de orde’, aldus het ABP.

Met de dekkingsgraad van 96,6 procent zit het ABP echter onder het gemiddelde van 97,5 procent van de pensioenfondsen in Nederland, zo blijkt uit informatie van De Nederlandsche Bank.

Opmerkelijk is dat in tegenstelling tot de dekkingsgraad van het ABP, die in het vierde kwartaal steeg, de gemiddelde dekkingsgraad van de pensioenfondsen in diezelfde periode daalde (met 0,6 procent).

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Herstellend ABP blikt voorzichtig vooruit

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) is blij dat dit jaar de pensioenen niet omlaag hoeven, nu de dekkingsgraad omhoog is gegaan. Tegelijkertijd verwacht het ABP dat de pensioenen in de komende vijf jaar niet kunnen worden verhoogd en kan het fonds toekomstige pensioenverlagingen niet uitsluiten.

In het vierde kwartaal van 2016 verbeterde de financiële situatie van ABP aanzienlijk. ‘De actuele dekkingsgraad steeg naar 96,6 procent. Dat niveau ligt ruim boven de kritische grens waarbij pensioenen verlaagd zouden worden. Dat is in 2017 niet aan de orde’, aldus het ABP.

De verbetering van de financiële situatie is volgens het fonds vooral te danken aan de renteontwikkeling in het vierde kwartaal. ‘Door de rentestijging verminderden de verplichtingen met 25 miljard euro. Aan de andere kant maakten we een rendement van 9,5 procent over 2016, waarvan 0,4 procent in het laatste kwartaal.’

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Hogere kosten en baten in evenwicht

Het lijkt erop dat de stijging van personele uitgaven in het voortgezet onderwijs in 2017 gelijke tred zal houden met de stijging van de bekostiging, meldt de VO-raad.

De sectororganisatie zegt zich voor deze verwachting te baseren op de nu beschikbare gegevens. ‘Belangrijk voor deze verwachting is een inschatting van de loonruimte, die het kabinet dit jaar beschikbaar zal stellen’, aldus de VO-raad.

Het kabinet heeft in november toegezegd extra bekostiging te zullen toekennen vanwege de gestegen pensioenpremies. De hogere kosten worden ook veroorzaakt door een eenmalige uitkering van 500 euro.

Pensioenen onderwijs in 2017 niet omlaag

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) gaat dit jaar niet over tot een verlaging van de pensioenen. 

Volgens het ABP volgt uit uit een eerste berekening van de dekkingsgraad dat de pensioenen in 2017 niet omlaag hoeven. De precieze dekkingsgraad wordt eind deze maand bekend, maar het is nu al zeker dat een pensioenverlaging niet aan de orde is.

Tegelijkertijd meldt het fonds dat een verhoging van de pensioenen er de komende jaren waarschijnlijk niet inzit. Het is zelfs mogelijk dat er op den duur toch moet worden verlaagd, afhankelijk van de renteontwikkelingen en de rendementen op de beurs.

Premie pensioenen omhoog

Afgelopen november maakte het ABP bekend de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen in 2017 met 2,3 procentpunt te verhogen van 18,8 naar 21,1 procent. Het fonds noemde dat toen ‘een eerste stap op weg naar een structureel hogere premie’. In april 2016 was er ook al een premieopslag van 17,8 naar 18,8 procent.

Kort na de bekendmaking van de premieopslag kwam het bericht dat het kabinet in 2017 geld beschikbaar stelt om de de hogere premie te compenseren, omdat anders de arbeidsvoorwaarden in onder andere het primair en voortgezet onderwijs financieel in het gedrang komen.

Kabinet compenseert premiestijging ABP

De ministerraad heeft besloten in 2017 extra geld beschikbaar te stellen voor de arbeidsvoorwaarden bij onder andere onderwijswerkgevers. Aanleiding is de door het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) vastgestelde verhoging van de pensioenpremie volgend jaar.

Het kabinet constateert dat de premiestijging in combinatie met reeds overeengekomen loonstijgingen bij het onderwijs tot zorg heeft geleid en voor budgettaire problemen zorgt. Door nu reeds de loonruimte 2017 inclusief extra middelen vast te stellen, worden deze problemen voorkomen.

Met deze bijstelling is een bedrag van 330 miljoen euro gemoeid. Hiermee is volgens het kabinet een loonstijging van gemiddeld 1 procent in onder andere het primair en voortgezet onderwijs gedekt en wordt voorkomen dat er op de salarissen van leraren bezuinigd moet worden.

De precieze invulling van de dekking zal in de voorjaarsnota 2017 plaatsvinden.

ABP-premie stijgt fors, pensioen nóg duurder

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verhoogt in 2017 de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen met 2,3 procentpunt van 18,8 naar 21,1 procent. Het ABP noemt het ‘een eerste stap op weg naar een structureel hogere premie’. Het betreft onder andere de onderwijspensioenen.

Op basis van de verhouding 70/30 gaat de werkgever 14,77 procent betalen en de werknemer (deelnemer) 6,33 procent.

Voor een deelnemer met een maandinkomen van 3500 euro bruto betekent de verhoging van de premie in 2017 dat hij per maand ongeveer 11 euro netto meer betaalt. De werkgever gaat op basis van hetzelfde inkomen 25,60 euro per maand meer betalen.

De belangrijkste redenen voor de forse premiestijging zijn de lage rente en het lagere verwachte rendement in de komende jaren. Ook het feit dat we gemiddeld steeds ouder worden heeft volgens het ABP een verhogend effect op de premie.

In april jongstleden was er ook al een premieopslag van 17,8 naar 18,8 procent. De verhoging per 1 januari 2017 noemt het ABP ‘een eerste stap op weg naar een structureel hogere premie’.

Dekking cao’s aangetast

De premieverhoging in 2017 zal ten koste gaan van een deel van de dekking van de cao’s voor het primair respectievelijk voortgezet onderwijs. In deze cao’s is hier immers geen rekening mee gehouden.

De premiestijging van het ABP zal er ook toe leiden dat er minder onderhandelruimte zal zijn voor de onderwijs-cao’s vanaf oktober 2017. Er is dan immers minder budget beschikbaar.

ABP kan niet indexeren

Door de huidige financiële situatie kan het ABP de pensioenen in 2017 niet verhogen met de prijsontwikkeling. Daarvoor is de beleidsdekkingsgraad van 92,0 procent op 31 oktober 2016 bij lange na niet hoog genoeg. Om te kunnen indexeren moet de beleidsdekkingsgraad namelijk minimaal 110 procent zijn.

Lees meer…

Haat-liefdeverhouding met collectief ABP-pensioen

Mensen uit het onderwijs geven hun pensioen een onvoldoende. Toch willen ze het houden zoals het is, namelijk als collectief stelsel. Dat blijkt uit een enquête van de website Ambtenarensalaris.nl.

Met gemiddeld een 5,7 hebben docenten al geen hoge pet op van hun salaris. Zij noemen daarbij vooral de verantwoordelijkheid en werkdruk die niet in verhouding staan tot wat zij maandelijks op hun rekening gestort krijgen.

Het pensioen scoort met een 5,3 nog lager. Toch geeft bijna de helft aan hun pensioen te willen laten zoals het nu is, namelijk via een collectief pensioenstelsel. Daarbij maakt het niet uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) de pensioenen mogelijk gaat korten.

Lees meer…

Hogere ABP-premie mag onderwijs niet aantasten

Een stijging van de pensioenpremie bij het ABP mag nooit ten koste gaan van het onderwijs. Dat benadrukt de PO-Raad.

Het ziet ernaar uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, de premie fors zal moeten verhogen. Dat heeft te maken met de almaar dalende rente en niet al te rooskleurige resultaten op de beurs.

Als de ABP-premie fors omhoog gaat, heeft dat direct gevolgen voor de financiële positie van de schoolbesturen. De sectororganisatie van het primair onderwijs vindt dat het kabinet moet garanderen dat de stijgende pensioenkosten geen gevolgen zullen hebben voor het onderwijs.

Lees meer…

Compensatie voor hogere herstelopslag ABP

Het kabinet heeft de ophoging van de herstelopslag van de premie van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) gecompenseerd. Dat blijkt uit de nieuwe Regeling bekostiging personeel PO 2015–2016 en aanpassing bedragen voor ondersteuning van leerlingen in het PO en VO 2015–2016.

De ophoging van de herstelopslag van de ABP-premie leidde ertoe dat een deel van de dekking van het loonruimteakkoord wegviel. Voor 2016 heeft het kabinet dat rechtgetrokken, zo blijkt uit de toelichting bij de regeling:

Tevens is éénmalig een bijdrage in het kader van de herstelopslag over de maanden april tot en met december voor het relevante deel van het schooljaar (april tot en met juli) in de prijzen opgenomen.

Dit komt neer op een verhoging van de gemiddelde personeelslast van circa 0,18 procent in vergelijking met de vorige publicatie.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Onderwijspensioenen in 2017 mogelijk omlaag

De dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) was eind juni met 90,6 procent vrijwel gelijk aan de dekkingsgraad aan het einde van het vorige kwartaal.

‘We hebben onze dekkingsgraad vrij stabiel kunnen houden. Dat komt vooral door goede beleggingsresultaten, zowel voor als na de uitslag van het Britse referendum. De gevolgen van de Brexit-uitslag waren aan het eind van het tweede kwartaal beperkt’, aldus ABP-bestuursvoorzitter Corien Wortmann-Kool.

Zij voegt hiereraan toe dat verlaging van pensioen in 2017 een ‘reële mogelijkheid’ blijft. Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Brexit zet onderwijspensioenen verder onder druk

Het besluit van een meerderheid van de Britten om uit de Europese Unie te stappen, tast de dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verder aan. Naar verwachting zal de brexit negatieve gevolgen hebben voor de beleggingen van het ABP. Bovendien wordt verwacht dat de al lange tijd extreem lage rente verder gaat dalen. 

Het ABP verzorgt onder andere de onderwijspensioenen. De hoogte daarvan is afhankelijk van wat de beleggingen van het pensioenfonds opleveren en de hoogte van de rente. Nu er op beide vlakken sprake is van zwaar weer, is het de vraag of de onderwijspensioenen op termijn moeten worden verlaagd.

In april liet het ABP weten in de gevarenzone te verkeren. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het fonds zei toen dat een verlaging van de pensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’. De brexit vergroot dit risico.

Roken blijft bijdragen bij aan onderwijspensioenen

Roken op school is zo langzamerhand not done, maar de onderwijspensioenen worden nog steeds mede gevoed door beleggingen van het ABP in de tabaksindustrie. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds vindt dat oké. Ze zegt dat het fonds gewoon in de tabakssector blijft investeren.

De Stichting Rookpreventie Jeugd sprak van Wortmann-Kool en hoofd beleggingen Jeroen Schreur over de vraag of het voor ABP nog wel maatschappelijk geaccepteerd is om in de tabaksindustrie te investeren.

Roken is legaal

Wortmann-Kool vindt van wel: ‘Roken is legaal en of iemand besluit te roken of niet is een eigen keuze. Er zijn ook mensen die overlijden aan autorijden. Moeten we dan maar niet beleggen in de autoindustrie?’

De ABP-voorzitter benadrukt dat het pensioenfonds de belangen van 2,8 miljoen deelnemers behartigt en dat die een goed pensioen en dus een goed rendement willen.

Schreur stelt dat beleggingen in de tabaksindustrie bijdragen aan het rendement. Als het ABP uit deze sector stapt, betekent dat volgens hem dat de pensioenen omlaag gaan.

Duurzaam en verantwoord beleggen

Afgelopen najaar maakte het ABP bekend meer verantwoord te gaan beleggen. Wortmann-Kool zei toen dat het bij het ABP meer draait ‘om de bewuste keuze voor duurzame en verantwoorde beleggingen‘.

Lees meer…

ABP in gevarenzone, mogelijk verlaging pensioenen

Het ABP verkeert nog steeds in de gevarenzone. Dit betekent dat de kans op een verlaging van onder andere de onderwijspensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’, aldus voorzitter Corien Wortmann-Kool van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds.

De financiële positie van ABP blijft zorgelijk. De actuele dekkingsgraad was eind maart 90,4 procent. Dat is nét boven de kritische grens van ongeveer 90 procent die eind december bepaalt of de pensioenen in 2017 omlaag moeten.

ABP kon al niet indexeren

Wortmann-Kool zegt dat een verlaging in 2017 vervelend zou zijn, ‘zeker omdat we de pensioenen de afgelopen jaren niet hebben kunnen indexeren’.

De lage dekkingsgraad is een gevolg van de extreem lage rente in combinatie met tegenvallende resultaten op de beurs.

Lees meer…