Haat-liefdeverhouding met collectief ABP-pensioen

Mensen uit het onderwijs geven hun pensioen een onvoldoende. Toch willen ze het houden zoals het is, namelijk als collectief stelsel. Dat blijkt uit een enquête van de website Ambtenarensalaris.nl.

Met gemiddeld een 5,7 hebben docenten al geen hoge pet op van hun salaris. Zij noemen daarbij vooral de verantwoordelijkheid en werkdruk die niet in verhouding staan tot wat zij maandelijks op hun rekening gestort krijgen.

Het pensioen scoort met een 5,3 nog lager. Toch geeft bijna de helft aan hun pensioen te willen laten zoals het nu is, namelijk via een collectief pensioenstelsel. Daarbij maakt het niet uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) de pensioenen mogelijk gaat korten.

Lees meer…

Hogere ABP-premie mag onderwijs niet aantasten

Een stijging van de pensioenpremie bij het ABP mag nooit ten koste gaan van het onderwijs. Dat benadrukt de PO-Raad.

Het ziet ernaar uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, de premie fors zal moeten verhogen. Dat heeft te maken met de almaar dalende rente en niet al te rooskleurige resultaten op de beurs.

Als de ABP-premie fors omhoog gaat, heeft dat direct gevolgen voor de financiële positie van de schoolbesturen. De sectororganisatie van het primair onderwijs vindt dat het kabinet moet garanderen dat de stijgende pensioenkosten geen gevolgen zullen hebben voor het onderwijs.

Lees meer…

Compensatie voor hogere herstelopslag ABP

Het kabinet heeft de ophoging van de herstelopslag van de premie van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) gecompenseerd. Dat blijkt uit de nieuwe Regeling bekostiging personeel PO 2015–2016 en aanpassing bedragen voor ondersteuning van leerlingen in het PO en VO 2015–2016.

De ophoging van de herstelopslag van de ABP-premie leidde ertoe dat een deel van de dekking van het loonruimteakkoord wegviel. Voor 2016 heeft het kabinet dat rechtgetrokken, zo blijkt uit de toelichting bij de regeling:

Tevens is éénmalig een bijdrage in het kader van de herstelopslag over de maanden april tot en met december voor het relevante deel van het schooljaar (april tot en met juli) in de prijzen opgenomen.

Dit komt neer op een verhoging van de gemiddelde personeelslast van circa 0,18 procent in vergelijking met de vorige publicatie.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Onderwijspensioenen in 2017 mogelijk omlaag

De dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) was eind juni met 90,6 procent vrijwel gelijk aan de dekkingsgraad aan het einde van het vorige kwartaal.

‘We hebben onze dekkingsgraad vrij stabiel kunnen houden. Dat komt vooral door goede beleggingsresultaten, zowel voor als na de uitslag van het Britse referendum. De gevolgen van de Brexit-uitslag waren aan het eind van het tweede kwartaal beperkt’, aldus ABP-bestuursvoorzitter Corien Wortmann-Kool.

Zij voegt hiereraan toe dat verlaging van pensioen in 2017 een ‘reële mogelijkheid’ blijft. Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Brexit zet onderwijspensioenen verder onder druk

Het besluit van een meerderheid van de Britten om uit de Europese Unie te stappen, tast de dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verder aan. Naar verwachting zal de brexit negatieve gevolgen hebben voor de beleggingen van het ABP. Bovendien wordt verwacht dat de al lange tijd extreem lage rente verder gaat dalen. 

Het ABP verzorgt onder andere de onderwijspensioenen. De hoogte daarvan is afhankelijk van wat de beleggingen van het pensioenfonds opleveren en de hoogte van de rente. Nu er op beide vlakken sprake is van zwaar weer, is het de vraag of de onderwijspensioenen op termijn moeten worden verlaagd.

In april liet het ABP weten in de gevarenzone te verkeren. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het fonds zei toen dat een verlaging van de pensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’. De brexit vergroot dit risico.

Roken blijft bijdragen bij aan onderwijspensioenen

Roken op school is zo langzamerhand not done, maar de onderwijspensioenen worden nog steeds mede gevoed door beleggingen van het ABP in de tabaksindustrie. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds vindt dat oké. Ze zegt dat het fonds gewoon in de tabakssector blijft investeren.

De Stichting Rookpreventie Jeugd sprak van Wortmann-Kool en hoofd beleggingen Jeroen Schreur over de vraag of het voor ABP nog wel maatschappelijk geaccepteerd is om in de tabaksindustrie te investeren.

Roken is legaal

Wortmann-Kool vindt van wel: ‘Roken is legaal en of iemand besluit te roken of niet is een eigen keuze. Er zijn ook mensen die overlijden aan autorijden. Moeten we dan maar niet beleggen in de autoindustrie?’

De ABP-voorzitter benadrukt dat het pensioenfonds de belangen van 2,8 miljoen deelnemers behartigt en dat die een goed pensioen en dus een goed rendement willen.

Schreur stelt dat beleggingen in de tabaksindustrie bijdragen aan het rendement. Als het ABP uit deze sector stapt, betekent dat volgens hem dat de pensioenen omlaag gaan.

Duurzaam en verantwoord beleggen

Afgelopen najaar maakte het ABP bekend meer verantwoord te gaan beleggen. Wortmann-Kool zei toen dat het bij het ABP meer draait ‘om de bewuste keuze voor duurzame en verantwoorde beleggingen‘.

Lees meer…

ABP in gevarenzone, mogelijk verlaging pensioenen

Het ABP verkeert nog steeds in de gevarenzone. Dit betekent dat de kans op een verlaging van onder andere de onderwijspensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’, aldus voorzitter Corien Wortmann-Kool van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds.

De financiële positie van ABP blijft zorgelijk. De actuele dekkingsgraad was eind maart 90,4 procent. Dat is nét boven de kritische grens van ongeveer 90 procent die eind december bepaalt of de pensioenen in 2017 omlaag moeten.

ABP kon al niet indexeren

Wortmann-Kool zegt dat een verlaging in 2017 vervelend zou zijn, ‘zeker omdat we de pensioenen de afgelopen jaren niet hebben kunnen indexeren’.

De lage dekkingsgraad is een gevolg van de extreem lage rente in combinatie met tegenvallende resultaten op de beurs.

Lees meer…

Dekkingsgraad ABP gezakt naar 88 procent

De dekkingsgraad van Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) is eind februari verder gedaald tot 88,2 procent. Als de situatie niet verbetert voor het einde van het jaar, moet het ABP de pensioenen in 2017 verlagen.

De daling van de dekkingsgraad is in één maand tijd van 91,2 naar 88,2 procent is het gevolg van de verdere daling van de al lange tijd extreem lage rente. Onlangs verlaagde de Europese Centrale Bank (ECB) in een poging de economie aan te zwengelen het belangrijkste rentetarief in de eurozone tot 0 procent.

Het ABP besluit aan het einde van dit jaar of de pensioenen verlaagd moeten worden. De actuele dekkingsgraad van eind december is bepalend.

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Verlaging pensioenen steeds waarschijnlijker

Het besluit van de Europese Centrale Bank (ECB) om het belangrijkste rentetarief in de eurozone te verlagen van 0,05 naar 0 procent, brengt een mogelijke verlaging van de pensioenen dichterbij.

President Mario Draghi van de ECB maakte donderdag een pakket aan maatregelen bekend om in de eurozone weer een zekere mate van inflatie te realiseren. Nu is de inflatie 0,2 procent, en dat zit angstig dicht tegen deflatie aan. Deflatie heeft een remmende werking op de economie, die nu al minder groeit dan verwacht.

Een van de maatregelen is een verlaging van de rente naar 0 procent. Dat is slecht voor de pensioenfondsen. Hoe lager de rente, des te minder rendement.

Onderwijspensioenen
Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, zit door de aanhoudend lage rente en de kwakkelende beurs al lange tijd in zwaar weer. ABP-voorzitter Corien Wortmann-Kool zei onlangs dat de dekkingsgraad van het ABP inmiddels is gezakt naar ongeveer 90 procent.

Een ‘goed-weer-scenario’ zit er volgens haar ook op de lange termijn niet meer in, zei ze in een interview met de Telegraaf. ‘En de kans dat we opschuiven richting het slechtere scenario de komende jaren, die is er’, aldus Wortmann-Kool.

Lees meer…

Dekkingsgraad ABP zakt verder weg

De dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds is eind februari gezakt naar 90 procent. Dat zegt ABP-voorzitter Corien Wortmann-Kool in de Telegraaf.

De lage dekkingsgraad is het gevolg van de extreem lage rente in combinatie met de kwakkelende aandelenbeurzen. Daar heeft niet alleen het ABP last van, maar alle pensioenfondsen.

Ondanks de verder gedaalde dekkingsgraad, probeert Wortmann-Kool in de krant van wakker Nederland nog wat optimisme uit te stralen. ‘Men vraagt zich af: Krijg ik mijn inleg nog wel terug? Nou dat hebben we uitgerekend voor een dertigjarige en die krijgt vier keer zijn inleg terug, in een gemiddeld toekomstscenario.’ Maar als het tegenzit, erkent ze, kan dat ook drie keer of zelfs maar twee keer zijn.

Het ‘goed-weer-scenario’ zit er volgens haar ook op de lange termijn niet meer in. ‘En de kans dat we opschuiven richting het slechtere scenario de komende jaren, die is er’, aldus Wortmann-Kool in de Telegraaf.

Het ABP is het grootste pensioenfonds van Nederland. Het beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Mensen in onderwijs vroeg met pensioen

De gemiddelde pensioenleeftijd in het onderwijs is in de periode 2006-2015 gestegen van bijna 61 naar ruim 63 jaar. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Om precies te zijn ging de gemiddelde pensioenleeftijd in het onderwijs omhoog van 60,9 naar 63,6 jaar. Vergeleken met werknemers in andere sectoren, gaan mensen in het onderwijs nog steeds relatief vroeg met pensioen. Alleen in het openbaar bestuur en bij overheidsdiensten ligt de gemiddelde pensioenleeftijd met 63,5 jaar (iets) lager.

In de landbouw en visserij ligt de gemiddelde pensioenleeftijd het hoogst: 67,3 jaar. De gemiddelde pensioenleeftijd lag in 2015 op 64 jaar en 5 maanden.

Lees meer…

Verlaging onderwijspensioenen mogelijk in 2017

De kans wordt steeds groter dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) in 2017 onder andere de onderwijspensioenen moet gaan verlagen.

Het ABP meldt dat zijn financiële positie ook in het laatste kwartaal van 2015 verslechterd. De actuele dekkingsgraad ging weliswaar omhoog naar 97,2 procent, maar de beleidsdekkingsgraad daalde met 1 procentpunt naar 98,7 procent. ‘Een verlaging van de pensioenen in 2016 is niet aan de orde, maar de kans dat we de pensioenen in 2017 moeten verlagen wordt wel groter’, aldus ABP-voorzitter Corien Wortmann-Kool.

De problemen bij het ABP hangen samen met de lage rente en onrust op de wereldwijde financiële markten. Vorig jaar verloor het ABP op de beurs tientallen miljarden euro’s. Toen relativeerde het pensioenfonds de problemen: ‘ABP is als langetermijnbelegger gericht op het behalen van een goed en stabiel rendement door de jaren heen. Over de afgelopen 20 jaar heeft ABP een gemiddeld rendement behaald van ongeveer 7% op jaarbasis.’

Lees meer…

ABP-premie in april met 1% omhoog

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) voert naar verwachting een opslag op de pensioenpremie in van 1% per 1 april 2016.

De opslag is volgens het ABP nodig, omdat de financiële positie van het pensioenfonds eind december niet voldoende was. Een verlaging van de pensioenen, dat het ABP als laatste redmiddel ziet, is nu niet aan de orde.

De totale premie voor ouderdoms- en nabestaandenpensioen komt bij ABP per 1 april uit op 18,8%. De premieopslag geldt in principe voor vijf jaar. Het bestuur van het ABP stelt de opslag definitief vast na advies van het verantwoordingsorgaan op 28 januari.

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

ABP-premie omlaag, pensioenen blijven op nullijn

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) heeft de pensioenpremie voor 2016 vastgesteld op 17,8 procent. De huidige premie is 19,6 procent. Door de huidige financiële situatie kan het ABP de (opgebouwde) pensioenen in 2016 niet verhogen.

Het ABP-bestuur tekent hierbij wel aan dat er mogelijk vanaf 1 april 2016 een premieopslag moet worden ingevoerd. De hoogte van de dekkingsgraad op 31 december 2015 is daarvoor bepalend. In januari 2016 bepaalt het ABP-bestuur of die opslag er komt.

Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

ABP houdt de moed erin ondanks verlies van 28 miljard

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) bevestigt dat in het derde kwartaal van dit jaar het beschikbare vermogen met 28 miljard euro is gedaald ten opzichte van het eerste kwartaal. Dat komt door de lage rente en door beleggingsverliezen op de beurs. De daling van het beschikbare vermogen met 28 miljard naar 345 miljard euro werd afgelopen weekend al gemeld door RTL Z.  

Het grootste pensioenfonds van Nederland, dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, houdt de moed erin ondanks het grote verlies in het derde kwartaal. Het meldt dat het in de eerste negen maanden van 2015 een positief rendement behaalde van 0,8 procent, wat neerkomt op 2,9 miljard euro.

‘ABP is als langetermijnbelegger gericht op het behalen van een goed en stabiel rendement door de jaren heen. Over de afgelopen 20 jaar heeft ABP een gemiddeld rendement behaald van ongeveer 7% op jaarbasis’, zo meldt het fonds op zijn website.

Lees meer…

Na verlies hoger beroep wil FNV wel weer praten

Het gerechtshof in Den Haag heeft het hoger beroep van de FNV tegen het loonruimteakkoord afgewezen. De vakcentrale, waarvan de Algemene Onderwijsbond (AOb) deel uitmaakt, wil nu in het licht van de pensioenproblematiek wel weer praten over de manier waarop het akkoord zou kunnen worden uitgevoerd.

De FNV had na het eerdere verlies van het kort geding over het loonakkoord hoger beroep aangetekend. De vakcentrale bleef van mening dat dat akkoord onrechtmatig tot stand was gekomen, omdat er geen reëel overleg aan ten grondslag zou hebben gelegen. Uit het oordeel blijkt duidelijk dat het gerechtshof dat onzin vindt. Het loonakkoord is wel degelijk op basis van reëel overleg tot stand gekomen, aldus het hof.

Onderdeel van het loonakkoord was een lagere pensioenpremie, die een loonsverhoging mogelijk zou moeten maken. Nu alles erop wijst dat een verlaging van die premie niet mogelijk is, heeft minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken alle partijen uitgenodigd voor nieuw overleg. De FNV vindt dat verstandig: ‘De ontwikkelingen binnen de pensioenwereld en de onrust binnen de sector geven daar alle aanleiding toe’, aldus vicevoorzitter Ruud Kuin van de vakcentrale.

ABP ziet op de beurs 28 miljard verdampen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, heeft in zes maanden tijd op de beurs 28 miljard euro verloren, meldt RTL Z.

Het verlies komt door de lage aandelenkoersen in het tweede en derde kwartaal van dit jaar. Mensen die in het onderwijs hebben gewerkt en nu een ABP-pensioen hebben, hoeven zich volgens RTL Z niet direct zorgen te maken. Het ABP zou nog voldoende geld in kas hebben. Maar het is wel mogelijk dat het ABP volgend jaar de pensioenen moet verlagen, omdat de dekkingsgraad structureel te laag is.

Sociale partners eisen van kabinet premiecompensatie

Als het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) de pensioenpremie verhoogt, moet het kabinet dat compenseren. Dat eisen de sociale partners in de onderwijssector.

In een brief aan het kabinet van onder andere de PO-Raad en VO-raad staat dat het ABP aan de vooravond staat van een eventuele verhoging van de pensioenpremie.

Als de premie omhoog gaat, wordt het onderwijs voor ‘zeer grote problemen’ gesteld, omdat er ook is afgesproken dat de lonen in het onderwijs omhoog gaan. Dat laatste zou deels moeten worden betaald door de pensioenpremie te verlagen, maar ‘het tegenovergestelde dreigt nu dus: een premieverhoging’.

‘Alles overziende is er slechts één oplossing, mocht het tot een stijging van de pensioenpremie begin 2016 komen, en dat is dat het kabinet de daarmee gemoeide kosten voor zijn rekening neemt’, zo staat in de brief.

Duurzamer beleggen voor onderwijspensioenen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) wil meer verantwoord beleggen. Bestuursvoorzitter Corien Wortmann-Kool zegt dat het bij het ABP meer draait ‘om de bewuste keuze voor duurzame en verantwoorde beleggingen’.

De komende vijf jaar zullen alle ruim 4000 bedrijven waarvan ABP aandelen of obligaties bezit, opnieuw moeten ‘solliciteren’ naar een plek in de beleggingsportefeuille.

‘Daarbij letten we er niet alleen op of ze zorgen voor een goed rendement tegen redelijke kosten en risico’s. We beoordelen bij de ‘sollicitatie’ meteen of bedrijven voldoende aandacht hebben voor duurzaamheid en verantwoord ondernemen’, zo staat op de website van het ABP.

Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Bij aanhoudend lage rente (veel) meer pensioenpremie

De stijging van de pensioenpremies is met gemiddeld 2 procent nu nog beperkt. Vanaf 2016 zal dat 5 procent of meer zijn en daarna nog meer als de rente laag blijft. Dat blijkt uit onderzoek door de De Nederlandsche Bank (DNB) en het Centraal Planbureau (CPB) in opdracht van het kabinet.

Staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) schrijft naar aanleiding van dit onderzoek in een brief aan de Tweede Kamer dat ‘een aanhoudende lage rente het spanningsveld tussen premie, risico en ambitie vergroot’.

‘Bij een lage premie moet meer risico worden genomen. Sociale partners staan daardoor voor scherpe keuzes ten aanzien van de premie en de beoogde ambitie in een uitkeringsovereenkomst’, aldus Klijnsma.

Zij voegt daaraan toe dat het kabinet het van belang vindt ‘dat de rente waar pensioenfondsen mee rekenen zo realistisch mogelijk wordt vormgegeven’.

FNV verliest kort geding loonruimteakkoord

De FNV heeft het kort geding over het loonruimteakkoord verloren. Dat akkoord is volgens de Haagse voorzieningenrechter geldig voor onder anderen de mensen die in het onderwijs werken.

In juli bereikten de betrokken ministers, de overheidswerkgevers en de vakcentrales voor overheidspersoneel met uitzondering van de FNV (waarbij de Algemene Onderwijsbond (AOb) is aangesloten) een onderhandelingsakkoord over loonruimte voor de publieke sector.

Daarbij zijn zowel loon- als pensioenafspraken gemaakt, die – voor wat betreft de pensioenafspraken – zijn bekrachtigd in de Pensioenkamer van de Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid (ROP). Op basis van deze bekrachtigde afspraken wordt binnenkort de ABP-pensioenregeling aangepast en vinden cao-onderhandelingen plaats, onder andere in het onderwijs.

De FNV spande het kort geding aan, omdat de vakcentrale zich buiten spel gezet voelde bij de totstandkoming van het loonruimteakkoord. De bond stelde dat over de pensioenafspraken geen open en reëel overleg heeft plaatsgevonden. Hierdoor is volgens de FNV niet voldaan aan het grondrecht op collectief onderhandelen.

De rechter is het hier niet mee eens. Over de in het onderhandelingsakkoord neergelegde pensioenafspraken heeft volgens de kortgedingrechter tussen alle werkgevers- en werknemerscentrales wel degelijk open en reëel overleg plaatsgevonden. De rechter wijst erop dat de FNV er zelf voor koos het overleg te verlaten.

Anders dan FNV stelt kan niet gezegd worden dat gehandeld is in strijd met het recht op collectieve onderhandelingen, vindt de kortgedingrechter.

De FNV gaat in hoger beroep.

VO-raad vindt positie van AOb in cao-gesprek lastig

De VO-raad en de onderwijsbonden hebben na het vastlopen van de onderhandelingen voor een nieuwe cao voor het voortgezet onderwijs voor het eerst weer met elkaar om de tafel gezeten. De sectororganisatie spreekt van een lastige positie van de bij de FNV aangesloten bonden, waaronder de Algemene Onderwijsbond (AOb).

De FNV heeft het loonruimteakkoord niet ondertekend en verzet zich tegen de afspraken die daarin staan. ‘Dat maakt de positie van de FNV-bonden aan de cao-tafel een lastige’, aldus de VO-raad. CNV Onderwijs en FvOv zien net als de VO-raad in het akkoord wel een goede basis voor een nieuwe cao.

‘Het loonruimteakkoord biedt kansen voor een nieuwe cao. Er komt 5,05% plus 500 euro loonruimte beschikbaar bovenop de 1,2% loonsverhoging van vorig jaar. Dat is meer dan er in een eerder stadium van de onderhandelingen te vergeven was’, meldt de VO-raad.

De afspraken uit het akkoord moeten nog in de CAO VO worden vastgelegd voordat er tot uitbetaling kan worden overgegaan.

De onderhandelingen over een nieuwe cao voor het voortgezet onderwijs liepen eind juni vast. Grootste struikelblokken waren toen, zo meldde de VO-raad, de salarissen en de Wet werk en zekerheid. Het werd eind juni duidelijk dat het niet zou lukken om voor 1 augustus een nieuwe cao rond te hebben.

De arbeidsvoorwaardelijke rechten van werknemers blijven bij het uitblijven van een nieuwe CAO VO van kracht door nawerking van de huidige cao.

Lees meer…

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Sociale partners eens over pensioenwijzigingen

De sociale partners zijn het eens over de pensioenwijzigingen uit de onderhandelaarsovereenkomst van 10 juli. Dat meldt het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert.

In het akkoord is onder andere overeengekomen dat de ABP-pensioenen voortaan worden geïndexeerd op basis van de prijs- in plaats van de loonontwikkeling.

Het akkoord is gesloten zónder de vakcentrale FNV, waarbij de Algemene Onderwijsbond is aangesloten. De vakcentrale heeft een kort geding aangespannen om de overeenkomst tegen te houden. Dit zal op korte termijn dienen.

Uitleg van het ABP over de effecten van het onderhandelaarsovereenkomst.

Lees meer…

PartnerPlusPensioen van ABP wordt opgeheven

De ABP-regeling voor PartnerPlusPensioen (PPP) wordt opgeheven per 1 januari 2016. Dit heeft gevolgen voor werknemer en werkgever.

Aanleiding voor de opheffing van het PPP is dat het ABP Partnerpensioen wordt gewijzigd. Dit Partnerpensioen, dat bij overlijden van de pensioengerechtigde op of na het 67e jaar het nabestaandenpensioen voor de partner vormt, wordt per 1 januari voor alle ABP-deelnemers verhoogd. Iedereen bouwt voortaan via het Partnerpensioen een nabestaandenpensioen van 70% op. Door deze nieuwe algemene regeling is er geen fiscale ruimte meer voor het ABP PartnerPlusPensioen (PPP). Inleggen hiervoor kan per 1 januari dus niet meer. Alle deelnemers zullen voor 1 januari een brief ontvangen van ABP.

Toelichting
Vanaf 2004 bouwen werknemers minder Partnerpensioen op namelijk ongeveer 35%. Werknemers konden ervoor kiezen om dit aan te vullen tot 70% met het PPP.

De opbouw van Partnerpensioen is voor sommige werknemers per 2015 omhoog gegaan van 35% naar 70% van het ouderdomspensioen, voor andere werknemers is het Partnerpensioen in 2015 verhoogd van 35% naar 50% en zal de opbouw in 2016 verder worden verhoogd naar 70%. Dit is als volgt geregeld:

*  Is het pensioengevend salaris van een werknemer lager dan € 29.418,72, dan verhoogt ABP het Partnerpensioen (dat bij overlijden voor/na 67 jaar wordt uitgekeerd) vanaf 2015 van 35% naar 70%. Hierdoor is er geen fiscale ruimte meer voor de opbouw van het PPP.

*  Is het pensioengevend salaris van uw werknemer hoger dan€ 29.418,72, dan verhoogt ABP het Partnerpensioen (dat bij overlijden voor/na 67 jaar wordt uitgekeerd), vanaf 1-1-2015 van ongeveer 35% naar 50%. Hierdoor is er minder fiscale ruimte voor de opbouw van het PPP bij overlijden vanaf 67 jaar. Vanaf 2016 verhoogt ABP het Partnerpensioen bij overlijden vanaf 67 jaar verder naar 70%. Daardoor is er vanaf 2016 geen fiscale ruimte meer voor de opbouw van het PPP en vervalt het product.

Die verhoging van het Partnerpensioen naar 70% geldt niet voor alle diensttijd. Dat houdt  in dat de werknemers die niet hebben gekozen voor het PPP over de jaren 2004 tot en met 2014 resp. 2015 een ‘gat’ hebben in hun nabestaandenpensioen. Voor die jaren hebben zij namelijk geen 70% opgebouwd maar 35%.  De premies die voor het PPP zijn betaald zijn ons inziens dus niet tevergeefs geweest. Daardoor bent u over die jaren in beginsel ook verzekerd van een nabestaandenpensioen van 70% van het ouderdomspensioen dat u heeft opgebouwd.

Wat betekent dit voor werkgevers?
Vanaf 1 januari 2016 is het niet meer mogelijk PPP aan te leveren in de maandelijkse pensioenaangifte ABP. Er hoeft ook geen premie meer voor te worden afgedragen. Werkgevers wordt gevraagd de gegevensaanlevering en afdracht van de premie voor PPP met ingang van 1 januari 2016 stop te zetten.

Wat betekent dit voor werknemers?
Alle deelnemers zullen voor 1 januari  een brief ontvangen van ABP met een nadere uitleg.

 

Hogere rente laat dekkingsgraad ABP stijgen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) meldt dat zijn financiële positie in het tweede kwartaal is verbeterd. Dat komt door een rentestijging.

Door de stijging van de rente is de actuele dekkingsgraad gestegen naar 103,9 procent, maar de zogenoemde beleidsdekkingsgraad is in het tweede kwartaal met 1,3 procentpunt gedaald naar 101,3 procent. De beleidsdekkingsgraad laat een ander beeld zien, doordat deze een gemiddelde is over de laatste 12 maanden, meldt het ABP.

Op 30 juni heeft het ABP bij de toezichthouder De Nederlandsche Bank een nieuw herstelplan ingediend. Hierin staat hoe het fonds in 12 jaar tijd zijn financiële situatie probeert te herstellen. Het is de bedoeling dat de dekkingsgraad in 2026 op 128 procent ligt.

Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.