Veiligheid op scholen blijft aandachtspunt

Er wordt minder gepest, maar staatssecretaris Sander Dekker van OCW signaleert nog steeds problemen met de veiligheid op scholen. Dat staat in een brief aan de Tweede Kamer over het rapport Sociale veiligheid in en rond scholen

Twee jaar geleden gaf 14 procent van de kinderen in het primair onderwijs aan gepest te worden. Dit is gedaald naar 10 procent. In het voortgezet onderwijs is sprake van een daling van 11 naar 8 procent. Dekker brengt deze positieve ontwikkeling in verband met de wettelijke plicht die scholen sinds 2015 hebben om werk te maken van sociale veiligheid.

Het veiligheidsgevoel van leerlingen en personeel is ‘stabiel hoog’, zo meldt de staatssecretaris. Van de leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs voelt respectievelijk 97 procent en 95 procent zich veilig. Bij het personeel ligt dat op 96 procent en 88 procent.

Veiligheid personeel

Naar aanleiding van dat laatste, relatief lage, percentage uit het voortgezet onderwijs merkt Dekker op dat docenten en ander personeel zich veilig moeten kunnen voelen. ‘Werkgevers- en werknemersorganisaties moeten zich blijven inzetten om het veiligheidsgevoel van het personeel op scholen in het voortgezet onderwijs te borgen’, aldus de staatssecretaris.

Een ander aandachtspunt is seksueel geweld op scholen, omdat er in het voortgezet onderwijs meer meldingen zijn over seksuele uitbuiting. Van de leerlingen geeft 6 procent aan slachtoffer te zijn van seksueel geweld. Dekker noemt dat een ‘onaanvaardbaar hoog percentage’. Tegelijkertijd geeft hij aan dat een overgrote meerderheid van de scholen toeziet op respectvol omgaan met seksualiteit en seksuele diversiteit.

LHBT’ers

Hij constateert dat de positie van lesbische, homo- en biseksuele en transgenderleerlingen en -personeelsleden (LHBT’ers) zorgelijk blijft. Zij geven aan meer met pesten en geweld te worden geconfronteerd dan andere groepen. ‘Inzet om de veiligheid van LHBT-leerlingen en LHBT-personeel te vergroten blijft dan ook hard nodig’, aldus de staatssecretaris.

Lees meer…

Kwart daders seksueel misbruik zit op school

Scholen moeten niet alleen aandacht hebben voor seksuele weerbaarheid van mogelijke misbruikslachtoffers, maar ook voor grensoverschrijdend seksueel gedrag van potentiële daders. Dat staat in het rapport Op goede grond. De aanpak van seksueel geweld tegen kinderen van Corinne Dettmeijer, de nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.

In haar rapport staat dat binnen de erkende preventieprogramma’s in het onderwijs de nadruk ligt op het vergroten van seksuele weerbaarheid. Kinderen moeten grenzen leren en ‘nee’ durven zeggen. Hiermee kan seksueel misbruik worden voorkomen, maar het is niet voldoende. Er zou niet alleen aandacht moeten zijn voor potentiële slachtoffers, maar ook voor mogelijke daders, zodat voorkomen wordt dat die over de schreef gaan.

De data laten zien dat een kwart van de verdachten van seksueel misbruik van kinderen minderjarig is. ‘De daders zitten dus, net als de slachtoffers, ook op school’, zo staat in het rapport van Dettmeijer.

De conclusie is dat seksueel geweld pas echt kan worden bestreden als voorlichting en interventies op zowel (potentiële) slchtoffers als op (potentiële) daders zijn gericht. ‘En niet alleen op scholen, ook daarbuiten’, aldus Dettmeijer.