Scholingsbijeenkomst over invoering werkverdelingsplan

Het werkverdelingsplan dat de CAO PO per 2019 voorschrijft, blijkt veel vragen op te roepen. Daarom organiseert VOS/ABB op 6 december een scholingsbijeenkomst om schoolleiders voor te bereiden op de invoering ervan.

Let op: deze bijeenkomst zit vol. U kunt zich er niet meer voor aanmelden.

Met ingang van 1 augustus 2019 wordt het huidige hoofdstuk 2 van de CAO PO geheel vervangen door een nieuw hoofdstuk. Dit heeft gevolgen voor het taakbeleid in het primair onderwijs. Vanaf dat moment wordt het taakbeleid niet meer op bestuursniveau, maar op schoolniveau vastgesteld in het zogeheten werkverdelingsplan.

Werkverdelingsplan is veelomvattend

Het werkverdelingsplan uit de cao is een veelomvattend plan. Niet alleen de onderlinge taakverdeling en verhouding tussen lesgevende en overige taken worden geregeld in het werkverdelingsplan, maar ook de werktijden- en pauzeregeling moeten erin worden opgenomen. Zowel het team, als de schoolleider en de PMR hebben bevoegdheden ten aanzien van de vaststelling van het werkverdelingsplan.

Aan de slag met werkverdelingsplan

De scholingsbijeenkomst op donderdagmiddag 6 december zal uit twee onderdelen bestaan. Het eerste onderdeel bestaat uit een toelichting op het nieuwe hoofdstuk 2 en de verantwoordelijkheden die dat meebrengt voor de schoolleider, de PMR én het team. Het tweede onderdeel zal uit werkvormen bestaan. In die werkvormen wordt u als schoolleider, met handvatten van VOS/ABB, uitgedaagd om samen met uw collega`s aan de slag te gaan met het werkverdelingsplan. U gaat tijdens deze scholingsbijeenkomst met andere schoolleiders brainstormen over de wijze waarop u het gesprek met het team en de PMR aangaat, over de autonomie van het team versus uw verantwoordelijkheid als teamleider en de organisatie van de school.

Gegevens scholingsbijeenkomst werkverdelingsplan

Deze bijeenkomst wordt georganiseerd door Ivo Israel, beleidsmedewerker HRM bij VOS/ABB, in samenwerking met de Onderwijsjuristen. Het is mogelijk om voor aanvang deel te nemen aan een lunch.

Datum:    6 december 2018 van 13:00 tot 16:00 uur
Locatie:   Kantoor VOS/ABB, Houttuinlaan 8 in Woerden
Voor wie: Schoolleiders (leden VOS/ABB)
Kosten:    50 euro (btw-vrij)

Let op: deze bijeenkomst zit vol. U kunt zich er niet meer voor aanmelden!

Debat over ‘Diagnosedrift’ en labelcultuur

Ter gelegenheid van de presentatie van het nieuwe boek ‘Diagnosedrift’ is er op woensdagavond 31 oktober in Amsterdam een debatavond over labelcultuur in het onderwijs.

Journalist Sanne Bloemink is voor haar boek op zoek gegaan naar de oorzaken en gevolgen van het toenemende aantal diagnoses in het onderwijs. Ze sprak met ouders, leraren, psychiaters en andere experts en ontdekte dat het versmallen van de grenzen van ‘wat normaal is’ grote gevolgen heeft.

Steeds meer psychiatrische diagnoses

Enkele deskundigen die in het boek aan het woord komen, nemen deel aan het debat op 31 oktober. Zij spreken over het stijgende aantal psychiatrische diagnoses en de vele toegekende labels als dyslexie en hoogbegaafdheid en vragen zich af: waar komt deze explosie vandaan?’ De sprekers zijn Floor Scheepers, hoogleraar innovatie in de GGZ en hoofd van de afdeling psychiatrie in het UMC Utrecht, Trudy Dehue, emeritus hoogleraar Theorie en geschiedenis van de psychologie aan de Universiteit Groningen en Bert Wienen, psycholoog en onderwijskundige, die promotieonderzoek doet naar de rol van diagnoses in het onderwijs.
De boekpresentatie met debat in Spui25 duurt van 20 tot 21.30 uur en is gratis toegankelijk, maar aanmelden is wel noodzakelijk. Meer informatie en aanmelden

Passend onderwijs zonder diagnoses

VOS/ABB heeft in het oktobernummer van magazine Naar School! aandacht besteed aan een openbare basisschool die weigert diagnoses te stellen. Het is de Nieuweschool in Panningen, waar elk kind passend onderwijs volgt zonder een label opgeplakt te krijgen. Bovendien scoort deze school een extreem laag ziekteverzuim onder het personeel. Lees het artikel ‘Passend onderwijs kan slagen’ uit Naar School! nr 15.

Ouders ongerust over vierdaagse schoolweek

Ouderorganisatie Ouders & Onderwijs trekt aan de bel nu het lerarentekort leidt tot de invoering van een vierdaagse schoolweek op basisscholen in de Zaanstreek. Dit leidt tot onrust onder ouders. De organisatie pleit voor meer samenwerking in de aanpak van het probleem.

Dit zegt Lobke Vlaming, sinds 1 oktober directeur van Ouders & Onderwijs als opvolger van Peter Hulsen, in een opiniestuk in dagblad De Telegraaf. Daarin wijst ze erop dat ouders die geconfronteerd worden met een vierdaagse schoolweek in de problemen komen met hun werk. ‘Wat doe je? Bel je naar je werk om ook eenzijdig een vierdaagse werkweek af te kondigen?’

Kwaliteit van onderwijs in gevaar

Dit geldt volgens Vlaming niet alleen voor de ouders in de Zaanstreek. ‘Want ook ouders met kinderen op andere scholen zien de bui al hangen. En dan gaat het niet alleen om ingewikkelde planningsproblemen, maar ook om de kwaliteit van het onderwijs die in het geding komt. Ouders maken zich zorgen dat de noodmaatregel structureel wordt.’

Tegelijkertijd is er bij ouders ook begrip voor ‘de moeilijke positie van scholen en de werkdruk bij leraren’, maar een vierdaagse werkweek vindt Vlaming geen goede oplossing. Ze pleit voor meer samenwerking met ouders om dit te voorkomen. Volgens haar willen veel ouders een helpende hand toesteken door de school een paar uur te ondersteunen of zelfs voor de klas te staan. ‘Zo kunnen kinderen in ieder geval vijf dagen per week naar school. Bovendien draagt een goede samenwerking tussen ouders en school bij aan de ontwikkeling van onze kinderen.’

Lees het opiniestuk van Lobke Vlaming in De Telegraaf

 

Onrust onder docenten in Venlo

Docenten van drie vo-scholen van Onderwijsgemeenschap Venlo & Omstreken (OGVO) hebben de vakbonden ingeschakeld vanwege een conflict over een tijdelijke uitbreiding van hun lesgevende taken.

Na een emotionele personeelsbijeenkomst in theater De Maaspoort, waar ongeveer 175 docenten aanwezig waren, eisen docenten en bonden op korte termijn een gesprek met het bestuur en de raad van toezicht. Doordat de vergadering met de bonden onder schooltijd was, vielen dinsdag veel lessen uit op het Valuascollege en College Den Hulster in Venlo en het Blariacumcollege in Blerick. De docenten klaagden in de Maaspoort niet alleen over het taakbeleid en het feit dat ze allemaal een uur per week extra moeten werken, maar ook over onzekerheid in arbeidscontracten en een angstcultuur op de scholen. ‘Het doet pijn dat er nu lessen uitvallen, maar dit doe ik voor de lange termijn en voor de leerlingen’, zegt een van de docenten anoniem op de website van de Algemene Onderwijsbond (AOb).

Inmiddels heeft bestuursvoorzitter Peter Badoux van OGVO aangegeven dat hij graag om de tafel wil voor een gesprek. Ook benadrukt hij dat het extra uur werken een tijdelijke noodmaatregel is, die per 1 augustus 2019 wordt opgeheven. De reden daarvoor ligt in financiële problemen.
Meer informatie

Juryleden gezocht voor Excellente Scholen

De Inspectie van het Onderwijs zoekt nieuwe leden voor de onafhankelijke jury Excellente Scholen. Deze jury beoordeelt jaarlijks of aangemelde scholen voldoen aan  de eisen voor het predicaat Excellent. 

Gezocht worden mensen met ruimte kennis van en ervaring met het onderwijs, met een achtergrond als leerkracht, onderwijsvernieuwer, bestuurder, toezichthouder of een achtergrond in begeleiding/opleiding of wetenschap. Juryleden ontvangen een vergoeding per bijeenkomst en het gaat om ongeveer acht vergaderingen per jaar, plus een aantal dagen voor de beoordeling van aangemelde scholen. Die beoordeling wordt gedaan aan de hand van een beoordelingskader dat de jury heeft opgesteld, en omvat onder meer dossieronderzoek, scholenbezoek en gesprekken met medewerkers, leerlingen en ouders van de aangemelde scholen. De gezochte juryleden zullen zich gaan bezighouden met de beoordeling van scholen in het primair en (voortgezet) speciaal onderwijs.

Reageren kan tot 19 november. Meer informatie

Al 3500 ouders in Landelijk Ouderpanel

Al 3500 ouders doen mee in het Landelijk Ouderpanel, dat begin 2017 van start is gegaan.  Via het Landelijk Ouderpanel kunnen de duizenden ouders meepraten over allerlei onderwerpen die met onderwijs en jeugdzorg te maken hebben.

Inititiatiefnemers van heet Landelijk Ouderpanel zijn de ouderorganisatie Ouders en Onderwijs en de Stichting Opvoeden.nl. Zij geven aan dat het Landelijk Ouderpanel inmiddels een onmisbaar onderdeel van hun organisaties is geworden. Hierdoor kunnen zij ‘de stem van ouders luider laten klinken in de wereld van onderwijs, jeugd(gezondheids)zorg, wetenschap, overheid en politiek.’

Peilingen Ouderpanel

Dit jaar is het ouderpanel al geconsulteerd over de schoolgids, loopbaan- en oriëntatiebegeleiding, ouderbijdrage voor schoolreisjes, digitale leermiddelen (de kosten van een laptop op school), privacy, leerlingvolgsystemen en huiswerkbegeleiding. Ouders en onderwijs heeft de uitslagen van de laatste peilingen en een informatieve infographic over 2017 online gezet. Op dit moment loopt een peiling over het schooladvies en de eindtoets.

Ouders die willen meedenken en meepraten, kunnen zich nog altijd aanmelden voor het Landelijk Ouderpanel. Er wordt nog specifiek gezocht naar vaders en moeders met een niet-Nederlandse achtergrond om het panel uit te breiden.
Meer informatie over het Landelijk Ouderpanel

 

 

 

Trauma’s herkennen bij (vluchtelingen)kinderen

Het vijfde Congres (Psycho)Trauma op 28 maart 2019 staat in het teken van het herkennen van trauma’s bij kinderen en jongeren en de mogelijkheden die professionals hebben om het verschil te maken.

Het programma is bedoeld voor onder anderen docenten. Aan bod komen vragen als:
* hoe ondersteunt u vluchtelingenkinderen op school?
* hoe herkent u een trauma bij vluchtelingenkinderen?
* wat is het juiste moment om naar een eventueel trauma te vragen?
* hoe kunt u die vragen het beste formuleren?
* wat is de effectiviteit van therapie bij getraumatiseerde vluchtelingen?
* hoe zorgt u voor snelle opvang na seksueel misbruik?
* wat zijn de psychische gevolgen van ongevallen bij kinderen en jongeren?
* wat is de invloed op een kind van destructieve conflicten tussen ouders?

Deelname aan dit congres in Aristo in Amsterdam kost 295 euro. Wie vroeg inschrijft ontvangt 10 procent early bird-korting. Meer informatie

 

 

Veel zij-instromers: budget met 4 miljoen omhoog

Er melden zich zoveel zij-instromers in het primair onderwijs, dat de bodem van de subsidiepot in zicht komt. Er komt daarom per direct 4 miljoen euro extra beschikbaar. 

Onderwijsminister Slob meldt dit in antwoord op Kamervragen die waren gesteld door het Tweede Kamerlid Peter Kwint van de SP. Met het oog op het lerarentekort vindt Slob het goed nieuws dat er steeds meer aanvragen binnenkomen van mensen die vanuit een ander beroep willen overstappen naar het basisonderwijs. Zij kunnen via het traject zij-instroom met subsidie een opleiding volgen aan een lerarenopleiding en tegelijkertijd al beginnen voor de klas.

Bijna zes keer zoveel zij-instromers

In 2017 kwamen er 60 aanvragen van zij-instromers in het primair onderwijs, voor wie toen 1,2 miljoen euro beschikbaar was. Voor dit jaar was het budget eerder al meer dan verdubbeld naar 3,2 miljoen, goed voor 160 zij-instromers in 2018. Maar tot 9 oktober waren er al 353 aanvragen ingediend, bijna zes keer zoveel als in 2017. Met een extra verhoging van het budget met 4 miljoen kunnen alle aanvragen die zijn ingediend voor 15 oktober worden gehonoreerd. Aanvragen die ná 15 oktober binnenkomen worden ook direct in behandeling genomen, maar deze zullen vallen in de regeling voor 2019.

Per zij-instromer is 20.000 euro beschikbaar voor de omscholing. Voor zij-instroomtrajecten in het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs zijn er aparte subsidiepotten. Voor het voortgezet onderwijs zit daar 1,6 miljoen euro in: voldoende voor 82 zij-instromers. Het ziet er naar uit dat deze subsidiepot niet helemaal leegkomt. Slob wil het geld dat overblijft overhevelen naar primair onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. In het mbo is de belangstelling ook groot: daar hebben zich inmiddels 214 zij-instromers gemeld.

De volledige beantwoording van de schriftelijke Kamervragen van Kwint.

 

 

 

Lerarentekort: basisschool zoekt oppasouders

Een basisschool in Hoorn wil het tekort aan invalleerkrachten opvangen door de inzet van ouders in de klas. De ouders van alle leerlingen hebben een brief ontvangen met de vraag of ze in een noodgeval willen komen oppassen.

De protestants-christelijke basisschool Het Kompas gaf alle leerlingen afgelopen week een brief mee met deze strekking, omdat het niet altijd lukt om bij een ziekmelding van een leerkracht vervanging te krijgen. De school meldt op de eigen website dat opa’s en oma’s, ooms en tantes ook welkom zijn om op een klas te passen in geval van ziekte van de leerkracht.

Niet op stoel leerkracht

In dagblad AD zegt directeur Jaap Muurling van Het Kompas dat hij de ouders vooral nodig heeft om de orde te bewaken in de klas. De kinderen zullen in zo’n geval zelfstandig educatieve spelletjes gaan doen of individueel aan een taakbrief werken. ‘Je moet voorkomen dat je ouders op de stoel van de leerkracht zet. Natuurlijk lopen een collega of ik regelmatig binnen om te kijken of het goed gaat’, aldus Muurling.

Eerder deze maand kondigde het schoolbestuur Zaan Primair in Zaanstad aan na de herfstvakantie tijdelijk te gaan werken met een vierdaagse schoolweek om zo het lerarentekort op te vangen.

 

 

Schooladvies in Groningen vaak te laag

In de provincie Groningen zijn de schooladviezen vaker dan elders lager dan het toetsresultaat aangeeft. Ook worden minder dubbeladviezen gegeven. Het lijkt erop dat Groningse basisschoolleraren hun leerlingen structureel onderschatten. 

Dit meldt RTV Noord op basis van een onderzoek door de Rijksuniversiteit van Groningen (RUG). Onderwijskundige Anneke Timmermans van de RUG onderzocht op verzoek van RTV Noord de schooladviezen in Groningen. Zij concludeert nu dat relatief veel kinderen in Groningen op de eindtoets hoger scoren dan het schooladvies van hun docenten aangaf. ‘Veel leerlingen in onze provincie laten dus zien dat ze mogelijk meer kunnen dan hun docenten adviseren’, aldus Timmermans.

Ambitieniveau ouders van invloed op schooladvies

Een verklaring hiervoor heeft ze niet, maar ze suggereert dat het te maken kan hebben  met het ambitieniveau van ouders in Groningen. Zij zouden sneller tevreden zijn met een lager niveau dan ouders in de grote steden. In een reactie op het nieuws zegt een docent van OBS De Uilenburcht in Beerta dat de leraren niet alleen kijken naar cijfers uit toetsen, maar ook naar werkhouding en sociaal-emotionele aspecten. ‘Je wilt namelijk dat een kind kans van slagen heeft’, verklaart zij. Ook geeft zij aan dat niet alle VO-scholen in Groningen ‘dakpanbrugklassen’ hebben, zodat een dubbeladvies (waar bijvoorbeeld mavo/havo op staat) niet veel zin heeft.

Meer over het RUG-onderzoek naar schooladviezen in Groningen

Minister ziet niets in bekostiging op schoolniveau

Minister Slob ziet niets in het idee van D66-Tweede Kamerlid Paul van Meenen om het budget voor onderwijs rechtstreeks aan scholen uit te keren. Volgens hem is het een ingrijpende wijziging waar veel nadelen aan kleven. 

Dat schrijft de minister in zijn Kamerbrief over de vereenvoudiging van de bekostiging van het voortgezet onderwijs, hoewel hij benadrukt dat deze twee onderwerpen los van elkaar staan. Het voorstel om op schoolniveau te bekostigen vraagt volgens Slob een fundamenteel gesprek ‘dat zich niet alleen beperkt tot het verdeelmodel, maar ook gaat over de verantwoording en de checks and balances die in het stelstel zijn ingericht om de kwaliteit van het onderwijs en een goede bedrijfsvoering te borgen’. Slob wil dit gesprek wel voeren, maar dan ‘op basis van de juiste informatie’. Hij verwijst daarvoor naar het onlangs verschenen advies van de Onderwijsraad over de bekostiging en verantwoording en het advies over de positie van schoolleiders.

VOS/ABB reageerde eerder al op het voorstel van Van Meenen, met het commentaar ‘Te krappe geldstroom verleggen lost niets op’.

Doorbraak in vereenvoudiging bekostiging

Het bekostigingsmodel voor het voortgezet onderwijs wordt per 1 januari 2021 sterk vereenvoudigd. Na jaren van overleg is hier overeenstemming over bereikt. Minister Slob spreekt van een doorbraak in de brief die hij vandaag aan de Tweede Kamer stuurt.

In de Kamerbrief staat dat de lumpsumbekostiging blijft, maar dat deze in de toekomst wordt gebaseerd op vaste bedragen per leerling in de onderbouw en bovenbouw en per school. Er blijven nog maar vier criteria over voor de berekening van de bekostiging:

  • Eén prijs voor alle leerlingen in de onderbouw en voor leerlingen in de bovenbouw van het algemeen vormend onderwijs.
  • Eén prijs voor leerlingen in de bovenbouw van het voorbereidend beroepsonderwijs en leerlingen in het praktijkonderwijs.
  • Een vast bedrag per vestiging van een school.
  • Een hoger bedrag voor een hoofdvestiging dan voor een nevenvestiging.

Herverdeeleffecten bij nieuw bekostigingsmodel

Het vierde criterium is toegevoegd om rekening te houden met de positie van kleine, kwetsbare besturen, zo schrijft Slob in zijn Kamerbrief. Volgens hem blijven op deze manier de herverdeeleffecten klein. Circa 90 procent van de schoolbesturen kan een positief herverdeeleffect verwachten of een negatief herverdeeleffect dat kleiner is dan 3 procent.

Dit betekent dat er ook schoolbesturen zijn die er financieel op achteruit zullen gaan. Volgens dagblad Trouw treft dat vooral brede scholen. Er komt een overgangsregeling van vier jaar, maar voor schoolbesturen met een negatief herverdeeleffect van 3 procent of meer wordt dat vijf jaar.

Reageren via internetconsultatie

Volgens Slob bestaat er ruim draagvlak voor dit nieuwe bekostigingsmodel, dat is voorbereid in samenspraak met de VO-raad. Hij gaat de wetswijziging nu voorbereiden en verwacht het wetsvoorstel in de zomer van 2019 te kunnen indienen.

Hij opent per direct een nieuwe internetconsultatie en stelt een instrument beschikbaar waarmee schoolbesturen al kunnen berekenen hoe de herverdeeleffecten zullen uitvallen. De internetconsultatie staat open tot 28 september.

Scholen en besturen kunnen hier rechtstreeks input leveren. Dat kan echter ook via VOS/ABB, waarna de vereniging alle opmerkingen zal verwerken in een reactie op de internetconsultatie.

Mail uw opmerkingen naar Ronald Bloemers via rbloemers@vosabb.nl

Meer informatie in de Kamerbrief van minister Slob

 

Minister wil meer anti-pestprogramma’s op vmbo’s

Vmbo-scholen moeten meer gebruikmaken van effectieve anti-pestprogramma’s. Dat zegt minister Van Engelshoven van Onderwijs in een brief aan de Tweede Kamer, die ze net voor het reces heeft verstuurd.

De minister beantwoordt in deze brief de Kamervragen van het Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul (PvdA), die aan de bel had getrokken na een rapportage van scholierenorganisatie LAKS over veiligheid op school. Daaruit bleek dat een flink percentage leerlingen in het vmbo en praktijkonderwijs zich niet veilig voelt.

De minister heeft de cijfers vergeleken met andere vormen van monitoring van de veiligheidsbeleving in het voortgezet onderwijs. Dan zijn de uitkomsten minder alarmerend dan die van LAKS, maar de conclusie van OCW is toch dat er ‘een onwenselijk groot verschil tussen de schooltypen’ is.

Wet veiligheid op school

Op de vraag hoe ze dit wil aanpakken, wijst de minister op de invoering van de Wet veiligheid op school in 2015. Deze wet verplicht scholen te zorgen voor een veilig schoolklimaat. De Inspectie van het Onderwijs let erop dat daar echt werk van wordt gemaakt. Het lijkt effect te hebben, want het aantal leerlingen dat zegt gepest te worden, neemt iets af.

Tegelijkertijd blijkt het gebruik van anti-pestprogramma’s in het voortgezet onderwijs  achter te blijven. ‘Dat is een gemiste kans’, aldus Van Engelshoven. Ze gaat in overleg met onder meer de VO-raad om te bezien hoe het gebruik van bewezen effectieve anti-pestprogramma’s met name op vmbo’s en praktijkscholen gestimuleerd kan worden. Ook wil ze de scholen wijzen op de mogelijkheden van ondersteuning door de Stichting School en Veiligheid.

Lees hier de brief met alle cijfers van minister Van Engelshoven

Maatschappelijke Diensttijd: tweede subsidieronde

Tot dinsdag 9 oktober kan er subsidie worden aangevraagd voor een tweede serie projecten Maatschappelijke Diensttijd voor jongeren. In de eerste tranche zijn 38 projecten goedgekeurd, die in september van start gaan. Er is een miljoenensubsidie beschikbaar.

Welke projecten precies subsidie hebben gekregen, is niet bekendgemaakt. Wel meldt het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport dat 13.000 jongeren na de zomervakantie aan de slag kunnen voor een maatschappelijke diensttijd.

Ze kunnen vrijwilligerswerk gaan doen bij goede doelen of voor mensen die een steuntje in de rug kunnen gebruiken. Als voorbeelden worden genoemd: werken bij de reddingsbrigade of het organiseren van contacten tussen jongeren uit de stad en jonge boeren. De gedachte achter de diensttijd is dat die bijdraagt aan burgerschapsvorming.

Het aantal projecten wordt begin 2019 uitgebreid. Daar is 25 miljoen euro voor beschikbaar. Dat budget loopt de komende jaren nog op naar 100 miljoen.

Ton subsidie voor Arnhemse school

Het lijkt er op dat tot dusverre vooral maatschappelijke organisaties subsidie hebben gevraagd voor een project met maatschappelijke diensttijd. Een van de weinige scholen die een aanvraag heeft ingediend, is de gereformeerde scholengemeenschap Guido in Arnhem. Deze school krijgt een ton subsidie voor de organisatie van een maatschappelijke diensttijd. De leerlingen van Guido kunnen er op vrijwillige basis aan meedoen in het kader van beroeps- en loopbaanoriëntatie en burgerschapsvorming.

Over de procedure voor de tweede subsidieronde wordt op woensdag 5 september een informatiebijeenkomst gehouden. Heeft u daarna interesse voor deze subsidie, dan moet u uiterlijk 21 september een formulier indienen om u aan te melden.

Meer informatie over het de tweede subsidieronde Maatschappelijke Diensttijd

Scholenfusie sneller goedgekeurd

Vooruitlopend op een wetswijziging is de fusietoets per 1 augustus 2018 al sterk versoepeld. Een scholenfusie wordt sneller goedgekeurd.

De uitvoerige procedure met advisering van onafhankelijke commissie, de CFTO, is met ingang van dit schooljaar vervangen door een kortere goedkeuringsprocedure bij de minister. Voor de vorming van een samenwerkingsschool hoeft helemaal geen goedkeuring meer te worden aangevraagd.

Wetswijziging fusietoets officieel in 2020

In het regeerakkoord is vorig jaar al aangekondigd dat de fusietoets in het funderend onderwijs zou worden aangepakt: sterk versoepeld in het voortgezet onderwijs en zelfs afgeschaft in het primair onderwijs. Dit voorjaar kondigde de regering aan dat ook in het VO de fusietoets wordt afgeschaft. Hiertoe is een wijziging nodig in de Wet op het primair onderwijs (WPO), de Wet op de expertisecentra (WEC) en de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO). Deze wetswijziging zal in het najaar van 2018 worden ingediend. Het doel is dat de wetswijziging begin 2020 in werking zal treden.

Wijzigingen fusietoets per 1 augustus

Vooruitlopend op die afschaffing is de ministeriële regeling over de fusietoets aangepast per 1 augustus 2018. Deze wijzigingen houden in dat:

  • de advisering van de onafhankelijke adviescommissie CFTO bij toetsplichtige fusies niet meer nodig is;
  • de CFTO derhalve daarvoor wordt opgeheven;
  • de fusies die volgens de wet getoetst moeten worden, door OCW zelf zullen worden getoetst aan de hand van de fusie-effectrapportage. De minister kijkt dan naar twee zaken: zijn de juiste procedurele stappen doorlopen en hebben de medezeggenschapsraden instemming verleend? Indien aan beide voorwaarden is voldaan, verleent de minister goedkeuring aan de fusie;
  • het streven is dat de minister binnen vier weken na de volledige fusieaanvraag een besluit neemt.

Slechts voor intersectorale fusies met besturen uit de hogere sectoren blijft de onafhankelijke advisering bestaan. Dit gebeurt door de Commissie macrodoelmatigheid mbo of de Commissie macrodoelmatigheid hoger onderwijs.

Tot 6 augustus was het mogelijk om te reageren op de voorgestelde wetswijziging via een internetconsultatie. VOS/ABB heeft hiervan gebruikgemaakt. ‘We hebben wederom – dat doen we al sinds de invoering ervan – aangegeven dat we voorstander zijn van afschaffing van de fusietoets en we de regering hierin dus steunen’, zegt Ronald Bloemers van VOS/ABB.

VOS/ABB heeft altijd betoogd dat de fusietoets een belemmering is voor oplossingen in krimpsituaties en bovendien tot veel bureaucratie leidt. Bij de invoering was het vooral bedoeld om de schaalvergroting in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs tegen te gaan, in de praktijk had vooral het funderend onderwijs in krimpgebieden er last van.

Wanneer is goedkeuring scholenfusie nu nog nodig?

In het speciaal onderwijs en het voortgezet onderwijs moet nog voor alle scholenfusies en bestuurlijke fusies goedkeuring worden gevraagd bij de minister, maar dat is dus een kortere procedure. In het primair onderwijs is goedkeuring van de minister nodig bij:

  • een scholenfusie waarbij het totale aantal leerlingen op de betrokken scholen minstens 500 bedraagt;
  • een bestuurlijke fusie waarbij het totale aantal scholen van de betrokken besturen minstens 10 bedraagt.

In alle sectoren geldt dat er GEEN ministeriële goedkeuring is vereist als de scholenfusie of bestuurlijke fusie noodzakelijk is voor de vorming van een samenwerkingsschool.

Meer informatie: Onderwijsjuristen VOS/ABB, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Aantal pabostudenten stijgt

De lerarenopleidingen basisonderwijs zien het aantal studenten sinds kort flink stijgen. De reguliere pabo’s melden een toename van 11 procent ten opzichte van vorig jaar. Daarnaast hebben de deeltijdopleidingen al 30 procent meer aanmeldingen.

Dit melden de dagbladen NRC en AD, die gesproken hebben met het LOBO, het Landelijk Overleg Lerarenopleidingen Basisonderwijs. Het lijkt erop dat het nieuws over oplopende lerarentekorten veel mensen beweegt om te kiezen voor baanzekerheid in het onderwijs. Ook is na de acties van afgelopen jaar de cao verbeterd, waardoor basisschooldocenten er gemiddeld 8,5 procent op vooruitgaan. Daarnaast wordt gemeld dat vrouwen vaak willen overstappen naar het onderwijs via een verkorte deeltijdopleiding, omdat dit werk goed is te combineren met de zorg voor een gezin.

Zij-instromers

Zeker 350 mensen hebben zich al gemeld voor een verkorte deeltijdopleiding, terwijl het ministerie slechts 160 van deze zij-instroomtrajecten vergoedt. Het gaat om mensen met een hbo- of wo-diploma die – gesubsidieerd – in twee jaar een pabo-diploma kunnen halen terwijl zij al betaald voor de klas staan. De PO-Raad vindt het jammer dat het aantal plaatsen hiervoor beperkt is. ‘Dat we mensen moeten teleurstellen, is in deze tijd niet meer te verkopen’, aldus een woordvoerder van de PO-Raad.

Uit een recente peiling van de brancheorganisatie blijkt dat het nieuwe schooljaar straks begint met een tekort van 1300 leraren. Volgens voorspellingen kan dat tekort oplopen tot 4100 fulltime leraren in 2022 en 11.000 in 2027.

 

Teksten CAO PO 2018-2019

De PO-Raad heeft de teksten van de CAO PO 2018-2019 gepubliceerd. Deze cao gaat in op 1 augustus 2018 en regelt loonsverhogingen en extra uitkeringen voor leraren.

De gepubliceerde teksten zijn de uitwerking van het onderhandelaarsakkoord dat de PO-Raad en vakbonden op 6 juni sloten.

De CAO PO 2018-2019 geldt tot 1 maart 2019.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Gestage groei overwerk in onderwijs

In het onderwijs wordt veel overgewerkt, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op basis van de Enquête Beroepsbevolking 2017. Bijna de helft (45 procent) van de docenten en onderwijsassistenten werkt geregeld over en het aantal uren overwerk groeit.

De beroepsgroep waarin het meest wordt overgewerkt is die van de managers (56 procent), daarna volgt het onderwijs. Voor dit onderzoek is onderscheid gemaakt tussen soms, regelmatig of niet overwerken. Bij de managers en de mensen met een pedagogisch beroep gaat het om regelmatig overwerk. Het minste overwerk wordt gemeld in dienstverlenende beroepsgroepen,zoals de horeca en schoonmaaksector. Een derde van alle werknemers maakt nooit meer uren dan contractueel is vastgelegd.

Steeds langer overwerken

Werknemers die regelmatig overwerken, deden dat in 2017 gemiddeld 6 uur per week. Bij soms overwerken gaat het om 3 overuren per week. ‘Gemiddeld genomen ligt het aantal uren overwerk al jaren min of meer gelijk, behalve bij de beroepsgroepen zorg en onderwijs. Daar zien we een gestage groei van het overwerk’, zegt Tanja Traag van het CBS in een toelichting voor de NOS.

Meer over de Enquête Beroepsbevolking

 

 

 

 

Gratis lesmateriaal mediawijsheid

Scholen voor primair en voortgezet onderwijs kunnen nog steeds gratis lesmateriaal voor mediawijsheid aanvragen bij het Nationaal Media Paspoort. Sinds het begin van dit schooljaar hebben al 2500 scholen dit gedaan.

Het gaat om lessen die zijn ontwikkeld door de Nationale Academie voor Media & Maatschappij, in samenwerking met de Radboud Universiteit Nijmegen en de Wetenschappelijke Raad. Deze instellingen doen tegelijkertijd wetenschappelijk onderzoek naar het effect van de lesmethode, die tot doel heeft kinderen veiliger en positiever met de huidige media te leren omgaan. Het gaat daarbij onder meer om reclamewijsheid, informatievaardigheden, privacy en veiligheid. Scholen die het materiaal downloaden, zitten in de wetenschappelijke monitor.

De lessen zijn opgebouwd rond zeven thema’s en zijn afgestemd op de leeftijd en belevingswereld van de leerlingen. Scholen bepalen zelf hoe en wanneer ze de lessen geven. Basisscholen kunnen instappen met de groepen 1 tot en met 5. Het voortgezet onderwijs kan kiezen uit lessen voor onderbouw en bovenbouw. De lessen zijn direct te downloaden. Ook ouders kunnen games en lessen downloaden.

Meer informatie

Subsidie Teambeurs weer beschikbaar

Schoolbesturen in het primair onderwijs kunnen ook dit jaar weer de Teambeurs aanvragen. Dit is een subsidie waardoor leraren in teamverband een masteropleiding kunnen volgen.

Het deelnemende team moet uit minimaal twee leerkrachten bestaan. De subsidie  is aan te vragen tot 15 oktober. De Teambeurs biedt de studerende leerkrachten ruimte voor studieverlof en tijd om de opgedane kennis in te bedden in de school. De subsidie moet worden aangevraagd door het schoolbestuur, samen met de betrokken leraren en schoolleiders. Er is dit jaar in totaal 11,7 miljoen euro beschikbaar voor de Teambeurs.

Schoolbesturen kunnen de subsidie Teambeurs ook inzetten om een nieuwe masteropleiding te ontwikkelen in samenwerking met een hogeschool of universiteit. Deze masteropleiding moet dan gericht zijn op teamontwikkeling en schoolontwikkeling.

Masteropleiding schoolleiders

Ook schoolleiders in het primair onderwijs kunnen met subsidie een masteropleiding volgen, eventueel voorafgegaan door een pre-master. Zij kunnen een tegemoetkoming in de vervangingskosten aanvragen. Deze subsidie kan ook nog met terugwerkende kracht worden aangevraagd als een schoolleider na 8 oktober 2016 is gestart met zijn masteropleiding. Hiervoor is in totaal 7,8 mijoen euro beschikbaar.

Meer informatie over de Teambeurs

Meer informatie over de schoolleiderstegemoetkoming

Vernieuwing computersysteem DUO afgerond

De vernieuwing van het computersysteem van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) is afgerond. In april zijn alle gegevens uit het oude systeem, dat uit 1986 dateerde, overgezet in het nieuwe systeem.

Minister Ingrid van Engelshoven van OCW spreekt haar waardering uit voor het succesvol verlopen ICT-project van DUO. In de maand april was DUO onbereikbaar voor de klanten, nu werkt alles weer.

DUO voert voor het ministerie van OCW wetten en regelingen uit op het gebied van onderwijs. Het gaat onder meer om het bekostigen van onderwijsinstellingen, het beheer en de uitwisseling van gegevens die zijn gekoppeld aan het onderwijsnummers en het verstrekken van studiefinanciering en tegemoetkoming schoolkosten.

Meer informatie

 

Advies VO-raad: geen cao, wel loonsverhoging

Ondanks het uitblijven van een nieuwe cao voor het voortgezet onderwijs, roept de VO-raad zijn leden op per 1 juni een structurele loonsverhoging uit te betalen van 2,35 procent. De VO-raad wil niet langer wachten op hervatting van het cao-overleg door de vakbonden.

De onderwijsbonden hebben het overleg met de werkgeversorganisatie over nieuwe cao-afspraken op 20 februari afgebroken.Dat kwam door meningsverschillen over de loonontwikkeling en de aanpak van werkdruk.

De bonden eisten een loonsverhoging van structureel 3,5 procent en een lessenreductie van 25 naar 20 uur per week. Voor de VO-raad is een loonsverhoging van 2,35 procent het maximum. Ook wijst de raad een generieke lessenreductie af. De raad vindt dat de werkdruk op schoolniveau moet worden aangepakt.

Recht op loonsverhoging

Na het vertrek van de bonden is het niet meer gelukt de onderhandelingen vlot te trekken, maar de VO-raad vindt dat het personeel in het voortgezet onderwijs wel recht heeft op een loonsverhoging.

De raad heeft tot 1 mei gewacht, maar er nu nog steeds geen reactie van de bonden is, komt het bestuur met het eenzijdige advies om over te gaan tot uitbetaling van 2,35 procent extra. Intussen blijft het bestuur van de VO-raad streven naar nieuwe cao-afspraken en hoop houden dat de bonden terugkomen naar de onderhandelingstafel.

Meer informatie en nieuwe salaristabellen

Meer ruimte voor 10-14-scholen

De pilot met 10-14-scholen wordt uitgebreid. Per 1 augustus 2018 mag een tweede lichting scholen instromen in het experiment. Het gaat om aparte scholen voor kinderen van 10 tot 14 jaar, een innovatieve samenwerkingsvorm tussen primair en voortgezet onderwijs.

Dit meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer. Uiterlijk 1 juli beslist hij welke scholen in het komende schooljaar mogen aanhaken.

Soepele overgang

In augustus 2017 is de pilot van start gegaan met zes 10-14-scholen, ook wel tienerscholen genoemd. Doel van dit onderwijs is om leerlingen een betere aansluiting en soepele overgang van het primair naar het voortgezet onderwijs te bieden.

Binnen het 10-14 onderwijs krijgen de kinderen door een eigen leerplan meer maatwerk: de een kan sneller aan vo-vakken beginnen, terwijl de ander nog wat achterstanden kan wegwerken.

Tijdens de pilotperiode wordt onderzocht wat de succesfactoren van deze aanpak zijn en waar eventuele belemmeringen zitten. Ook de effecten worden gemeten: de tussentijdse doorstroom, de score op de eindtoets primair onderwijs en de schooladviezen die worden gegeven als de kinderen 12 en 14 jaar zijn.

Magazine Naar School! heeft in oktober 2016 aandacht besteed aan de eerste openbare 10-14 school: De LeerOnderneming in Ridderkerk.

Lerarentekort wordt steeds meer voelbaar

Het lerarentekort wordt steeds meer voelbaar. De strijd om docenten in bijvoorbeeld het Groene Hart is al losgebarsten, schrijft Dagblad AD. Tegelijkertijd meldt dagblad De Gelderlander dat jonge leerkrachten uit Oost-Nederland nauwelijks naar de Randstad vertrekken, ondanks speciale maatregelen zoals een extra premie.

Scholen voor voortgezet onderwijs in het Groene Hart hebben veel vacatures voor het komende schooljaar. Er is met name behoefte aan docenten Nederlands, Duits, wis- en natuurkunde.

Op advertenties komen weinig reacties, terwijl zittende docenten vaker dan vroeger van school veranderen omdat er veel keus aan vacatures is. Dagblad AD citeert rector Herman van Tongerloo van openbare Scholengemeenschap Leo Vroman in Gouda, die zeven vacatures voor het nieuwe schooljaar heeft opengezet: ‘Je moet er op tijd bij zijn, voor de ratrace begint. Op een advertentie voor een eerstegraadsdocent natuurkunde kregen we maar vijf reacties, terwijl dat voor andere vakken minstens het dubbele is.’

Ook in het primair onderwijs lopen de lerarentekorten in de Randstad zo hoog op, dat sommige schoolbesturen een extra premie uitbetalen aan leraren die daarnaartoe komen. Toch levert dat niet veel op. De Gelderlander vroeg diverse pabo’s in Oost-Nederland hoeveel afgestudeerden naar de Randstad zijn vertrokken: het blijkt om ‘een enkeling’ of ‘hooguit een handvol’ te gaan.

Plan van aanpak lerarentekort

De rijksoverheid verwacht dat de lerarentekorten de komende jaren alleen maar verder stijgen. In het primair onderwijs wordt voor 2019 een tekort verwacht van ruim 2900 fte, in het voortgezet onderwijs zit dat getal nu rond de 800 en dat loopt op tot ruim 1200 in 2025.

Er is daarom een plan van aanpak gemaakt om dit te beperken. Het gaat om acties als het bevorderen van zij-instroom, een subsidieregeling voor herintreders, verbetering van de doorgroeimogelijkheden van leraren en meer mogelijkheden voor gastdocenten en hybride-docenten.

Regelluwe scholen: uiterlijk 25 mei aanmelden

Scholen die willen aanhaken bij het Experiment Regelluwe Scholen, moeten zich uiterlijk 25 mei vóór 12 uur aanmelden. De toelating is niet meer beperkt tot scholen met het predicaat ‘excellent’. Ook scholen die van de Inspectie van het Onderwijs het oordeel ‘goed’ hebben gekregen, kunnen nu meedoen.

Het experiment is in 2016 van start gegaan en wordt nu uitgebreid met 48 scholen. Deze scholen mogen afwijken van bepaalde wet- en regelgeving om vernieuwingen in het onderwijs te kunnen doorvoeren.

Het doel hiervan is om te onderzoeken of dit leidt tot betere kwaliteit of meer doelmatigheid van het onderwijs.

Regelluwe deelexperimenten

Dit zijn de vijf thema’s of deelexperimenten waar scholen zich voor kunnen aanmelden:

  • verminderen van instroommomenten voor kleuters
  • inruilen van onderwijstijd voor ontwikkeltijd (po en vo)
  • vervangen van een theoretisch vak door een praktijkvak op de havo
  • afnemen van deelexamens op de eigen school (vo)
  • afwijken van bevoegdheidseisen in het vo

Per deelexperiment worden acht scholen toegevoegd. Alleen het deelexperiment over het inruilen van onderwijstijd voor ontwikkeltijd wordt uitgebreid met acht scholen voor primair onderwijs én acht scholen voor voortgezet onderwijs. De selectie gebeurt op basis van een aantal criteria.

Meer informatie op www.regelluwescholen.nl. Daar staat ook het aanmeldformulier.