Vervangingsfonds verdwijnt, Participatiefonds blijft

Het Vervangingsfonds (Vf) wordt opgeheven, maar het tijdstip waarop dit gaat gebeuren is nog niet bekend. Het Participatiefonds (Pf) blijft, maar zal wel een vereenvoudiging en modernisering moeten ondergaan. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

‘De wettelijke waarborgtaak van het Vf wordt op termijn beëindigd: de verplichte aansluiting van schoolbesturen vervalt en de ministeriële aanwijzing van het Vf als rechtspersoon voor de uitvoering van deze taak wordt ingetrokken. De (financiële) basis voor deze wettelijke taak wordt namelijk steeds kleiner en daarmee de mogelijkheid om het fonds in stand te houden’, aldus Slob.

Hij legt uit dat dit komt doordat steeds meer schoolbesturen ervoor kiezen de vervangingskosten geheel of gedeeltelijk zelf te dragen. ‘Deze besturen kiezen voor (…) eigenrisicodragerschap. Het aantal besturen dat hiertoe is overgegaan, neemt jaarlijks toe. Deze ontwikkeling is onomkeerbaar (…)’, zo staat in brief.

Wanneer het Vf ophoudt te bestaan, is nog niet bekend. Dat is volgens de minister afhankelijk van diverse voorwaarden waaraan moet worden voldaan. Zo moet eerst duidelijk worden of schoolbesturen via samenwerking in staat zijn om zonder het Vf te voorzien in de kosten van vervanging van ziek personeel.

Participatiefonds

Over de toekomst van Pf meldt Slob, dat die bestaat ‘uit een ingrijpende modernisering en vereenvoudiging van de bestaande systematiek’. Zo moeten er meer prikkels komen voor schoolbesturen om lopende en nieuwe werkloosheidskosten te beheersen.

‘Daarnaast wordt het reïntegratiebeleid van het Pf vernieuwd. Er is meer aandacht in de fase voorafgaande aan een mogelijk ontslag. Eenmaal in een uitkering worden uitkeringsgerechtigden via een op-maat-benadering intensiever begeleid bij terugkeer naar een baan, binnen of buiten het onderwijs’, aldus de minister.

Lees meer…

Participatiefonds streeft naar vereenvoudigd systeem

Het Participatiefonds (Pf) gaat moderniseren. Althans, dat is het streven van het bestuur van het Pf, zo blijkt uit een brief aan de aangesloten schoolbesturen.

Het streven van het Pf om te moderniseren sluit aan bij de wens van het vorige kabinet. Dat liet in 2016 aan de Tweede Kamer weten dat er ‘een vereenvoudigd en administratief minder belastend systeem voor de verevening van risico’s van werkloosheidsuitgaven’ moest komen met prikkels ‘om werkloosheid te voorkomen c.q. te bekorten’. Verder zouden in het nieuwe systeem de risico’s evenwichtig verdeeld moeten worden ‘tussen het collectief van schoolbesturen en de individuele besturen waar de uitkeringen zich voordoen’.

Het bestuur van het Pf heeft in het verlengde hiervan een advies van de PO-Raad en de onderwijsvakbonden overgenomen, waarin onder andere staat dat schoolbesturen niet in financiële problemen mogen komen door hoge kosten van werkloosheidsuitkeringen. Het nieuwe systeem moet bovendien ‘anonieme afwenteling’ voorkomen van kosten door individuele schoolbesturen op het collectief.

Bekostigingsexpert Ronald Bloemers van VOS/ABB noemt de aangekondigde modernisering ‘vrij fors’. Hij wijst op de volgende punten:

  • Schoolbesturen betalen direct 50 procent van de werkloosheidskosten zelf.
  • Indien het ontslag in specifieke situaties als onvermijdbaar wordt beoordeeld en de werkgever voldoende inspanning heeft geleverd, is dat slechts 10 procent.
  • De sector draagt minimaal 50 procent van de werkloosheidskosten en in bepaalde gevallen dus 90 procent.
  • De facturatie van werkloosheidskosten zal rechtstreeks aan besturen worden gedaan. Er zal dus geen sprake meer zijn van verrekening via de lumpsum.

Het is de bedoeling, zo meldt het bestuur van het Pf, dat de vereenvoudigde systematiek aansluit bij de nieuwe ontslagsystematiek per 1 januari 2020. Op die datum zal de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) in werking treden. Met die nieuwe wet worden de ontslagregels voor mensen in het openbaar onderwijs gelijkgetrokken met die voor werknemers in het bijzonder onderwijs.

Lees meer…

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Participatiefonds komt met forse premiestijging

De premie van het Participatiefonds (Pf) gaat op 1 januari 2018 omhoog naar 5,25 procent. Nu is de premie nog 4,00 procent. Het is de grootste premiestijging sinds jaren.

Volgens het Pf wordt de stijging voornamelijk veroorzaakt doordat er eind 2015 geld over was bij het fonds en dat toen het premiepercentage (tijdelijk) omlaag kon. Een andere oorzaak van de forse premiestijging per 1 januari 2018 zijn de stijgende werkloosheidskosten in het primair onderwijs.

Lees meer…

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl