Definitieve Regeling bekostiging personeel 2018-2019

De definitieve Regeling bekostiging personeel PO 2018-2019 is gepubliceerd. Er staan geen grote verrassingen in. Het gaat met name om de aanpassing van de bekostigingsbedragen als gevolg van de verwerking van de kabinetsbijdrage op basis van de referentiesystematiek.

De wijzigingen in de nu gepubliceerde regeling zijn aanpassingen ten opzichte van de in september 2018 gepubliceerde Tweede regeling bekostiging personeel PO 2018-2019:

  • Gemiddelde personeelslast (GPL) leraren van 67.843,29 euro naar 68.946,71 euro (+1,626 procent);
  • GPL schoolleiders van 82.819,24 euro naar 84.154,30 euro (+1,612 procent);
  • Middelen personeels- en arbeidsmarktbeleid omhoog met ruim 1,6 procent.

Referentiesystematiek

De referentiesystematiek wordt gebruikt om de bekostiging in de publieke sector te indexeren. Als referentiesector wordt de marktsector gebruikt. De stijging of daling van lonen en werkgeverslasten in de afgesloten cao’s in de marktsector bepalen de kabinetsbijdrage. Dit is voor de hele publieke sector, waaronder het onderwijs.

Deze kabinetsbijdrage wordt bekendgemaakt in de vorm van een percentage dat wordt toegevoegd aan de lumpsumbekostiging. In 2019 is dat 3,13 procent.

Alle onderwijssectoren kennen een stijging van de personele lumpsum in 2019 met 3,13 procent. In het primair onderwijs, waar de bekostiging per schooljaar wordt verstrekt, wordt een deel van de kabinetsbijdrage verwerkt in de bekostiging voor schooljaar 2018-2019 en een deel in de bekostiging voor schooljaar 2019-2020.

De publicatie van de aangepaste Regeling bekostiging voor 2019-2020 wordt begin oktober verwacht. Daarin zal dus een aanpassing zijn opgenomen van de bedragen met toevoeging van de rest van de kabinetsbijdrage voor 2019.

Eerste Regeling bekostiging 2019-2020

De Eerste Regeling bekostiging PO 2019-2020 is gepubliceerd. Hieronder staat vermeld wat de belangrijkste punten zijn uit deze regeling.

  • De reguliere personele bekostigingsbedragen zijn opgehoogd met 0,43 procent. Door daling van de landelijke gewogen gemiddelde leeftijd (GGL) is de landelijke gemiddelde personeelslast (GPL) hierdoor gestegen met 0,049 procent. De uitwerking hiervan zal per schoolbestuur verschillen door de eigen GGL-fluctuatie.
  • Vanaf 2019-2020 geldt het nieuwe onderwijsachterstandenbeleid. In februari was al aangekondigd welke achterstandsscore elke school kreeg. Met de huidige regeling is duidelijk welk bedrag daarmee gemoeid is: 523,71 euro. Dit was al verwerkt in de rekentool van de PO-Raad die inzicht geeft in de beschikbare middelen per school. Schoolbesturen kunnen daar dus mee blijven rekenen. Voorheen zat er in het budget voor personeels- en arbeidsmarktbeleid een deel van de middelen vanuit het onderwijsachterstandenbeleid. Die middelen zijn daar uitgehaald en zitten in het bedrag, net als het stuk onderwijsachterstandsgeld dat in de materiële instandhouding zit. Alle ‘losse’ elementen zitten nu in het hierboven genoemde bedrag van 523,71 euro.
  • Het budget voor personeels- en arbeidsmarktbeleid is opgehoogd met 64,53 euro per leerling. Vakbond CNV Onderwijs is met onderwijsminister Arie Slob een kasschuif overeengekomen, waardoor een hoger bedrag aan werkdrukmiddelen eerder beschikbaar is. Hiermee is vanaf 2019-2020 per leerling 220,08 euro beschikbaar in plaats van 155,55 euro. Dit bedrag zal dan tot en met 2022-2023 beschikbaar zijn. Pas in schooljaar 2023-2024 komt naar verwachting het volledige bedrag ter beschikking van structureel circa 283 euro per leerling. Dat is twee jaar later dan vóór het akkoord van CNV Onderwijs met Slob.

Let op: voor fusies van scholen per 1 augustus 2019 geldt voor de berekening van de fusiecompensatie het nieuwe onderwijsachterstandenbeleid. Er komt binnenkort in onze online Toolbox een update van de tool voor het vaststellen van de fusiecompensatie.

Tweede en definitieve regeling

In september zal de Tweede Regeling bekostiging PO 2019-2020 worden gepubliceerd. Daarin zal in ieder geval de ophoging van de bekostiging als gevolg van de toepassing van de referentiesystematiek voor 2019 worden verwerkt. In september 2020 zal de Definitieve Regeling bekostiging PO 2019-2020 worden gepubliceerd, met daarin in ieder geval de aanpassingen aan de hand van de referentiesystematiek voor 2020.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Regelingen personele en materiële bekostiging

De nieuwe Regeling bedragen gemiddelde personeelslast is gepubliceerd, voor het eerst in combinatie met de Regeling exploitatiebekostiging. U vindt de gecombineerde regelingen hier.

De ophoging van de gemiddelde personeelslast (gpl) is 2,61 procent, met terugwerkende kracht tot 1 januari. In de regeling is de ophoging vanwege de kabinetsbijdrage voor de loonbijstelling vanuit de referentiesystematiek 2018 verwerkt. De tarieven voor materieel zijn met 1,59 procent opgehoogd.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Ook dit jaar subsidie lente- en zomerscholen

Ook dit jaar is er weer subsidie beschikbaar voor een lente- of zomerschool in het voortgezet onderwijs. Let op: de aanvraag moet uiterlijk 9 maart zijn ingediend.

Het bedrag per leerling dat beschikbaar wordt gesteld, is dit jaar weer iets lager: 450 euro in plaats van 500. In 2015 was het nog 650 euro per leerling. De afbouw van het bedrag is nodig omdat steeds meer scholen een beroep doen op de regeling, en het ministerie zoveel mogelijk scholen wil laten profiteren om zittenblijven in het vo terug te dringen. Het is de bedoeling dat het beschikbare budget uiteindelijk in de lumpsumbekostiging  wordt opgenomen, maar voor 2018 en 2019 geldt deze aparte subsidieregeling nog.

Steeds meer lente- en zomerscholen

Een lente- of zomerschool biedt leerlingen een bijspijkerprogramma in de mei- of zomervakantie om achterstanden op een of twee vakken weg te werken, waardoor ze niet hoeven te blijven zitten. In 2017 hebben 442 scholen zo’n programma aangeboden voor ruim 16.000 leerlingen. In 2015 waren dat nog 3271 leerlingen op 260 vo-scholen. Op 12 december 2017 is in de Tweede Kamer een motie van CDA-er Michel Rog aangenomen met het verzoek de regeling voor lente- en zomerscholen in 2018 en 2019 voort te zetten. Dit jaar is daarvoor 8,6 miljoen euro beschikbaar.

De subsidie moet uiterlijk 9 maart worden aangevraagd via een speciaal aanvraagformulier op de website van de Dienst Uitvoering Subsidies (DUS).

Praktische informatie over de regeling Lente- en Zomerscholen VO 2018

Regeling PVE en materiële instandhouding

De Regeling vaststelling programma’s van eisen basisonderwijs en (v)so en bekostiging materiële instandhouding samenwerkingsverbanden PO en VO voor het jaar 2017 is naar de Tweede Kamer gestuurd.

Download de regeling en de aanbiedingsbrief van staatssecretaris Sander Dekker van OCW.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Regeling bekostiging exploitatiekosten

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft de Regeling bekostiging exploitatiekosten voortgezet onderwijs 2016 en 2017 naar de Tweede Kamer gestuurd. De regeling staat ook op de website van het ministerie van OCW.

Deze regeling wordt jaarlijks begin oktober gepubliceerd in de Staatscourant. De Wet op het voortgezet onderwijs (WVO) bepaalt dat deze regeling niet eerder in werking dan nadat vier weken zijn verstreken na het overleggen aan de Tweede Kamer.

U kunt de regeling downloaden:

Regeling bekostiging exploitatiekosten voortgezet onderwijs kalenderjaar 2016 en 2017

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Bekostiging personeel iets verhoogd

De Regeling bekostiging personeel po 2014-2015 is gepubliceerd in de Staatscourant. Hiermee wordt de aanpassing van de bedragen voor personele bekostiging voor het schooljaar 2014–2015 geregeld. De bedragen worden iets verhoogd.

De regeling wijzigt de gemiddelde personeelslasten (GPL) en de bedragen van het budget Personeel- en Arbeidsmarktbeleid (P&A) voor dit lopende schooljaar aan de hand van de in december vastgestelde OCW-begroting voor 2015. Omdat dit betrekking heeft op het schooljaar 14/15 zullen de schoolbesturen hiervan dus ook een deel moeten meenemen in het jaar boekjaar 2014.

Prijsaanpassingen bao en sbao
De genormeerde gemiddelde personeelslasten (GPL) leraar worden voor het schooljaar 2014/2015 vastgesteld op € 58.458,08 (sbao: € 63.556,34). Dat is een verhoging van 1,034% ten opzichte van de definitieve GPL leraar voor het schooljaar 2013/2014. De genormeerde GPL schoolleiding worden voor het schooljaar 2014/2015 vastgesteld op € 75.052,67 (sbao: € 80.920,39). Dat is een verhoging van 0,073% ten opzichte van de definitieve GPL schoolleiding voor het schooljaar 2013/2014.

Ten opzichte van de definitieve bedragen voor het schooljaar 2013/2014 zijn alle P&A-bedragen verhoogd met 2,315% in verband met de doorwerking van de GPL-ontwikkeling én het terugdraaien van de korting op het P&A-budget die per 1 augustus 2013 heeft plaatsgevonden.

Daarnaast is het basisbedrag met € 2.583,09 (basisbedrag alleen voor bao) verhoogd en het bedrag per leerling met € 49,27  in verband met de verwerking van de afspraken over begeleiding voor startende leraren, werkdrukvermindering door conciërges en klassenassistenten en verminderenvan zittenblijven. In laatstgenoemde verhoging zit ook het bedrag waarmee de eind 2013 toegekende middelen voor het in 2014 behoud van jonge leerkrachten een structureel karakter krijgen.

Ook de bedragen voor ondersteuning van leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs schooljaar 2014–2015 worden aangepast.

Asielzoekers
De enige inhoudelijke wijziging in deze regeling betreft de uitbreiding van de bijzondere bekostiging voor opvang asielzoekerskinderen in procesopvanglocaties en gezinslocaties (artikel 45) met een bekostigingsgrondslag voor tussentijdse groei. Dit is een aanpassing om de besturen tegemoet te komen wanneer er een tussentijdse groei is. Dit was eerst niet mogelijk. De aanvraag kan (ook) per gewone brief.

Informatie: Helpdesk VOS/ABB, helpdesk@vosabb.nl, tel. 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur.

 

Update bekostigingsbedragen personeel 2009-2010

Het gaat hier om de bijstelling van de voorlopige bedragen die in april werden gepubliceerd voor de personele bekostiging van het komende schooljaar. Het waren toen voorlopige bedragen omdat de gegevens uit voorjaarsnota van het kabinet met de vastgestelde premieaanpassingen van 1 januari 2009 er nog niet in waren verwerkt. Daardoor daalden de bedragen met zo’n 0,3% terwijl de premieaanpassingen echter zouden zorgen voor een stevige verhoging.

Het was de bedoeling dat de meer definitieve bedragen die zouden gaan gelden voor het schooljaar 2009-2010 al in juni bekend zouden worden gemaakt. Dat lukte niet omdat men nog druk doende was de indexering nader vast te stellen in verband met onder andere de inkorting van de salarisschalen OP per 1 januari 2010.

Over de late informatie over zulke belangrijke bekostigingsgegevens heeft de PO-Raad de staatssecretaris een brief gestuurd (zie bijgaande brief hiernaast in rechterkolom).

Gelukkig is nu (eindelijk) de bijgestelde Regeling bekostiging personeel 09-10 beschikbaar. De bijstelling blijkt uit te komen op een verhoging van de personele bekostiging van 0,62% voor het OP en van -0,40% voor de directie ten opzichte van de definitieve bedragen van het schooljaar 08-09 zoals die gepubliceerd zijn in de Regeling bekostiging personeel PO 08-09 (zie ons eerdere bericht van 15 juni 2009: ‘Bekostiging PO: Definitieve prijzen voor 2008-2009’.)

De definitieve prijzen van 08-09 zijn globaal 1% hoger geworden, zodat de nieuwe bedragen voor 09-10 daar nog bovenuit komen, met name door de inkorting van de schalen per 1 januari 2010 van 17 naar 16 regels voor de leerkrachten.

De indexering van het budget Personeels- en arbeidsmarktbeleid moet verminderd worden met de eenmalige verhoging vorig jaar van 0,44%. Die index is dus 0,18% voor 09-10.

De beschikkingen die uit de nieuwe bedragen voortvloeien zullen pas in september 2009 verschijnen.

In de rechterkolom is het Excelbestand te downloaden met alle bedragen voor 09-10 zoals die nu zijn vastgesteld. Medio september zullen de nieuwe instrumenten voor de meerjarenbegrotingen vanaf 2010-2011 in de Toolbox geplaatst worden zodat u dan aan de slag kunt om deze meerjarenbegroting klaar te maken.

Daarbij nog wel enkele kanttekeningen:
a.    In de verhoging van de index van 0,62% zit ook verwerkt de inkorting van de schalen van de leraren van 17 naar 16 regels. Die inkorting schalen op zich zorgt voor een verhoging van de GPL 09-10 met ongeveer 0,41% voor het OP.

b.    De premieverhoging van de pensioenen met 1%-punt per 1 juli 09 is niet verwerkt in de index. Het is momenteel niet bekend hoe deze verwerking zal plaatsvinden . Gewoonlijk gebeurt het door de ontwikkeling zoals die in de marktsector plaatsvindt op dit punt te volgen. Deze verwerking vindt dan pas plaats in het late voorjaar van 2010 bij de vaststelling van de voorjaarsnota door het kabinet. Wat in de marktsector gebeurt met de pensioenpremies is nog niet bekend. Hoe het uit zal pakken met de plannen van het ABP om de pensioenpremie per 1 januari 2010 te verhogen met 2%-punt is ook niet bekend.

c.    Houd er wel rekening mee dat de premiewijzigingen per 1 januari 2010 nog kunnen leiden tot een bijstelling van de huidige bedragen zodra de voorjaarsnota 2010 omstreeks juni 2010 is vastgesteld.

d.    In de Regeling is in artikel 2 lid 5 nu ook de indexering verwerkt van de Regeling loonkostensubsidie ondersteunend personeel basisscholen. Die wordt met 4,38% verhoogd. Omdat deze indexering een ander tijdstraject volgt is de uitkomst geheel anders, maar over een langere periode bezien zijn beide loonindexen vrijwel gelijk.

e.    In een afzonderlijk bericht is aandacht besteed aan de eenmalige verhoging van de toeslag impulsgebieden met € 211.  

Informatie: Bé Keizer, 06-22939674 of bkeizer@vosabb.nl.

Bijlagen

Geld voor brede scholen snel aanvragen

Het gaat om de nieuwe regeling van het ministerie van OCW voor de verbetering van de bestaande gebouwen van brede scholen. Ook brede scholen die dit jaar of in 2010 gereed komen, komen in aanmerking. Er is 28 miljoen euro beschikbaar gesteld om de huisvesting zo aan te passen dat deze meer is gericht op multifunctioneel gebruik.

Er zijn voorwaarden gesteld aan de toekenning van de middelen. De criteria hebben betrekking op:

  1. het aandeel publieke en private financiering;
  2. de grootte van de gemeente;
  3. het multifunctionele karakter van de huisvesting;
  4. het aantal vertegenwoordigde sectoren.

Voor de besteding van de middelen kan bijvoorbeeld worden gedacht aan multifunctionele ruimtes, klimaatbeheersing of het organiseren van tussenschoolse opvang.  

VOS/ABB gaat er in haar plan van aanpak van uit dat een gemeenschappelijke visie van de deelnemers op het multifunctionele gebruik van de school noodzakelijk is. Een goede samenwerking resulteert in een gezamenlijke visie  en maakt een succesvolle aanvraag mogelijk. De adviseurs van VOS/ABB kunnen deze samenwerking snel op poten zetten.

Wilt u meer informatie over de regeling of wilt u dat wij voor u inventariseren wat de mogelijkheden zijn, neemt u dan contact op met onze adviseurs: