ABP gaat ‘zeer waarschijnlijk’ pensioenen verlagen

De kans dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) de pensioenen volgend jaar gaat verlagen is zeer waarschijnlijk.

De actuele dekkingsgraad van het ABP was op 31 augustus 88,6 procent. Dat is fors onder de kritische grens van 94,3 procent die nodig is om de pensioenen op het huidige niveau te houden. De dekkingsgraad is te laag, doordat de rente al lange tijd erg laag is. De verwachting is dat de lage rentestand nog lange tijd aanhoudt.

Het fonds meldt dat het de verlaging van de pensioenen nog niet met zekerheid kan aankondigen, maar dat het er ‘wel heel serieus rekening mee houdt’.

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Bijzonder zorgwekkend

President Klaas Knot van de Nederlandsche Bank (DNB) zegt in de Telegraaf dat niet moet worden gewacht met pensioenkortingen. Hij noemt de situatie ‘bijzonder zorgwekkend’. De extreem lage rente is volgens hem ‘een quasi-permanent probleem’.

Knot wil dat onder andere het ABP de pensioenen verlaagt, want ‘uitstel van korten betekent dat de rekening doorschuift naar jongere generaties’.

Lees meer…

ABP ziet dekkingsgraad kelderen naar 88,6%

Het gaat erg slecht met het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP): nu door de extreem lage rente de dekkingsgraad is gezakt naar 88,6 procent, lijkt het vrijwel zeker dat onder andere de onderwijspensioenen omlaag moeten.

Op 31 augustus jongstleden was de dekkingsgraad 88,6 procent, meldt het ABP. Het betreft een daling met 5,3 procentpunt in een maand. Op 17 oktober maakt het pensioenfonds bekend of de dekkingsgraad deze maand nog verder omlaag is gegaan. Alles wijst erop dat dit gaat gebeuren, zeker nu de Europese Centrale Bank (ECB) heeft besloten de depositorente te verlagen van -0,4 naar -0,5 procent.

De kritische dekkingsgraad waaronder het ABP de pensioenen moet verlagen, ligt op 94,3 procent. Daar zit het ABP nu dus ver onder. Het beschikbare vermogen van het ABP bedraagt 456 miljard euro, terwijl het 514 miljard euro moet zijn om nu en in de toekomst de pensioenen te kunnen uitbetalen.

Lees meer…

Nóg lagere rente zet pensioenen verder onder druk

De Europese Centrale Bank (ECB) gaat de rente verder verlagen. Deze maatregel van president Mario Draghi van de ECB is buitengewoon slecht nieuws voor de pensioenfondsen, waaronder het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) dat de onderwijspensioenen beheert. Het lijkt steeds waarschijnlijker dat de pensioenen in Nederland omlaag moeten.

De Nederlandse banken moeten nu al geld aan de ECB betalen als ze daar spaargeld parkeren. Nu de ECB de depositorente verder verlaagt van -0,4 naar -0,5 procent, komt voor Nederlandse spaarders een negatieve rente steeds dichterbij. De kans is groot dat zij straks rente moeten betalen over hun spaargeld.

Voor de pensioenfondsen, waaronder het ABP dat de onderwijspensioenen beheert, is deze ontwikkeling ook buitengewoon vervelend. De lage rendementen van de fondsen komen hierdoor steeds meer onder druk te staan. Het risico is groot dat de pensioenen in Nederland, waaronder die van het ABP, omlaag moeten.

De maatregel van de ECB hangt samen met de vertragende groei van de wereldeconomie. Met een renteverlaging en andere maatregelen wil Draghi het voor bedrijven nog aantrekkelijker maken om geld te lenen voor investeringen, om zo de Europese economie op te peppen.

 

 

Plan voor hogere rente op studieschulden ingetrokken

Onderwijsminister Ingrid van Engelshoven heeft haar plan voor een hogere rente op studieschulden ingetrokken. Er was onvoldoende steun voor in de Eerste Kamer. Ook studenten en leerlingen uit het voortgezet onderwijs waren ertegen.

De 75 Eerste-Kamerleden hadden persoonlijke brieven gekregen van 75 leerlingen uit het voortgezet onderwijs. Daarin stond waarom de renteverhoging volgens hen een slecht idee was. De brievenactie kreeg steun van het Landelijk Aktie Komitee Scholieren en het Interstedelijk Studenten Overleg.

Volgens het kabinet was het nodig om binnen het leenstelsel voor studenten meer rente te rekenen om zo de overheidsfinanciën binnen de perken te houden. De tegenstanders stelden dat door een hogere rente de studieschulden uit de pan zouden rijzen. Dat zou de toegankelijkheid van het hoger onderwijs verder onder druk zetten.

Eerste Kamerlid Anne-Wil Duthler gaf de doorslag. Zij zag het plan van Van Engelshoven niet zitten. Daardoor was er in de Senaat net geen meerderheid voor te vinden. Duthler werd onlangs uit de VVD gezet, maar bleef in de Eerste Kamer.

Ook de fractie van D66, de partij van Van Engelshoven, zag het plan niet zitten.

Leerlingen tegen hogere rente studieschulden

Leerlingen uit het voortgezet onderwijs dringen er bij de Eerste Kamer op aan de voorgenomen verhoging van de rente op studieschulden tegen te houden.

Alle 75 senatoren hebben een persoonlijke brief van 75 leerlingen uit havo 4 of vwo 5 gekregen. De afzenders vinden het niet rechtvaardig om vier jaar na de invoering van het leenstelsel ‘jongeren te belasten met nog een hogere rente’.

Voorzitter Jordy Klaas van het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) hierover: ‘Voor scholieren is dit voorstel weer een verhoging van de drempel om te gaan studeren wat en waar je wil’.

Voorzitter Tom van den Brink van het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) zegt dat ‘een jonge generatie een nog hogere schuldenberg’ tegemoet gaat als de Eerste Kamer instemt met een verhoging van de rente op studieschulden.

Lees meer…

 

ABP verhoogt pensioenpremie naar 24,9%

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verhoogt in 2019 de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen. Tegelijkertijd meldt het ABP dat de pensioenen in 2019 niet worden geïndexeerd.

De premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen gaat in 2019 naar 24,9 procent. Nu is dat nog 22,9 procent. De verhoging is volgens het ABP nodig vanwege de aanhoudend lage rentestanden. Bovendien was al afgesproken de premie vanaf 2017 in stapjes te verhogen. De verhoging in 2019 is daar onderdeel van.

Beleidsdekkingsgraad

Het ABP meldt verder dat het de pensioenen niet kan indexeren. Dat heeft te maken met de lage beleidsdekkingsgraad (de verhouding tussen bezittingen en verplichtingen). De pensioenen mogen pas omhoog als die graad over de laatste 12 maanden minimaal 110 procent is. Op 31 oktober bedroeg de beleidsdekkingsgraad slechts 104,6 procent.

De kans is volgens het ABP ‘bijna nul’ dat de pensioenen in 2019 moeten worden verlaagd. Wel blijft de kans aanwezig dat dat de pensioenen de komende jaren omlaag gaan.

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Herstellend ABP blikt voorzichtig vooruit

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) is blij dat dit jaar de pensioenen niet omlaag hoeven, nu de dekkingsgraad omhoog is gegaan. Tegelijkertijd verwacht het ABP dat de pensioenen in de komende vijf jaar niet kunnen worden verhoogd en kan het fonds toekomstige pensioenverlagingen niet uitsluiten.

In het vierde kwartaal van 2016 verbeterde de financiële situatie van ABP aanzienlijk. ‘De actuele dekkingsgraad steeg naar 96,6 procent. Dat niveau ligt ruim boven de kritische grens waarbij pensioenen verlaagd zouden worden. Dat is in 2017 niet aan de orde’, aldus het ABP.

De verbetering van de financiële situatie is volgens het fonds vooral te danken aan de renteontwikkeling in het vierde kwartaal. ‘Door de rentestijging verminderden de verplichtingen met 25 miljard euro. Aan de andere kant maakten we een rendement van 9,5 procent over 2016, waarvan 0,4 procent in het laatste kwartaal.’

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Hogere ABP-premie mag onderwijs niet aantasten

Een stijging van de pensioenpremie bij het ABP mag nooit ten koste gaan van het onderwijs. Dat benadrukt de PO-Raad.

Het ziet ernaar uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, de premie fors zal moeten verhogen. Dat heeft te maken met de almaar dalende rente en niet al te rooskleurige resultaten op de beurs.

Als de ABP-premie fors omhoog gaat, heeft dat direct gevolgen voor de financiële positie van de schoolbesturen. De sectororganisatie van het primair onderwijs vindt dat het kabinet moet garanderen dat de stijgende pensioenkosten geen gevolgen zullen hebben voor het onderwijs.

Lees meer…

Brexit zet onderwijspensioenen verder onder druk

Het besluit van een meerderheid van de Britten om uit de Europese Unie te stappen, tast de dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verder aan. Naar verwachting zal de brexit negatieve gevolgen hebben voor de beleggingen van het ABP. Bovendien wordt verwacht dat de al lange tijd extreem lage rente verder gaat dalen. 

Het ABP verzorgt onder andere de onderwijspensioenen. De hoogte daarvan is afhankelijk van wat de beleggingen van het pensioenfonds opleveren en de hoogte van de rente. Nu er op beide vlakken sprake is van zwaar weer, is het de vraag of de onderwijspensioenen op termijn moeten worden verlaagd.

In april liet het ABP weten in de gevarenzone te verkeren. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het fonds zei toen dat een verlaging van de pensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’. De brexit vergroot dit risico.

Bij aanhoudend lage rente (veel) meer pensioenpremie

De stijging van de pensioenpremies is met gemiddeld 2 procent nu nog beperkt. Vanaf 2016 zal dat 5 procent of meer zijn en daarna nog meer als de rente laag blijft. Dat blijkt uit onderzoek door de De Nederlandsche Bank (DNB) en het Centraal Planbureau (CPB) in opdracht van het kabinet.

Staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) schrijft naar aanleiding van dit onderzoek in een brief aan de Tweede Kamer dat ‘een aanhoudende lage rente het spanningsveld tussen premie, risico en ambitie vergroot’.

‘Bij een lage premie moet meer risico worden genomen. Sociale partners staan daardoor voor scherpe keuzes ten aanzien van de premie en de beoogde ambitie in een uitkeringsovereenkomst’, aldus Klijnsma.

Zij voegt daaraan toe dat het kabinet het van belang vindt ‘dat de rente waar pensioenfondsen mee rekenen zo realistisch mogelijk wordt vormgegeven’.

Hogere rente laat dekkingsgraad ABP stijgen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) meldt dat zijn financiële positie in het tweede kwartaal is verbeterd. Dat komt door een rentestijging.

Door de stijging van de rente is de actuele dekkingsgraad gestegen naar 103,9 procent, maar de zogenoemde beleidsdekkingsgraad is in het tweede kwartaal met 1,3 procentpunt gedaald naar 101,3 procent. De beleidsdekkingsgraad laat een ander beeld zien, doordat deze een gemiddelde is over de laatste 12 maanden, meldt het ABP.

Op 30 juni heeft het ABP bij de toezichthouder De Nederlandsche Bank een nieuw herstelplan ingediend. Hierin staat hoe het fonds in 12 jaar tijd zijn financiële situatie probeert te herstellen. Het is de bedoeling dat de dekkingsgraad in 2026 op 128 procent ligt.

Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Onderwijspensioenen nog in gevarenzone

De financiële positie van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) is verbeterd, maar nog niet zodanig dat een verlaging van de onderwijspensioenen is afgewend.

Het Algemeen Dagblad meldt dat de grote pensioenfondsen zich de laatste drie maanden flink hebben hersteld van hun penibele financiële positie. Fondsen herstellen zich dankzij goede winsten op de beurzen en een stijging van de gemiddelde rente die ze gebruiken om uit te rekenen hoeveel geld ze in kas moeten houden.

De dekkingsgraad verbeterde van 96 procent aan het einde van het vierde kwartaal tot 101 procent. 'Eindelijk weer eens prettiger nieuws voor onze deelnemers', zegt ABP-voorzitter Henk Brouwer in het AD. Het wettelijk vereiste minimumpercentage is echter 105 procent, dus het ABP is er nog niet en het is maar de vraag of de aandelen blijven stijgen en of er nog een verdere rentestijging mag worden verwacht.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl