Linkse oppositie wil gratis voorschool

GroenLinks, SP en PvdA willen bij wet regelen dat gemeenten de voorschool kunnen betalen voor kinderen van arme ouders.

Volgens de linkse oppositiepartijen moeten juist kinderen uit armere gezinnen naar de voorschool kunnen. Nu is het zo dat veel van deze kinderen afhaken, omdat hun ouders een eigen bijdrage moeten betalen.

Lisa Westerveld van GroenLinks vindt dat een slechte zaak. Zij benadrukt dat gemeenten moeten kunnen bijspringen als ouders de eigen bijdrage niet kunnen opbrengen. Nu mogen gemeenten dat niet doen.

Peter Kwint van de SP spreekt van ‘een stompzinnige bureaucratische regel’. Gijs van Dijk van de PvdA hamert erop dat alle kinderen een goede start verdienen, ‘ongeacht de dikte van de portemonnee van je ouders’.

Linkse oppositie wil hogere lerarensalarissen

De oppositiepartijen GroenLinks, SP en PvdA presenteren samen een plan, waarin onder andere staat dat de lerarensalarissen omhoog moeten, meldt de Volkskrant

In het plan van de drie linkse oppositiefracties in de Tweede Kamer, die met elkaar 37 van de 150 zetels hebben, staat volgens de krant niet alleen dat de lerarensalarissen omhoog moeten. Ook zou de pensioenleeftijd omlaag kunnen voor mensen met een zwaar beroep (het is niet duidelijk of leraren daartoe behoren) en zou het eigen risico in de zorg moeten worden afgeschaft.

Als de plannen van de drie werkelijkheid worden, kost dat structureel 10 miljard euro per jaar extra. Dat geld denken GroenLinks, SP en PvdA te kunnen vrijmaken door onder andere een miljonairsheffing in te voeren en de winst-, dividend- en inkomstenbelasting niet te verlagen.

Luis in de pels Eric van ’t Zelfde lijstduwer PvdA

Oud-directeur Eric van ’t Zelfde van openbare scholengemeenschap Hugo de Groot in Rotterdam is bij de Tweede Kamerverkiezingen in maart PvdA-lijstduwer. 

Van ’t Zelfde staat bekend als de luis in de pels van het Rotterdamse voortgezet onderwijs. Hij maakte van OSG Hugo de Groot, die in Rotterdam slecht bekendstond, een florerende school met goede resultaten. Hij maakte veel vrienden, maar ook vijanden, onder andere binnen zijn bestuur en bij de gemeente Rotterdam.

Het was al bekend dat hij na zijn politieke carrière bij de SP in Schiedam, waar hij enige tijd gemeenteraadslid was, landelijke politieke aspiraties had. Hij is nu dus lijstduwer van de PvdA.

Kansenongelijkheid

Op de website van de PvdA meldt hij dat de politiek instapt omdat ‘ons onderwijs beter moet worden en omdat ons onderwijs op dit moment bijdraagt aan de kansenongelijkheid van een groot deel van de jeugd’. Dat laatste noemt hij onacceptabel.

‘De sociaaldemocratische idealen van de Partij van de Arbeid vormen voor mij de basis in mijn handelen om de jeugd gelijke kansen te garanderen’, aldus Van ’t Zelfde.

OSG Hugo de Groot

Het mag opmerkelijk worden genoemd dat hij op de PvdA-website wel meldt dat hij heeft gewerkt voor het openbare Johan de Witt College in Den Haag, maar dat hij onvermeld laat dat hij directeur was van OSG Hugo de Groot in Rotterdam.

In juni nam hij met tegenzin afscheid van OSG Hugo de Groot. Hij is nu directeur van het christelijke Lyceum Oude Hoven in Gorinchem.

Van ’t Zelfde schreef over zijn tijd bij OSG Hugo de Groot het boek Superschool.

Onderwijswoordvoerder SP stopt ermee

SP-Tweede Kamerlid Tjitske Siderius zal niet herkiesbaar zijn voor de Tweede Kamerverkiezingen in maart 2017. Dat schrijft De Stentor.

‘Ik wil geen beroepspoliticus worden’, zo citeert de krant haar. Siderius zegt in De Stentor ook dat de landelijke politiek haar is tegengevallen. ‘Het is een slangenkuil. Het gaat soms meer over macht en posities dan over inhoudelijke thema’s. Je moet altijd over je schouder kijken of er niet iemand een mes in je rug steekt.’

Siderius voert namens de SP het woord over onder andere het onderwijs. Ze wil na de Tweede Kamerverkiezingen gaan werken bij een maatschappelijke organisatie in het sociale domein, zoals onderwijs, sociale zekerheid, cultuur of zorg. Daar wil ze ‘iets positiefs creëren’.

Lees meer…

SP ziet stress en demotivatie in speciaal onderwijs

De SP meldt dat mensen die in het speciaal onderwijs werken, gebukt gaan onder de werkdruk die zij ervaren.

De SP heeft een onderzoek uitgevoerd onder docenten, schoolleiders en begeleiders in het speciaal onderwijs. Bij de invoering van het passend onderwijs is er volgens de socialisten vooralsnog ‘weinig oog geweest voor de gevolgen van de veranderingen voor het speciaal onderwijs’.

Ondanks het feit dat het overgrote deel van de werknemers in het speciaal onderwijs positief of zeer positief is over het werk, heeft volgens de SP meer dan de helft minder plezier gekregen in het werk. Voornaamste redenen hiervoor zijn de werkdruk, administratieve taken en onvoldoende tijd om leerlingen te begeleiden.

Dit leidt volgens de SP tot stress en demotivatie onder mensen die in het speciaal onderwijs werken.

OCW vindt tegengaan van segregatie totaal irrelevant

Het tegengaan van segregatie in het onderwijs is voor het ministerie van OCW totaal geen issue meer. Het gaat staatssecretaris Sander Dekker om verbetering van de onderwijskwaliteit. Dat blijkt uit antwoorden van hem op Kamervragen van de SP.

De Tweede Kamerleden Jasper van Dijk en Sadet Karabulut hadden de staatssecretaris vragen gesteld naar aanleiding van een onderzoek van instituut FORUM voor multiculturele vraagstukken. Daaruit kwam naar voren dat als schoolbesturen zich actief inzetten om segregatie tegen te gaan, de lokale politiek, de media en de ouders het thema oppakken.

Pilots
Uit het onderzoek bleek ook dat de segregatie de afgelopen jaren wat minder is geworden. Dat zou te danken aan gerichte pilots in 12 grote gemeenten, waaronder Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht. Aan die pilot deden in totaal 315 basisscholen mee. Op tweederde van die scholen nam de segregatie af.

Op de vraag van de SP’ers of de volgens hen succesvolle pilots moeten worden voortgezet, antwoordt Dekker dat de gemeenten daar zelf over mogen beslissen. Hij wijst ook op een eerder onderzoek dat Regioplan in 2012 uitvoerde en waaruit blijkt ‘dat de resultaten van maatregelen die lokaal zijn genomen maar zeer gering zijn’.

Gemeenteraad
De staatssecretaris beaamt dat het wettelijk verplicht is dat gemeenten en schoolbesturen met elkaar in gesprek gaan over het tegengaan van segregatie in het onderwijs. In gemeenten waarin het college van B&W die wettelijke taak niet op zich neemt, zo benadrukt Dekker, dient de gemeenteraad ervoor te zorgen dat het college dit toch doet.

Voorts meldt hij dat het ministerie van OCW regelmatig met de PO-Raad en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) spreekt over het steunen van lokale initiatieven om segregatie tegen te gaan. De staatssecretaris ziet echter verder op dit terrein geen taak voor hem en zijn ministerie weggelegd. Uit de antwoorden van Dekker blijkt dat het verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs voor hem de absolute prioriteit heeft.

Van Bijsterveldt
De reactie van de staatssecretaris sluit aan op de beleidswijziging die in 2011 door voormalig minister Marja van Bijsterveldt van OCW werd ingezet. Zij schoof de verantwoordelijkheid voor het al of niet mengen van leerlingenpopulaties door naar de gemeenten.

In het juninummer van magazine School!, dat op 26 juni verschijnt, komt het onderwerp segregatie aan bod. Het artikel gaat over de situatie in Tilburg.

Aan het woord komt Marius Liebregts van de Stichting Opmaat voor openbaar primair onderwijs in onder andere Tilburg. Hij vindt het niet erg dat het tegengaan van segregatie van de politieke agenda is: ‘Beschouw de leerlingenpopulatie van scholen liever als een gegeven en houd je bezig met dingen waar je wél invloed op hebt.’

Politiek wil weten of extra onderwijsgeld goed terechtkomt

Tweede Kamerlid Japser van Dijk van de SP heeft het Meldpunt Onderwijsgeld gelanceerd. Leraren en ander onderwijspersoneel kunnen daarop melden waar volgens hen in hun organisatie het extra geld voor het onderwijs naartoe gaat. In Rotterdam zijn twijfels gerezen over de manier waarop het openbaar onderwijs in die stad het extra onderwijsgeld besteedt.

Volgens Van Dijk weet niemand waar het extra geld voor het onderwijs aan wordt besteed. ‘Vorig jaar heeft het kabinet 650 miljoen euro overgemaakt aan de scholen. Hartstikke mooi, maar het ministerie weigert na te gaan wat onderwijsbestuurders met het geld doen. Het is één grote black box.’

Het Kamerlid vreest dat het extra geld niet wordt ingezet voor extra leraren, maar dat het wordt ‘verspild aan dure vastgoedprojecten of bureaucratie’. Meldingen kunnen worden gemaild naar onderwijsgeld@sp.nl.

Vragen over BOOR
D66 en Leefbaar Rotterdam in de Rotterdamse gemeenteraad zijn ook bang dat extra onderwijsgeld van het kabinet niet goed terechtkomt. D66-raadslid Jos Verveen en Anton Molenaar van Leefbaar Rotterdam hebben daar onlangs vragen over gesteld aan het college van B&W naar aanleiding van de situatie bij het Bestuur Openbaar Onderwijs Rotterdam, dat al lange tijd financiële problemen heeft.

‘Als gemeenteraad bereiken ons verschillende signalen over de manier waarop de meevaller vanuit het Rijk binnen BOOR wordt besteed. Dat roept de vraag op of de extra middelen, zoals de bedoeling was, zijn gebruikt ter verbetering van de kwaliteit van het onderwijs of dat de extra gelden zijn of worden gebruikt om de financiële positie van stichting BOOR versneld te versterken of dat de extra gelden (deels) zijn gebruikt om overheadkosten te financieren of tegenvallers af te dekken’, zo schrijven Verveen en Molenaar.

Ze willen ‘een meerjarig gespecificeerd overzicht tot welke begrotingswijziging of wijziging van de realisatie van de begroting de extra middelen hebben geleid of zullen leiden op begrotingspostniveau’.

Amsterdamse scholen zien niets in loslaten toelatingsbeleid

Het zijn de schoolbesturen die over het toelatingsbeleid gaan en niet de gemeente. Dat benadrukt bestuursvoorzitter Herbert de Bruijne van Openbaar Onderwijs aan de Amstel naar aanleiding van het nieuwe Amsterdamse coalitieakkoord van D66, SP en VVD.

In het coalitieakkoord staat dat ouders in Amsterdam helemaal vrij zijn zelf een school te kiezen, ook als die niet in hun eigen wijk is. Die keuze is niet beperkt ‘tot scholen in de buurt van hun woonadres’. Dit geldt zowel voor het regulier als het speciaal onderwijs. Wel blijft het centrale inschrijfmoment bestaan, zo staat in het coalitieakkoord, ‘om te zorgen voor een optimale verdeling van keuzes en transparante toelatingscriteria’.

Er staat eveneens in vermeld dat de schoolbesturen voor de uitdaging staan te werken aan gemengde scholen. De ‘ongedeelde stad’ is voor de coalitiepartners een streven. Voor de scholen betekent dit dat die een mix zouden moeten zijn van kinderen met verschillende achtergronden. ‘Het is de gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gemeente en de scholen om dat te verbeteren’, zo staat in het akkoord. Het college van B&W legt wat dit betreft extra verantwoordelijkheid bij ‘scholen met overwegend kansrijke kinderen’.

‘Gemeente mag wensen uitspreken’
Bestuursvoorzitter Herbert de Bruijne van de Stichting Openbaar Onderwijs aan de Amstel benadrukt naar aanleiding van het coalitieakkoord dat niet de gemeente maar de schoolbesturen over het toelatingsbeleid gaan.

Hij wijst erop dat het Amsterdamse primair onderwijs nu een centraal toelatingsbeleid heeft. ‘Elk kind is op alle 220 Amsterdamse basisscholen welkom, maar bij grotere vraag dan aanbod gaan kinderen in de buurt voor. Dat komt overeen met de huidige praktijk. Meer dan 90 procent van de kinderen gaat in de eigen buurt naar school’, zo laat hij aan VOS/ABB weten.

De plannen van de nieuwe coalitie zouden volgens hem een massale loting veroorzaken in het Amsterdamse basisonderwijs en daar kiezen de schoolbesturen niet voor. ‘De gemeente mag best haar wensen uitspreken, maar feitelijk gaat zij niet over het toelatingsbeleid en dat zal ook niet veranderd worden’, aldus De Bruijne.

SP-onderwijswoordvoerder Manja Smits verlaat Kamer

Op 15 april neemt Manja Smits van de SP afscheid van de Tweede Kamer. Ze heeft gezondsheidsproblemen.

Smits over de reden van haar vertrek: ‘Een jaar geleden werd ik ziek. In de afgelopen maanden heb ik intensief gerevalideerd. Ik ben opgeknapt maar mijn lichaam is nu niet sterk genoeg om het werk als volksvertegenwoordiger te kunnen doen met de inzet die het verdient. Ik neem met pijn in het hart afscheid. Het was een eer om als volksvertegenwoordiger bij te dragen aan beter onderwijs en aan een socialer Nederland.’

Smits kwam in april 2008 voor de SP in de Tweede Kamer en was sindsdien woordvoerder onderwijs.

SP over Passend Onderwijs: ‘Stop met die flauwekul’

SP-Kamerlid Manja Smits zegt dat staatssecretaris Dijksma er verstandig aan zou doen te luisteren naar de mening van de leraren ‘en te stoppen met die flauwekul’.

De SP ondervroeg voor dit onderzoek ruim 3.300 leraren in het basis- en voortgezet onderwijs. Drie op de vier leraren geven daarin aan dat zij zorgleerlingen geen onderwijs van goede kwaliteit kunnen geven. Zij nemen daarmee afstand van staatssecretaris Dijksma, die de groei van het speciaal onderwijs wil tegengaan. Met de invoering van Passend Onderwijs wil ze  zorgleerlingen zoveel mogelijk onderbrengen in het reguliere onderwijs.

Smits: “Door de grote klassen en een gebrek aan extra handen in de klas is het opnemen van zorgleerlingen een onhaalbare kaart. Leraren vinden dat ze onder de huidige omstandigheden niet de kwaliteit van onderwijs kunnen geven die leerlingen met een handicap nodig hebben.”

Smits vindt dat het speciaal onderwijs daarom juist moet worden versterkt. “Leraren zijn de experts waar naar geluisterd moet worden.” Zij is bang dat de zorgleerlingen de dupe zullen worden van ‘de vernieuwingsdrift van Dijksma’.

Zie ook de website van de SP.