Leraren trekken weg uit grote steden

Nu het lerarentekort steeds groter wordt en de banen als het ware voor het oprapen liggen, trekken steeds meer leraren van basisscholen weg uit grote steden. Dat blijkt uit gegevens van het Arbeidsmarktplatform PO.

De vier grote streden hebben allemaal een vertrekoverschot, maar in Utrecht is dat relatief klein. Almere is de stad met het grootste vertrekoverschot.

De trek van leraren uit grote steden raakt vooral basisscholen met veel achterstandsleerlingen. Het vertrekoverschot zal volgens het Arbeidsmarktplatform PO opgevangen moeten worden met extra instroom van de pabo, met meer zij-instromers en/of uit de stille reserve.

Er zijn ook regio’s waar zich meer leraren melden dan er vertrekken. Het vestigingsoverschot is het grootst in Midden-Gelderland (rond Arnhem en De Liemers), gevolgd door het gebied tussen Rotterdam en Den Haag en een strook in het Groene Hart tussen pakweg IJmuiden en Gorinchem.

Bekijk via de website van het Arbeidsmarktplatform PO deze factsheet of ga naar het onderzoeksrapport.

Meer uren werken om lerarentekort tegen te gaan

Er is in het kader van het groeiende personeelstekort in het primair onderwijs een dialoog nodig om leraren in deeltijdbanen meer uren te laten werken. Dat vindt voorzitter Ton Groot Zwaaftink van het Arbeidsmarktplatform PO.

De meeste leraren in het primair onderwijs werken in deeltijd: 40 procent werkt twee tot vier dagen per week, bijna 15 procent maar één of twee dagen per week. Als deeltijders meer uren gaan werken, lost dat een groot deel van het personeelstekort op.

Groot Zwaaftink ziet dat scholen steeds vaker de dialoog aangaan over wat leraren kan overhalen om standaard meer uren te gaan werken. Ook signaleert hij dat steeds meer scholen alleen nog maar leraren willen die minimaal drie dagen per week werken. ‘We moeten doorgaan met in te spelen op wensen van deeltijdleraren en vaker werken met grote deeltijdbanen’, zegt de voorzitter van het Arbeidsmarktplatform PO.

Uit een enquête waaraan 900 leraren meededen, blijkt dat zij bereid zijn meer uren te werken als daar een financiële prikkel tegenover staat of als ze er interessante taken bij krijgen. De resultaten van de enquête zijn verwerkt in dit factsheet.

Lees meer…

Zelf lerarentekort tegengaan

Premier Mark Rutte zei vorig jaar in de talkshow van Jeroen Pauw dat het goed zou zijn als er in het onderwijs minder parttime wordt gewerkt. Op die manier kunnen volgens hem de leraren zelf het lerarentekort tegengaan.

De oproep van Rutte was niet nieuw. In een brief die onderwijsminister Arie Slob in augustus 2018 naar de Tweede Kamer stuurde, stond al dat een verhoging van de deeltijdfactor een manier kan zijn om het lerarentekort tegen te gaan. Als alle parttimers één dag per week meer gingen werken, zou het het lerarentekort zijn opgelost.

Ook bestuursvoorzitter Annemie Martens van Stichting PlatOO voor openbaar en algemeen toegankelijk basisonderwijs in Zuidoost-Brabant pleitte ervoor om leraren meer uren te laten werken om zo het lerarentekort tegen te gaan. Haar pleidooi stond vorig jaar in het Eindhovens Dagblad en op deze website verscheen er dit bericht over.

HRM-adviseur Willem Duifhuis pleitte in een ingezonden stuk, dat ook op deze website verscheen, voor een hoger uurloon voor leraren als die kiezen voor een werktijdfactor van 0,8 of meer. Op die manier zou volgens hem het aantal kleine deeltijders omlaag kunnen, waardoor het lerarentekort zou kunnen afnemen.

Personeel tevreden over leidinggevenden

Wie in het primair onderwijs werkt, is over het algemeen tevreden over zijn of haar leidinggevende. Dat blijkt uit de Arbeidsmarktanalyse primair onderwijs 2019 van het Arbeidsmarktplatform PO.

Directeur Ton Groot Zwaaftink benadrukt dat het zeker in de huidige tijden van personeelstekorten belangrijk is dat er over het algemeen tevredenheid heerst over de leidinggevenden. ‘Personeel voelt zich blijkbaar door leidinggevenden goed begrepen en gesteund om voor de werkdruk oplossingen te vinden.’

Tevreden met werk

Uit de analyse blijkt ook dat het personeel in het primair onderwijs overwegend tevreden is met het werk. Het meest tevreden is men over de inhoud ervan, de werkzekerheid en het dienstverband. Minpunten die worden ervaren, is dat werktijden niet zelf kunnen worden bepaald. Ook zijn er zorgen over het salarisniveau.

Verder blijkt uit de arbeidsmarktanalyse dat het aantal fte aan onderwijsondersteuners tussen 2013 en 2018 met 20 procent is gestegen, tot ruim 23.830 fte. Groot Zwaaftink: ‘We ervaren in de dagelijkse praktijk dat de toename aan onderwijsondersteuners voor meer talentenmix in de teams zorgt en dat komt natuurlijk ten goede aan de leerlingen.’

Lerarentekort

Een ander punt dat uit de analyse naar voren komt, is dat het lerarentekort een probleem blijft. ‘We verwachten alleen al in 2019 een tekort van zo’n 1700 fte. Zonder beleidswijzigingen kan dat in 2024 oplopen tot ruim 4800 fte’, aldus Groot Zwaaftink.

Lees meer…

Geld voor goede ideeën in strijd tegen lerarentekort

Als u een goed idee hebt om het lerarentekort in uw regio terug te dringen, dan kunt u voor de uitvoering hiervan een financiële tegemoetkoming krijgen. Dit aanbod komt van het Arbeidsmarktplatform PO.

Een voorwaarde is dat het een idee is van samenwerkende schoolbesturen en één of meer pabo’s. U kunt voor 1 juni een projectplan insturen of voor 1 april een korte beschrijving van uw idee om eerste indicatie te krijgen over de haalbaarheid ervan.

Lees meer…

 

Landkaart laat bestuurlijke samenwerking zien

Welke schoolbesturen werken regionaal met elkaar samen om werkgelegenheid te behouden en mobiliteit te stimuleren? Dit is te zien op een landkaart die is gemaakt door het Arbeidsmarktplatform Primair Onderwijs.

Op de landkaart zijn regionale transfercentra en andere samenwerkingsvormen te vinden.

Sectorplan primair onderwijs naar Tweede Kamer

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft het sectorplan primair onderwijs naar de Tweede Kamer gestuurd. Hij legt de Kamer uit wat de relatie is tussen dit plan en het Nationaal Onderwijsakkoord.

Het sectorplan primair onderwijs is mede namens het Participatiefonds en het Vervangingsfonds en gesteund door organisaties van werkgevers en werknemers in het primair onderwijs opgesteld door het Arbeidsmarktplatform PO.

In het sectorplan staan drie punten centraal:

  1. Regionale transfercentra voor bemiddeling van werk naar werk in die regio’s waar nog tot 2020 krimp zal zijn. Daarmee kan de sector minimaal 840 boventallige personeelsleden behouden en wordt hun instroom in de WW voorkomen.
  2. Landelijke mobiliteitstools voor de transfercentra en andere samenwerkingsverbanden van schoolbesturen elders in het land. Voorbeelden zijn een ‘helpdesk mobiliteit’ en een ‘PO-makelaar’.
  3. Hogere instroom van jongere leraren en onderwijsondersteuners door bijvoorbeeld oudere collega’s andere taken te geven naast het lesgeven. Schoolbesturen nemen dan onder andere – ook – additioneel een jonge werkloze leraar in dienst.

Deze en andere punten zijn vervat in een factsheet. Ze zijn volgens Dekker aanvullend op wat in het Nationaal Onderwijsakkoord is afgesproken. Daarin staat dat in 2013 (te besteden in 2014) een incidenteel bedrag van 150 miljoen euro beschikbaar wordt gesteld om in het primair onderwijs (85 miljoen) en voortgezet onderwijs (65 miljoen) de instellingen in de gelegenheid te stellen jonge leraren in dienst te houden en te nemen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Sectorplan primair onderwijs voor 1500 banen goedgekeurd

Het sectorplan voor 1500 banen voor leerkrachten in het primair onderwijs wordt uitgevoerd. Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft het goedgekeurd.

Het Arbeidsmarktplatform PO en het Vervangingsfonds/Participatiefonds zijn verheugd over de goedkeuring van het sectorplan, dat bedoeld is om ontslagen van leraren te voorkomen en jonge leraren aan te trekken.

Het is de bedoeling dat er minimaal 1500 extra onderwijsbanen ontstaan. Hiermee loopt het plan vooruit op de situatie na 2016. Veel oudere leraren gaan dan met pensioen, waardoor er ondanks dalende leerlingenaantallen personeeltekorten worden verwacht.

In het sectorplan staan drie punten centraal:

  1. Regionale transfercentra voor bemiddeling van werk naar werk in die regio’s waar nog tot 2020 krimp zal zijn. Daarmee kan de sector minimaal 840 boventallige personeelsleden behouden en wordt hun instroom in de WW voorkomen.
  2. Landelijke mobiliteitstools voor de transfercentra en andere samenwerkingsverbanden van schoolbesturen elders in het land. Voorbeelden zijn een ‘helpdesk mobiliteit’ en een ‘PO-makelaar’.
  3. Hogere instroom van jongere leraren en onderwijsondersteuners door bijvoorbeeld oudere collega’s andere taken te geven naast het lesgeven. Schoolbesturen nemen dan onder andere – ook – additioneel een jonge werkloze leraar in dienst.

De uitvoering van het plan vindt in twee jaar tijd plaats. Het is aan de schoolbesturen zelf om van de subsidiemogelijkheden en tools van het sectorplan gebruik te maken. Met de uitvoering ervan is 16,5 miljoen euro gemoeid.

Lees meer…

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Wilt u als vernieuwende schoolleider bonus van 5000 euro?

Het Arbeidsmarktplatform PO heeft het programma ‘Vernieuwend leiderschap in PO’ ontwikkeld. Aan schoolleiders die hieraan meedoen, wordt 5000 euro ter beschikking gesteld voor een vernieuwend project op de eigen school.

Er kunnen 20 schoolleiders uit het primair onderwijs deelnemen aan het programma, dat in de loop van het schooljaar 2014-2015 begint. De deelnemers ontmoeten elkaar tijdens het schooljaar vier keer in zogenoemde labs. Hierin worden concrete praktijkervaringen gedeeld en maken de deelnemers steeds een stap in hun ontwikkeling als vernieuwende schoolleider. Daarbij wordt gekeken naar ervaringen in de praktijk, wat daarvan kan worden geleerd en welke stappen nodig zijn voor verdere ontwikkeling.

Lees meer…

Ideeënbus voor behoud werkgelegenheid

Hoe kunnen we in het primair onderwijs werkgelegenheid veiligstellen? Uw ideeën zijn meer dan welkom bij het Arbeidsmarktplatform PO.

In het kader van het Sociaal Akkoord heeft het kabinet vorig jaar de Regeling cofinanciering sectorplannen in het leven geroepen. Deze regeling is bedoeld om werkzekerheid te bieden en werkloosheid te voorkomen. Sociale partners kunnen voor sectorplannen cofinanciering aanvragen.

Het Arbeidsmarktplatform PO roept schoolbesturen in het primair onderwijs op om deelplannen in te leveren. Dat kan nog tot 14 maart. De ideeën worden gebundeld en vervolgens als het sectorplan ‘Regio aan zet’ bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ingediend.

Lees meer op de website van het Arbeidsmarktplatform PO.

Leraren willen beter omgaan met verschillen

Driekwart van de leraren in het primair onderwijs wil zich verder professionaliseren in het omgaan met verschillen in de klas. Dat blijkt uit onderzoek Omgaan met verschillen van het Arbeidsmarktplatform PO.

Leraren in het primair onderwijs voelen zich over het algemeen goed toegerust en competent om met verschillen in de klas om te gaan, behalve als het gaat om het onderwijs aan specifieke groepen kinderen, zoals zorgleerlingen en hoogbegaafden. Daarnaast blijken leraren behoefte te hebben aan meer ondersteuning en faciliteiten in de school.

Uit het onderzoek komt ook naar voren dat leraren de meerwaarde zien van opbrengstgericht werken als middel om, via het meten van prestaties en het leveren van maatwerk, het maximale uit kinderen te halen.

Passend onderwijs
Zij staan ook vaak positief tegenover het idee van passend onderwijs, maar hebben hun bedenkingen bij de invoering ervan. Veel leraren ervaren grenzen bij het aansluiten op specifieke onderwijsbehoeften van individuele leerlingen in een groep. Daar komt bij dat eerdere bezuinigingen, leerlingenkrimp en grotere klassen met meer zorgleerlingen erin, het realiseren van passend onderwijs moeilijker maakt.

De meeste leraren geven aan behoefte te hebben aan meer ondersteuning bij het onderwijs. Zij noemen dan: tijd om te leren van en te overleggen met collega’s, extra ondersteuning van leerlingen (bijvoorbeeld door remedial teaching of therapie), ondersteuning door een interne begeleider en extra assistentie in de klas van een onderwijsassistent of een extra collega.

Faciliteiten
Zij willen ook graag faciliteiten hebben als voldoende tijd, het kunnen afstemmen van de klassengrootte op het aantal leerlingen dat extra begeleiding nodig heeft en een geschikte fysieke omgeving (zoals met verschillende ruimtes). Uit het onderzoek blijkt dat deze vormen van ondersteuning en faciliteiten niet altijd in voldoende mate aanwezig zijn op school.

Na de pabo tegenwoordig vooral vervangingen

Het aandeel reguliere banen voor net afgestudeerde pabo-studenten neemt af, terwijl het aandeel vervangingsbanen in alle regio’s voor deze groep leraren toeneemt. Dat blijkt  uit onderzoek van het Arbeidsmarktplatform PO.

Uit het onderzoek blijkt ook dat naarmate de krimp van het aantal leerlingen in een regio groeit, ook het aandeel vervangingsbanen toeneemt. In krimpregio’s ligt dat aandeel gemiddeld op meer dan de helft van het totale aantal banen.

Verder vindt 79 procent van de studenten binnen een halfjaar na hun afstuderen een (tijdelijke) onderwijsbaan. Daarmee is het beroepsrendement relatief hoog. Daarnaast blijkt hun verhuisbereidheid voor een onderwijsbaan vrij groot te zijn. Bijna de helft van de afgestudeerde pabo-studenten is al verhuisd of is hiertoe bereid.

Ga naar de website van het Arbeidsplatform PO voor een uitgebreider bericht.

Man voor de klas levert geld op!

Schoolbesturen die meer mannen voor de klas willen, kunnen gebruikmaken van een subsidieregeling van het Arbeidsmarktplatform PO.

Het platform stelt in totaal 350.000 euro beschikbaar om scholen te stimuleren en te ondersteunen bij het aanstellen van zij-instromende mannen die leraar willen worden in het primair onderwijs. Aanvragen voor het schooljaar 2013-2014 kunnen tot 1 juli 2013 worden ingediend.

Vorig jaar heeft het Arbeidsmarktplatform PO op verzoek van RVKO voor rooms-katholiek primair onderwijs in Rotterdam een evaluatie uitgevoerd naar de wervingsactie van dit bestuur om meer mannen voor de klas te krijgen.

​’Hieruit bleek dat die actie erg succesvol was en dat mannen voor de klas en in onderwijsteams meerwaarde bieden aan de school. Naar aanleiding hiervan en door vragen die het platform vanuit het veld kreeg is deze subsidieregeling in het leven geroepen’, zo laat het Arbeidsmarktplatform PO aan VOS/ABB weten.

Hij-instroom
In maart hield fractievoorzitter Marjolein Moorman van de PvdA in de Amsterdamse gemeenteraad een pleidooi om hoogopgeleide jonge werkloze mannen te laten omscholen tot leraar. Met de zogenoemde hij-instroom wil zij bewerkstelligen dat weer zowel vrouwen als mannen lesgeven. Een compleet vrouwelijke omgeving is volgens haar niet goed voor de ontwikkeling van kinderen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl