VOS/ABB ook voor openbaar onderwijs en gemeenten

Ook gemeenten kunnen zich bij VOS/ABB aansluiten. Het gemeentelidmaatschap staat onder andere in het teken van de gemeente als externe toezichthouder van het openbaar onderwijs.

Gemeenten die bij VOS/ABB zijn aangesloten, kunnen ook advies krijgen op belangrijke thema’s als onderwijshuisvesting en de lokale en regionale educatieve agenda. Dat geldt tevens voor andere beleidsterreinen, zoals voor- en vroegschoolse educatie, integrale kindcentra, brede scholen, buitenschoolse opvang en de relatie met jeugdwelzijnsorganisaties en samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs.

Ook voor het stichten van openbare scholen en governancevraagstukken in relatie tot het openbaar onderwijs zijn gemeenten bij VOS/ABB aan het juiste adres.

Met VOS/ABB kunnen gemeenten ervoor zorgen dat de relatie met het openbaar onderwijs optimaal is. Met als uiteindelijk doel: goed openbaar onderwijs als stevig fundament voor een samenleving waarin kennis en onderling respect centraal staan.

Voor meer informatie over het gemeentelidmaatschap van VOS/ABB, neemt u contact op met Janine eshuis: 06-30041175, jeshuis@vosabb.nl

OCW: Privacy online enquête bekostiging geborgd

Het ministerie van OCW garandeert dat de privacy is geborgd van mensen die de online enquête over doelmatigheid en toereikendheid van de bekostiging invullen. Dat heeft het ministerie nadrukkelijk aan VOS/ABB laten weten.

Wij hadden aan de bel getrokken bij het ministerie en bureau McKinsey & Company, dat de enquête in opdracht van OCW heeft gemaakt, nadat een lid van VOS/ABB een datalek had ontdekt.

Zij had per ongeluk via een abusievelijk gedeelde link inzage gekregen in een niet volledig ingevuld enquêteformulier van iemand anders. De fout is volgens het ministerie hersteld. OCW garandeert nu dat de privacy van mensen die de online enquête invullen is geborgd.

Wie de enquête invult, doet dat weliswaar op een openbaar toegankelijke webpagina, maar die pagina is alleen door derden te zien als die de unieke link kennen. De kans daarop is vrijwel nul en daarmee is dus volgens OCW de privacy geborgd.

De enquête staat op www.onderzoekbekostigingpovo.nl.

Sociale partners gaan weer praten over CAO PO

De sociale partners gaan na maanden weer met elkaar praten over de arbeidsvoorwaarden in het primair onderwijs. Dat blijkt uit een reactie van CNV Onderwijs op een oproep daartoe van onderwijsminister Arie Slob.

Onderwijsminister Arie Slob wil dat de PO-Raad en de vakbonden hun ruzie over de cao bijleggen en weer met elkaar in gesprek gaan. In reactie daarop zegt CNV-bestuurder Joyce Rosenthal dat die oproep overbodig is.

‘Wij hebben al afgesproken om weer in overleg te gaan, omdat we onze verantwoordelijkheid kennen en nemen. Geld dat voor arbeidsvoorwaarden is bedoeld, moet naar het onderwijspersoneel’, aldus Rosenthal op de website van CNV Onderwijs.

Ruzie over salarissen

Zij vermeldt er niet bij wanneer de sociale partners het cao-overleg hervatten. Het overleg ligt al maanden stil, omdat er ruzie is over hoeveel geld de leraren in het primair onderwijs erbij moeten krijgen.

Minister Slob dreigt dat 285 miljoen euro voor de arbeidsvoorwaarden in het primair onderwijs er niet komt als de sociale partners niet met elkaar afspreken waar dat geld aan wordt besteed.

Lees meer…

Kabinet: 285 miljoen voor arbeidsvoorwaarden

Er komt structureel 285 miljoen euro beschikbaar voor de arbeidsvoorwaarden in het primair onderwijs. Onderwijsminister Arie Slob geeft als suggestie aan de sociale partners mee dat ze het geld kunnen inzetten voor hogere salarissen voor leraren en schoolleiders. Het gaat echter niet om extra geld voor hogere salarissen, maar om een indexatie van de personele lasten.

De PO-Raad en de vakbonden bepalen uiteindelijk wat ermee gaat gebeuren. Zij hebben echter ruzie met elkaar over de salarissen en de arbeidsvoorwaarden. Er wordt al maanden niet meer gepraat.

‘Ik doe aan hen een dringende oproep om weer om tafel te gaan en dit geld te gebruiken voor leraren. Als de schoolbesturen en vakbonden niets doen, gaat het geld de reserves in. Dat zou zonde zijn’, aldus Slob.

De Algemene Onderwijsbond (AOb) weerspreekt de suggestie van het ministerie van OCW als zou de 285 miljoen euro extra geld voor het primair onderwijs zijn. ‘Het gaat om de gewone loonruimte van iets meer dan 3 procent. Deze loonruimte geldt voor alle ambtenaren, alle medewerkers in het onderwijs, alle agenten en al het zorgpersoneel’, aldus AOb-voorzitter Liesbeth Verheggen.

‘Door vandaag te focussen op het basis- en speciaal onderwijs lijkt het of er extra wordt gewerkt aan het lerarentekort. Dat is volstrekt onjuist’, zo stelt de AOb-voorzitter.

Indexatie

De PO-Raad stelt dat de 285 miljoen euro van Slob de indexatie is van de personele bekostiging. Het bedrag voorkomt volgens de sectororganisatie dat het personeel in het primair onderwijs erop achteruitgaat.

Adviseur Ronald Bloemers van VOS/ABB bevestigt dat het niet om extra geld gaat, maar slechts om de indexatie van de personele lasten. De 285 miljoen van Slob kan dus niet worden gebruikt voor verbetering van de arbeidsvoorwaarden.

Lees meer…

Met ‘voldoende’ meedoen aan pilot Regelluwe scholen

Elke school die voldoet aan de basiseisen mag meedoen aan het experiment Regelluwe scholen. De Tweede Kamer heeft een motie daartoe aangenomen.

Paul van Meenen van D66 en Michel Rog van het CDA dienden de motie in. Zij vinden dat niet alleen scholen met de beoordeling ‘goed’ of het predicaat ‘excellent’ aan het experiment mogen meedoen, maar ook scholen met de beoordeling ‘voldoende’. De Tweede Kamer is het daar dus mee eens.

Van Meenen noemt het op Twitter goed nieuws in de strijd tegen regel- en werkdruk.

Rekeninstrument gemiddelde schoolgrootte bijgesteld

In de map Basisschool van onze online Toolbox zit het bijgestelde instrument voor de berekening van de gemiddelde schoolgrootte.

De bijstelling was nodig vanwege het toevoegen van afzonderlijke opheffingsnormen voor de gemeente Zevenaar.

Download het bijstelde instrument

 

‘Leraren hebben het goed in Nederland’

Het is in Nederland voor jonge mensen aantrekkelijk om leraar te worden. Dat meldt de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in het rapport Education at a Glance 2019.

Het jaarsalaris van een startende leraar basisonderwijs is (omgerekend) ongeveer 9000 Amerikaanse dollar hoger dan het OESO-gemiddelde. Voor een leraar met 15 jaar ervaring loopt dat verschil op tot 17.000 dollar.

Voor leraren in de onderbouw van het voortgezet onderwijs is het verschil ongeveer 9000 dollar en voor leraren in de bovenbouw ongeveer 7000 dollar.

Goed betaald

‘De OESO concludeert aldus dat leraren in ons land relatief goed worden betaald, afgemeten aan het OESO-gemiddelde’, melden de onderwijsministers Ingrid van Engleshoven en Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Het aandeel leraren in primair en voortgezet onderwijs jonger dan 30 jaar ligt in ons land met 14 procent boven het OESO-gemiddelde van 10 procent.

Lees het rapport Education at a Glance 2019 of download Country Note NL.

Slob miskent alomtegenwoordigheid openbaar onderwijs

Met het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen wil de regering slechts de positie van het bijzonder onderwijs versterken. De grondwettelijk vastgelegde alomtegenwoordigheid van het openbaar onderwijs wordt miskend.

‘Het moet VOS/ABB van het hart dat het de regering behoeft zo expliciet de vrijheid van onderwijs te versterken, waarbij duidelijk getracht wordt het bijzonder onderwijs daarin te behagen en versterken, zonder de waarborg van de alomtegenwoordigheid van openbaar onderwijs daarin genoegzaam te erkennen en gelijkwaardig te behandelen’, zo staat in een reactie van VOS/ABB op het wetsvoorstel. De reactie is naar de Tweede Kamer gestuurd.

VOS/ABB benadrukt dat de basis van het duale bestel op basis van artikel 23 van de Grondwet is dat bijzonder onderwijs mág, maar dat openbaar onderwijs móet. Het wetsvoorstel leidt ertoe dat dit wordt omgedraaid, hetgeen botst met de Grondwet.

Hokjesscholen

VOS/ABB wijst er in de reactie ook op dat het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen de segregatie in het primair en voortgezet onderwijs zal verergeren. De reactie van onderwijsminister Arie Slob hierop, was dat het wetsvoorstel erop is gericht de vrijheid van onderwijs te versterken en niet om segregatie tegen te gaan.

Dat de regering met dit wetsvoorstel de trend versterkt van steeds meer ‘hokjesscholen’ waarin kinderen uit verschillende groepen elkaar niet ontmoeten, wordt kennelijk gezien als ‘collateral damage’, zo staat in de reactie van VOS/ABB.

Lees de reactie

Lerarentekort: geen plek meer voor jongste kleuters

Schoolbesturen in de vier grote steden en Almere vrezen dat als gevolg van het groeiende lerarentekort kleuters van 4 jaar op den duur niet meer naar school kunnen.

Schoolbesturen in Rotterdam bijvoorbeeld hebben nu al honderden vacatures. Dat aantal zal de komende jaren naar verwachting nog groter worden. Dat komt doordat oudere leerkrachten met pensioen gaan en de aanwas van jonge leraren die krimp niet kan opvangen.

Daar komt bij dat veel jonge leraren liever lesgeven op basisscholen in kleinere gemeenten met minder problematiek. Een ander punt is dat in steden het aantal leerlingen nog licht blijft groeien, in tegenstelling tot in veel kleinere gemeenten. In de steden is het lerarentekort daardoor groter dan elders.

Mogelijk scenario

Vooralsnog is het niet meer toelaten van de jongste kleuters geen realiteit, maar ‘een mogelijk scenario’, zegt bovenschools directeur Hans Lesterhuis van het Bestuur Openbaar Onderwijs Rotterdam tegen de NOS.

De omroep sprak ook met het ministerie. Het is volgens OCW wettelijk zo geregeld dat kleuters van 4 jaar naar school mogen. ‘Daaraan moeten alle scholen voldoen, ook in tijden van het lerarentekort’, zo citeert de NOS een woordvoerder van het ministerie.

Kleuters van 4 jaar zijn in Nederland nog niet leerplichtig, maar kunnen al wel naar school. Dit betekent dat ouders hun kind(eren) van vier nog thuis mogen houden, maar bijna niemand doet dat. Leerplicht geldt vanaf de leeftijd van 5 jaar.

Ook VO-raad nu tegen wetsvoorstel ‘Meer ruimte’

Het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen is geen stap vooruit, maar achteruit. Dat vindt voorzitter Paul Rosenmöller van de VO-Raad, meldt Trouw. De draai van de sectororganisatie sluit aan op wat VOS/ABB al lange tijd benadrukt.

De VO-raad was eerst voorstander van het wetsvoorstel, maar ook Rosenmöller ziet uiteindelijk in dat het botst het ideaal dat alle leerlingen gelijke kansen verdienen. Hij wijst er in Trouw op dat veel nieuwe scholen zich zullen richten op wat hij ‘de bovenkant van de markt’ noemt. Hij vindt het slecht als er meer scholen komen voor specifieke doelgroepen, zo zegt hij in Trouw.

Ook waarschuwt hij voor de gevolgen van toenemende concurrentie in tijden van krimp. ‘Op veel plekken is al meer dan genoeg onderwijs. Op termijn zullen er eerder scholen dicht moeten dan er bij zullen moeten komen’, aldus Rosenmöller. Volgens hem is er vanwege de krimp juist meer samenwerking nodig.

De VO-raad heeft hierover een brief gestuurd naar de Tweede Kamer.

Hokjesscholen

De VO-raad sluit zich met zijn kritiek aan op wat VOS/ABB al lange tijd benadrukt. Als het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen (dat voor de stichting van scholen het criterium ‘erkende richting’ loslaat) werkelijkheid wordt, zal dat ertoe leiden dat in principe iedereen een school kan beginnen. Dit zal versnippering in de hand werken.

Bovendien zouden dan nog meer scholen dan nu al het geval op grond van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs leerlingen en leraren kunnen weigeren op grond van eigen toelatingscriteria. Zo kunnen er nog meer ‘hokjesscholen’ ontstaan, terwijl de huidige segregatie in het onderwijs al een groot maatschappelijk probleem is.

Laat besluit over vertrek van school bij bevoegd gezag

De besluitvorming om een school uit een schoolbestuur te laten stappen, moet bij het bevoegd gezag blijven liggen. Dat benadrukt VOS/ABB in een bijdrage over het wetsvoorstel over de afschaffing van de fusietoets.

Het bevoegd gezag is primair verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs van alle leerlingen op de scholen van een bestuur. ‘Dit eenzijdig per school bekijken en zo opting-out mogelijk maken, zou indruisen tegen de bredere maatschappelijke verantwoordelijkheid die schoolbesturen hebben’, zo staat in de bijdrage.

Meer ruimte

VOS/ABB wijst erop dat ouders of leraren die het anders willen organiseren, zelf een school kunnen oprichten. Het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen geeft hun daartoe de mogelijkheid.

Om te voorkomen dat er ‘hokjesscholen’ ontstaan, die bijdragen aan de segregatie in het Nederlandse onderwijs, moet in dat wetsvoorstel wel staan dat nieuwe scholen:

  • algemeen toegankelijk zijn voor leerlingen,
  • algemeen benoembaar zijn ten aanzien van het personeel, en
  • actief pluriform zijn.

Lees de volledige bijdrage.

Academische Vaardigheden erkend als examenvak

Het ministerie van OCW heeft het vak Academische Vaardigheden van het openbare Schoonhovens College erkend als schooleigen examenvak.

De openbare school voor voortgezet onderwijs in Schoonhoven geeft het vak Academische Vaardigheden al sinds enkele jaren in 4 vwo.

De school spreekt van een unieke situatie. Het komt bijna nooit voorkomt dat een nieuw examenvak wordt erkend. Het vak Academische Vaardigheden is door vijf eigen docenten ontwikkeld.

Meer scholen bieden een soortgelijk vak aan, maar het Schoonhovens College is op dit moment de enige school die het als examenvak mag meetellen.

Grote steden willen bonus voor leraren

De onderwijswethouders van de vier grote steden willen dat het Rijk de salarissen in het primair onderwijs gelijk trekt met die in het voortgezet onderwijs. Ook stellen ze voor een grotestedenbonus in te voeren voor leerkrachten die ervoor kiezen in de stad te werken. Dat meldt NRC.

De onderwijswethouders van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht willen ook meer geld voor zij-instromers. Ze denken aan ook aan een verruiming van de wet om onbenoembare mensen te kunnen inzetten, bijvoorbeeld in samenwerking met de kinderopvang. Een ander idee is om het aantal lesuren te verminderen.

De noodkreet heeft te maken met het lerarentekort, dat in de grote steden nog nijpender is dan elders.

Lees meer…

 

 

Bestaan van hokjesscholen staat haaks op gelijke kansen

‘We willen in Nederland gelijke kansen voor alle kinderen. Daar hoort onderwijs bij dat voor alle leerlingen toegankelijk en betaalbaar is. Het is hoog tijd om dat eindelijk eens goed te regelen.’ Dat benadrukken directeur Hans Teegelbeckers en politiek adviseur Ronald Bloemers van VOS/ABB in Het Financieele Dagblad.

In het huidige duale bestel hebben bijzondere scholen nog steeds de mogelijkheid om met de Grondwet in de hand leerlingen en leerlingen te weigeren of weg te sturen. Die mogelijkheid wordt geboden door artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Dit grondwetsartikel dateert uit 1917.

‘Nederland was toen een sterk verzuild land. Christelijke kinderen gingen niet alleen naar de christelijke school, maar aten ook brood van de christelijke bakker en dronken melk van de christelijke melkboer. Deze strikte maatschappelijke indeling ligt (gelukkig) achter ons, alleen in het onderwijs bestaat die nog steeds.’

Hokjesscholen

Teegelbeckers en Bloemers spreken van ‘hokjesscholen’ die nog overal in Nederland zijn. ‘Kinderen leven en leren daar met leeftijdgenoten uit wat hun ouders als de ‘eigen groep’ beschouwen, en niet met anderen uit de diverse samenleving van nu.’ Ze wijzen ook op ‘financiële drempels die sommige scholen door middel van een hoge ouderbijdrage opwerpen om alleen ‘hun soort mensen’ binnen te halen’.

‘Het resultaat is dat kinderen geen gelijke kansen krijgen, terwijl we in dit land juist (zeggen te) willen dat ze die wel krijgen’, benadrukken Teegelbeckers en Bloemers. ‘Laten we daarom algemene toegankelijkheid en algemene benoembaarheid bij wet regelen. En laten we dan meteen ook een einde maken aan de hoge ouderbijdragen die sommige scholen vragen. Want Nederlandse kinderen moeten samen naar school.’

Lees het hele opiniestuk

Diederik Samsom verkiest onderwijs boven koopkracht

‘Grote investeringen en vergaande keuzes voor beter onderwijs. Dat is wat Nederland nu het hardst nodig heeft.’ Dat vindt PvdA’er Diederik Samsom, zo schrijft hij in de Volkskrant.

Hij wil onder andere ‘veel meer uren onderwijs en veel meer voorbereidingstijd voor docenten’. Leraren verdienen volgens hem een ‘drastische herwaardering’. Ze moeten wat hem betreft beter worden opgeleid en aan hogere eisen voldoen. Ook moeten hun salarissen van leraren omhoog, vindt Samsom.

Investeringen in onderwijs zijn volgens de PvdA’er veel meer waard dan meer koopkracht of een hoger bruto binnenlands product.

Lees meer…

Werkdruk gaat omlaag, leraren houden meer tijd over

De meeste schoolteams in het primair onderwijs hebben hun plannen om hun werkdruk aan te pakken met succes kunnen uitvoeren. Dat blijkt uit onderzoek van DUO Onderwijsonderzoek in opdracht van de PO-Raad.

De verlichting van de werkdruk is voor een belangrijk deel te danken aan de inzet van onderwijsondersteuners en vakleerkrachten, zo blijkt uit het onderzoek. Daarnaast zetten schoolteams ook in op ICT om de leraren te ontlasten. Die houden hierdoor weer meer tijd over voor het geven van onderwijs.

Kippen en konijnen

Volgens directeur Suzanne de Koning van de gereformeerde school De Werf voor speciaal basisonderwijs in Amersfoort draait het bij het verlagen van werkdruk om autonomie. Haar team besloot het werkdrukgeld vorig jaar aan konijnen, kippen en een keuken te besteden, meldt de Volkskrant. ‘Ik wilde niet naar de knelpunten kijken, maar naar wat ons plezier geeft. Mijn doel was werkpleziervergroting.’ Dat doel is volgens haar bereikt.

Eventmanager

In de krant komt ook directeur Raymond de Haan van openbare basisschool Koolhoven in Tilburg aan het woord. Het team van die school heeft ervoor gekozen om onder andere een eventmanager voor 16 uur per week aan te stellen voor het organiseren van feesten en vieringen (zoals het sinterklaasfeest, de kerstviering en carnaval).

‘Natuurlijk zijn er ook leerkrachten die het leuk vonden om feesten te ­organiseren. Dat kan ook nog steeds. De eventmanager kan ze vragen te helpen bij de organisatie van feesten. Het verschil is dat ze nu niet meer vijf keer bij elkaar hoeven te komen voor overleg, maar nog maar één keer. Zulke dingen schelen enorm in de belasting van leerkrachten buiten schooltijd’, aldus De Haan.

Op het strand

Het team van katholieke basisschool Jeroen in Den Haag koos onder meer voor de aanschaf van iPads, vertelt directeur Gerard van Vliet. Leraren zijn nu niet meer afhankelijk van hun computer in de klas. ‘Nu kunnen ze zelf bepalen waar ze gaan zitten als ze mails aan ouders sturen of de administratie in het leerlingvolgsysteem bijwerken. Het kan nu ook thuis op de bank tijdens De Wereld Draait Door. Of desnoods op het strand’, aldus Van Vliet in De Volkskrant.

Om de werkdruk in het primair onderwijs te verlagen, sloten onderwijsminister Arie Slob met de sociale partners in februari 2018 het Werkdrukakkoord. Vorig schooljaar kwam 237 miljoen euro extra beschikbaar (155 euro per leerling).

Noodpakket

De PO-Raad en de vakbonden eisen dat Slob nu met meer geld over de brug komt. Ze willen een noodpakket ter waarde van 423,5 miljoen euro tegen het lerarentekort. De minister gaat daar niet in mee. Hij heeft al laten weten dat het kabinet hier geen geld voor uittrekt.

Lees meer…

Amsterdam heeft nog 280 fte aan vacatures openstaan

Het lerarentekort in het primair en speciaal onderwijs in Amsterdam bedraagt aan het begin van het nieuwe schooljaar 280 fulltime formatieplaatsen. Dat meldt het Breed Bestuurlijk Overleg Amsterdam (BBO).

De scholen lossen dit volgens het BBO deels op door onbevoegde docenten voor de klas te zetten. ‘Het gaat hier bijvoorbeeld om onderwijsassistenten, leraren in opleiding of mensen die bezig zijn zich om te scholen tot leraar’, meldt het BBO. Hiermee worden circa 220 formatieplaatsen gevuld.

Voor de resterende formatieruimte van ruim 60 fte staan nog vacatures open. Die zijn volgens het BBO moeilijk in te vullen, doordat de mogelijkheden om mensen te werven vrijwel uitgeput zouden zijn. Het personeelstekort heeft tot gevolg dat klassen moeten worden samengevoegd of dat kleuters later dan gewenst kunnen instromen.

Het lerarentekort gaat volgens het BBO ten koste van de kwaliteit en de continuïteit van het Amsterdamse onderwijs.

Lees meer…

Artikel 23: Maak alle scholen algemeen toegankelijk!

Alle bekostigde scholen in Nederland moeten voor iedereen toegankelijk zijn. Bovendien dient op alle scholen elke bevoegde leraar benoembaar te zijn. Dat staat in een position paper van VOS/ABB over artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs.

Het position paper benadrukt dat het hele onderwijsveld wil dat er gelijke kansen voor gelijke talenten zijn. ‘Wanneer de schoolkeuze niet voor elke ouder, elke leerling en elke docent even vrij is, is die wens niet realiseerbaar’, zo staat in het stuk van VOS/ABB.

Nu is het nog zo dat het bijzonder onderwijs leerlingen en personeelsleden kan weigeren als hun levenswijze niet bij de uitgangspunten van de school zou passen. Het openbaar onderwijs kent altijd al algemene toegankelijkheid en algemene benoembaarheid. Openbaar onderwijs is van en voor de gehele samenleving.

Vrijheid

In het position paper staat ook: ‘Het recht op onderwijs voor het kind moet voorop staan, waarbij de vrijheid om scholen te stichten vanuit een bepaalde visie kan blijven bestaan, maar niet met een toelatings- en benoemingsbeleid gegrond op een specifieke levensbeschouwing. Dat past immers niet bij de gelijkwaardigheid binnen onze democratische samenleving.’

Actief-pluriform

‘Het onderwijs op bekostigde scholen is in onze visie actief-pluriform en besteedt dus actief en expliciet aandacht aan verschillen in onze pluriforme democratische samenleving’, aldus de visie van VOS/ABB.

Het position paper van VOS/ABB in een bijdrage aan de discussie over de waarde van het uit 1917 daterende artikel 23 van de Grondwet in de samenleving van nu. De Onderwijsraad bereidt hierover een advies voor.

Lees het position paper van VOS/ABB.

Systeem blijkt bij leerlingenvervoer belangrijker dan kind

Bij het organiseren van leerlingenvervoer wordt te veel vanuit de regels en het systeem gedacht en te weinig vanuit het kind. Dat stelt Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer.

Kalverboer zegt dat er veel klachten binnenkomen over het leerlingenvervoer. Hieruit blijkt volgens haar dat er bij gemeenten, die het leerlingenvervoer organiseren, gebrek aan maatwerk is. Doordat praktische en financiële aspecten boven de belangen van het kind zouden staan, hebben sommige kinderen geen toegang tot passend onderwijs.

Een van de problemen die zij signaleert, is dat gemeenten soms alleen vervoer regelen voor een dichterbij gelegen school, terwijl een andere school beter zou zijn voor het kind. Er zijn volgens haar ook kinderen voor wie de gemeente helemaal geen vervoer regelt, terwijl ze dat wel nodig hebben.

Een ander probleem, zo meldt de Kinderombudsvrouw, is dat gemeenten soms willen dat een kind met het openbaar vervoer naar school gaat, terwijl dat niet goed is. Of dat een kind met een taxibus mee moet, terwijl het juist met het openbaar vervoer wil.

Hoe kan het beter?

Om gemeenten te helpen in het maken van hun afwegingen bij besluiten over de aanvragen en uitvoering van leerlingenvervoer, heeft de Kinderombudsvrouw tien uitgangspunten gemaakt.

Lees meer…

Excursie Tweede Kamer: reiskostenvergoeding!

Wilt u dit schooljaar (weer) met leerlingen naar de Tweede Kamer? Via de website van ProDemos kunt u educatieve programma’s reserveren voor het schooljaar 2019-2020. Let op: scholen kunnen een reisvergoeding krijgen!

Rondom het bezoek aan de Tweede Kamer heeft ProDemos een gevarieerd programma met verschillende interactieve onderdelen. Nieuw dit schooljaar is dat scholen een vergoeding kunnen krijgen voor het vervoer naar Den Haag en terug. U moet het vervoer wel zelf regelen.

Lees meer of ga direct naar de reserveringspagina van ProDemos

Geen noodpakket lerarentekort en werkdruk

Onderwijsminister Arie Slob komt niet met een noodpakket tegen het lerarentekort en voor werkdrukverlaging. Dat laat hij weten in antwoord op Kamervragen van D66.

Paul van Meenen wilde van de minister weten hoe hij dacht over het voorstel van onder andere de PO-Raad en VO-raad om met een noodpakket te komen. Volgens de sectororganisaties zou daar voor het begrotingsjaar 2020 een bedrag van 423,5 miljard euro voor moeten worden uitgetrokken.

‘Met dit geld kan het primair onderwijs een belangrijke en broodnodige verdere stap zetten naar eerlijke salarissen voor alle personeel en het verkleinen van het loonverschil met het voortgezet onderwijs’, meldde de PO-Raad.

De minister gaat er niet in mee, zo blijkt uit zijn antwoord op de vraag hoe hij tegen dit voorstel aankijkt. ‘Het kabinet investeert al fors in de salarissen en werkdruk in het primair onderwijs. Zoals ik al vaker heb gezegd, is er momenteel geen ruimte om nog extra middelen beschikbaar te stellen’, aldus Slob.

Lees meer…

‘Lerarentekort een nationale ramp’

Het lerarentekort is een nationale ramp die onmiddellijke actie vereist, net als wanneer de dijken doorbreken. Dat zegt Frank Cörvers, hoogleraar onderwijsarbeidsmarkt in Tilburg en Maastricht, in dagblad NRC. Hij vindt dat het kabinet ‘een tandje bij’ moet zetten om meer onderwijsvacatures te vervullen.

De basisscholen beginnen dit schooljaar met een tekort van 1400 leraren, becijferde DUO Onderwijsonderzoek & Advies op verzoek van de PO-Raad. Daarmee is het tekort 9 procent hoger dan vorig jaar. Het ministerie van OCW heeft inmiddels de lerarensalarissen verhoogd en 430 miljoen euro uitgetrokken om de werkdruk te verlagen. Ook mogen deeltijdstudenten aan de pabo eerder voor de klas staan.

‘Samenwerking primair en voortgezet onderwijs nodig’

‘Prima maatregelen, maar niet voldoende’, vindt Cörvers. Hij vindt onder meer dat de salarissen in het primair onderwijs gelijkgetrokken moeten worden met die van docenten in het voortgezet onderwijs. Ook vindt hij dat primair en voortgezet onderwijs meer moeten samenwerken. Als leraren op de opleiding meer bevoegdheden kunnen halen, zijn ze ze flexibeler inzetbaar in primair en voortgezet onderwijs. Daarmee is te voorkomen dat overschotten en tekorten elkaar opvolgen, aldus Cörvers in dagblad NRC.

In 10 stappen naar inclusief onderwijs

Na een symposium over inclusief onderwijs is een gratis online magazine verschenen. Daarin staan onder meer 10 stappen om tot inclusief onderwijs te komen.

Het magazine is uitgebracht door Defence for Children en FNO Zorg en Perspectief, de organisaties die op 1 juli een drukbezocht symposium organiseerden in het ministerie van OCW. De 10 stappen variëren van het wegnemen van wettelijke beperkingen tot een cultuuromslag. Doel is een inclusieve samenleving te realiseren, waarin alle leerlingen in reguliere scholen maatwerkonderwijs krijgen en waarin jongeren met een ondersteuningsbehoefte ook ná school echt aan de slag kunnen op de arbeidsmarkt.

In het gratis online magazine Inclusief Onderwijs in Nederland, tijd voor actie! leest u verder de uitkomsten per deelsessie van het symposium. Ook komt voorzitter Adriana van Dooijeweert van het College voor de Rechten van de Mens erin aan het woord. Zij betoogt dat stilstaan geen optie is als het gaat om inclusief onderwijs.

Beweging Naar inclusiever onderwijs

Defence for Children en FNO hebben de ministers van OCW inmiddels opgeroepen om een Taskforce inclusief onderwijs in te stellen. Ook de Tweede Kamer heeft eind juli een motie van die strekking aangenomen. Eerder, in juni, is de beweging Naar inclusiever onderwijs van start gegaan met een informatieve website, gericht op scholen. Hierover stond een uitvoerig artikel in het VOS/ABB-magazine Naar School! nr 19 (pagina 12-17).

Deelname training radicalisering moet omhoog

Onderwijsminister Arie Slob wil dat meer leraren deelnemen aan de training om radicalisering onder leerlingen te herkennen. Om dit te bereiken laat hij de training gerichter aanbieden en zet hij in op andere manieren, bijvoorbeeld via e-learning.

Dit meldt de minister in een brief aan de Tweede Kamer naar aanleiding van eerdere berichten dat er onder leraren weinig animo is voor het volgen van deze training. De training is onderdeel van de ‘integrale aanpak terrorisme’ die het kabinet in november 2017 lanceerde.

Nog geen 1000 leraren bereikt

In 2018 zijn 38 trainingen gegeven aan 680 deelnemers uit het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs. Daarnaast zijn er 50 adviesgesprekken met scholen gevoerd. In de eerste maanden van 2019 zijn 14 trainingen gegeven voor circa 280 onderwijsprofessionals.

Het kabinet wil de komende jaar meer leraren bereiken, met name in ‘geprioriteerde gemeenten’. Daar wordt de training vooraan gerichter aangeboden. Verder vraagt de minister aan lokale adviseurs van instanties, zoals de Expertise-Unit Sociale Stabiliteit (ESS), om gemeenten te informeren over het trainingsaanbod en laat hij cursussen via e-learning ontwikkelen. De training wordt niet verplicht.

 

Kamer wil toe naar inclusief onderwijs

De Tweede Kamer roept de regering op werk te maken van echt inclusief onderwijs. Dit betekent dat elk kind passend onderwijs kan krijgen in de reguliere school.

Tot nu toe zitten kinderen met een ondersteuningsbehoefte in Nederland vooral in speciale scholen. Drie jaar geleden heeft Nederland echter het VN Mensenrechtenverdrag Handicap mede ondertekend, waaruit het recht op inclusief onderwijs volgt. Vlak voor het zomerreces heeft een ruime meerderheid van de Tweede Kamer een motie hierover aangenomen die was ingediend door D66-Kamerlid Paul van Meenen. Met deze motie wordt het kabinet verzocht om samen met onder anderen leraren, ouders, schoolbesturen, gemeenten en (jeugd)zorg een brede coalitie te vormen voor de realisering van echt inclusief onderwijs.

Taskforce inclusief onderwijs

De organisatie Defence for Children reageert verheugd op deze uitspraak van de Kamer, maar wijst er met klem op dat er nu daadwerkelijke, concrete en meetbare stappen gezet moeten worden. ‘Het opbouwen van een brede coalitie is waardevol, maar doet nog onvoldoende recht aan de verplichtingen van de staat’, aldus Defence for Children. De organisatie roept het ministerie van OCW op om daarom een Taskforce te starten die een helder plan met tijdpad en meetbare doelstellingen kan opstellen.

Platform Naar inclusiever onderwijs

Zeer recent, in juni, is de beweging Naar inclusiever onderwijs van start gegaan, die een landelijk praktijkplatform heeft gelanceerd om scholen en andere partijen bij elkaar te brengen. Dit platform op www.naarinclusieveronderwijs.nl fungeert als als vraagbaak en inspiratiebron voor scholen. Een uitvoerig artikel hierover stond in het VOS/ABB-magazine Naar School!, nr 19, van juni 2019 (zie pagina 12-17).  VOS/ABB is een van de partners die het initiatief Naar inclusiever onderwijs ondersteunt.