School sneller informeren over huiselijk geweld

Scholen moeten sneller zijn geïnformeerd als bij leerlingen thuis sprake is van geweld om steun te kunnen bieden aan het kind. Dat is onderdeel van het actieprogramma Geweld hoort nergens thuis.

Het actieprogramma bevat maatregelen om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen. Het Rijk stelt daar de komende jaren tientallen miljoenen voor beschikbaar.

Het is de bedoeling dat situaties van huiselijk geweld en kindermishandeling eerder en beter in beeld komen. ‘Het is belangrijk dat slachtoffers zich durven uit te spreken, dat de omgeving van het slachtoffer signalen herkent en dat men vervolgens weet wat te doen’, zo meldt de rijksoverheid.

Onderdeel van het actieprogramma is dat scholen sneller worden geïnformeerd na geweldsincidenten thuis, zodat zij steun kunnen bieden aan het kind op school.

Het actieprogramma is woensdag gepresenteerd door minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, zijn collega Sander Dekker van Rechtsbescherming en, namens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, burgemeester Annemarie Penn-te Strake van Maastricht.

Download het actieprogramma

Tweede Kamer eist aandacht voor seksuele diversiteit

Een meerderheid in de Tweede Kamer vindt dat er ‘passende maatregelen’ moeten volgen als blijkt dat een school geen aandacht heeft voor seksuele diversiteit.

De Kamer nam hiertoe een motie aan van SP’er Jasper van Dijk. De regeringsfractie van VVD, CDA en ChristenUnie stemden tegen, net als DENK, de SGP en Forum voor Democratie. Voorstemmers waren coalitiegenoot D66 en de oppositiefracties van PVV, SP, GroenLinks, PvdA, Partij voor de Dieren en 50PLUS, die samen een meerderheid vormen.

De aanleiding voor Van Dijk om de motie in te dienen, was de constatering van de Inspectie van het Onderwijs dat 14 procent van de scholen in het primair en voortgezet onderwijs zich niet houdt aan de aangescherpte eisen met betrekking tot seksuele diversiteit.

Het wordt uit de motie niet duidelijk wat met ‘passende maatregelen’ wordt bedoeld.

‘Veel leraren schieten tekort op kennis en kwaliteit’

VVD-coryfee Hans Wiegel denkt dat het grootste probleem van het onderwijs bij de leraren zit die volgens hem tekortschieten op kennis en kwaliteit.

Hij stelt dat in een opiniestuk in de Telegraaf, waarin hij onder de kop Hoezo werkdruk en volle klassen? ingaat op het recent verschenen inspectierapport De Staat van het Onderwijs. Wiegel grijpt in zijn verhaal terug op zijn eigen schooltijd, toen hij in een klas met vijftig leerlingen zat.

‘Het was een fijne school met juffen en meesters die hun vak verstonden en voor elke leerling aandacht hadden. Die achterblijvers extra hielpen en de pienterste leerlingen extra werk gaven, omdat ze zich anders zouden vervelen. De inzet was hoog, de aandacht voor de kinderen groot, er werd niet gestaakt’, aldus Wiegel.

Lees meer…

De opinie van Wiegel leidt tot een kritische reactie van onder andere de Onderwijsgroep Zuid-Hollandse Waarden (OZHW) en openbare basisschool ’t Praathuis in Culemborg:

 

Chris Reidstra gekozen tot Koningin van de Jeugd

Chris Reidstra is gekozen tot de nieuwe Koningin van de Jeugd. Zij zit op het openbare Willem de Zwijger College in Papendrecht.

De 14-jarige Chris werd tot Koningin van de Jeugd gekozen op het Unicef Kinderrechten Debattoernooi 2018 op 21 april in het openbare Stedelijk Gymnasium in Arnhem. Zij vindt het belangrijk dat de aarde een leefbare plek blijft voor de komende generaties. Daarom wil ze problemen als klimaatverandering en milieuvervuiling veel aandacht geven. Dat gaat ze waarschijnlijk ook doen op Kleine Prinsjesdag, want dan mag de Koningin van de Jeugd een zelfgeschreven troonrede houden in de Ridderzaal.

Chris Reidstra volgt als Koningin van de Jeugd Sann Leisink uit Zwolle op, die daar op het openbare Gymnasium Celeanum zit.

Lees meer…

Kabinet schrapt fusietoets

Het kabinet heeft besloten de fusietoets voor het basis- en voortgezet onderwijs af te schaffen. Wel moet de betrokken medezeggenschapsraden met een fusie instemmen. Ook moet er een rapport worden opgesteld waarin de keuze voor de fusie wordt onderbouwd.

Schoolbesturen die samenwerking met elkaar zochten voor fusies, liepen vaak tegen de fusietoets op. Daardoor zijn in de afgelopen jaren fusies uitgesteld of werd er gekozen voor minder intensieve samenwerking. Het kabinet wil daarvan af.

Het afschaffen van de fusietoets zal er volgens het kabinet niet toe leiden dat er automatisch meer grote scholen komen. ‘Vaak gaat het om bestuurlijke fusies en blijven leerlingen gewoon in hetzelfde gebouw met dezelfde leraren les krijgen. In sommige situaties is het juist zo dat grote besturen het mogelijk maken om kleine scholen overeind te houden’, zo licht het kabinet het besluit toe.

Het zal enige tijd duren voordat de fusietoets uit de wet is verdwenen. Tot die tijd vindt enkel nog een procedurele toetsing plaats. De Commissie Fusietoets Onderwijs (CFTO) wordt opgeheven.

VOS/ABB heeft jarenlang gepleit voor het afschaffen van de fusietoets, omdat die samenwerking in krimpregio’s ernstig in de weg stond. Het is een goede ontwikkeling dat het kabinet (eindelijk) heeft besloten om de fusietoets af te schaffen.

Lees meer…

Leraren krijgen met voorrang woonruimte in Amsterdam

Studenten die in hun laatste jaar zitten van de pabo of de lerarenopleiding en lesgeven in Amsterdam, kunnen daar met voorrang woonruimte krijgen. 

De gemeente Amsterdam stelt dit jaar samen met woningcorporaties 100 jongerenwoningen met voorrang beschikbaar aan beginnende leraren.

Het gaat om nieuwe complexen waar ook jonge vluchtelingen en andere starters wonen. Het zijn kleine woonruimtes van 21 tot 32 vierkante meter met daarbij gedeelde woonruimtes, zoals een gezamenlijke huiskamer of wasruimte.

Lees meer…

‘Gezeur maakt onderwijs niet beter’

‘Docenten, schoolleiders, ouders, overheidsinstanties, wetenschappers, raden en belangenverenigingen: Alle betrokkenen steunen en kreunen en leggen de verantwoordelijkheid ergens anders neer.’ Dat stelt onderzoeker en geschiedenisdocent Saro Lozano Parra op de opiniepagina van Trouw naar aanleiding van de reacties op het inspectierapport De Staat van het Onderwijs.

‘Je kunt er gif op innemen: onmiddellijk na de publicatie en de eerste nieuwsberichten over het inspectierapport gaat de zeurkraan weer open: bestuurders doen dit fout, er is sprake van curriculumvervuiling door nieuwe vakken die vroeger ook niet nodig waren, scholen zijn niet ambitieus genoeg en de VO-raad vindt het allemaal maar overdreven. Alle betrokken partijen gebruiken het rapport als haakje om aandacht te generen voor de eigen sores’, aldus de promovendus van de Universiteit Utrecht.

De belangrijkste conclusie bestaat volgens hem niet uit de bevonden resultaten van het onderwijsrapport, maar uit ‘de totale impasse’ die erop volgt. ‘Docenten, schoolleiders, ouders, overheidsinstanties, wetenschappers, raden en belangenverenigingen: Alle betrokkenen steunen en kreunen en leggen de verantwoordelijkheid ergens anders neer.’ Hierdoor lijkt volgens hem ‘een actieve, constructieve samenwerking om een gezamenlijke visie te ontwikkelen en fundamentele vragen over ons onderwijs te beantwoorden ver weg’.

Lees het opniestuk

Bewegingsvaardigheid basisschoolleerlingen afgenomen

De bewegingsvaardigheid van basisschoolleerlingen is de afgelopen tien jaar afgenomen, meldt de Inspectie van het Onderwijs.

Onder regie van de inspectie is vorig schooljaar onderzoek gedaan naar de bewegingsvaardigheid van leerlingen in de eindfase van het basis- en speciaal basisonderwijs. In 2006 werd ook onderzoek gedaan.

Het blijkt dat leerlingen minder goed presteren dan in 2006. Uit het onderzoek komt tevens naar voren dat jongens over het algemeen beter scoren dan meisjes. Een ander onderzoeksresultaat is dat de inzet van een vakleerkracht positief effect heeft op de bewegingsvaardigheid van leerlingen.

Download het onderzoeksrapport

 

Schoolleiders: meer aandacht voor leiderschap

Schoolleiders moeten meer aandacht hebben voor leiderschap en minder voor managementtaken. Verdere professionalisering en een betere positionering van schoolleiders zijn daarvoor noodzakelijk, vindt de Onderwijsraad.

De Onderwijsraad adviseert in Een krachtige rol voor schoolleiders ‘toe te werken naar één sectoronafhankelijke beroepsstandaard met één verplicht register’. Het is daarbij noodzakelijk, benadrukt de raad, dat de schoolleidersorganisaties in de diverse onderwijssectoren met elkaar samenwerken.

Kwaliteit schoolleiders verbeteren

De Onderwijsraad geeft ook een advies aan de overheid. Die zou, net als voor leraren, maatregelen moeten nemen ‘om de kwaliteit van schoolleiders te verbeteren’. Daartoe behoort facilitering van scholing. Er zou naast de Lerarenbeurs een Schoolleidersbeurs moeten komen, vindt de raad.

‘Daarnaast zijn hogere eisen aan de professionalisering van schoolleiders noodzakelijk’, stelt de raad, die daarbij ‘een schoolleidersopleiding op masterniveau’ noemt en ‘op leidinggevenden gerichte professionaliseringsafspraken’. Schoolbesturen moeten wat de Onderwijsraad betreft ‘werk te maken van strategisch HRM-beleid’.

Ga naar het advies Een krachtige rol voor schoolleiders.

Slob verdedigt predicaat ‘Excellente school’

Onderwijsminister Arie Slob is het niet eens met de kritiek van onder andere de VO-raad en de schoolleidersvakbond AVS op het predicaat ‘Excellente school’ van de Inspectie van het Onderwijs. Dat meldt hij in reactie op Kamervragen.

Voorzitter Paul Rosenmöller van de VO-raad stelde vorige maand in het tv-programma Kassa dat het predicaat ‘Excellente school’ een vertekend beeld geeft en verwarring schept. Het suggereert volgens hem ten onrechte dat het onderwijs op scholen met het label beter is dan op scholen die dit label niet hebben.

Ook voorzitter Petra van Haren van de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) uitte in Kassa kritiek op het predicaat: ‘Ik denk dat de inspectie vooral zijn rol als inspectie moet pakken. Waarderen of een school voldoet aan de basiskwaliteit, aan de wetgeving en alle andere predicaten moet de inspectie vooral aan de sector overlaten’, aldus Van Haren.

Onderwijskwaliteit over de volle breedte

Slob verwerpt de kritiek, zo laat hij weten in antwoord op vragen van Tweede Kamerlid Lisa Westerveld van GroenLinks. ‘Het is belangrijk dat scholen die het predicaat hebben, op hun website duidelijke informatie verstrekken over wat dit predicaat betekent, namelijk dat de school over de volle breedte goede onderwijskwaliteit biedt en daarnaast uitblinkt op één of meer specifieke punten’, aldus de minister.

Hij wijst erop dat het verwerven van het predicaat een vrijwillige keuze van de school is en dat scholen daarbij vooral aandacht en tijd besteden ‘aan het expliciet maken en aanscherpen van hun eigen ontwikkeling en de ambities om hun onderwijs verder te verbeteren’. De scholen ervaren dat volgen hem ‘als een investering in de kwaliteit van hun onderwijs’.

Lees meer…

‘Zij-instromers kunnen na vijf weken alleen voor de klas’

De onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob achten het verantwoord dat zij-instromers na vijf weken alleen voor de klas staan. Dat melden zij in antwoord op Kamervragen.

SP-Tweede Kamerlid Peter Kwint en zijn collega Lisa Westerveld van GroenLinks trokken bij de minister aan de bel nadat de actualiteitenrubriek Nieuwsuur aandacht had besteed aan zij-instromers in het onderwijs. Ze wilden van Slob weten hoe hij denkt over de praktijk dat zij-instromers al na vijf weken alleen voor de klas staan.

De minister wijst er in zijn antwoorden op dat er wettelijke voorschriften zijn en dat het altijd om individueel maatwerk gaat. De scholing en begeleiding van een zij-instromer die al ervaring heeft in het onderwijs zal er volgens hem anders uitzien dan van iemand die nog geen ervaring heeft. ‘Gezien deze wettelijke voorschriften, achten wij het verantwoord dat een zij-instromer na vijf weken alleen voor de klas staat’, aldus Slob.

Lees meer…

Voorzitter VO-raad informateur in Rotterdam

Voorzitter Paul Rosenmöller van de VO-raad, die tot 2002 fractievoorzitter was van GroenLinks in de Tweede Kamer, is in Rotterdam aangesteld als informateur om een nieuw college van B en W samen te stellen. Ook oud-Tweede Kamerlid Pieter Duisenberg van de VVD is aangesteld als informateur.

De regionale zender RTV Rijnmond noemt Rosenmöller ‘een politiek zwaargewicht’ met een Rotterdamse link. Voordat hij de politiek inging, werkte hij in de Rotterdamse haven. Daar kreeg hij bekendheid als woordvoerder bij stakingen.

In 2002 was Rosenmöller fel tegenstander van Pim Fortuyn. Hij noemde diens idee om artikel 1 van de Grondwet af te schaffen ‘extreemrechts’. Na de moord op Fortuyn werd Rosenmöller thuis bedreigd. Dat was voor hem reden om de politiek te verlaten.

Sinds 2014 is Rosenmöller voorzitter van de VO-raad.

Lees meer…

Magazine Naar School! toont trots openbaar onderwijs

Het aprilnummer van magazine Naar School! gaat onder andere over de School!Week, de jaarlijkse campagne van het openbaar onderwijs. Andere onderwerpen die aan bod komen: de lumpsumfinanciering, de toeloop van kinderen van kennismigranten en intern toezicht van samenwerkingsverbanden.

De jaarlijkse School!Week was ook dit keer een groot succes. Openbare scholen in het hele land lieten in maart vol trots zien waar ze voor staan, namelijk goed onderwijs voor álle kinderen. VOS/ABB de de Vereniging Openbaar Onderwijs organiseerden de slotactiviteit: Expeditie Droomschool! in het Nationaal Onderwijsmuseum in Dordrecht. Het magazine geeft een mooie indruk van deze inspirerende dag. U kunt ook de aftermovie van Expeditie Droomschool! bekijken!

In de School!Week was in Groningen een grote personeelsdag onder het motto ‘Openbaar onderwijs heeft karakter!’. Mensen van verschillende openbare basisscholen in die provincie vertellen wat openbaar onderwijs voor hen betekent. ‘Het maakt bij ons niet uit wie of wat je bent. Je moet creatief zijn en nooit denken ‘je hoort niet bij ons”, zegt Gea Schrikkema van openbare basisschool De Vuurvlinder in Appingedam. U kunt ook de aftermovie van Openbaar onderwijs met karakter bekijken.

Lumpsum op de schop? Niet doen!

De lumpsumfinanciering is onderwerp van soms felle discussie. Het lijkt weleens alsof deze bekostigingssystematiek de oorzaak is van alle problemen die in het onderwijs worden ervaren. Maar schoolbestuurders en controllers zijn er juist positief over.

In het nieuwe nummer van Naar School! vertellen bestuurders en controllers waarom het onterecht is dat vakbonden en diverse politieke partijen een negatief beeld schetsen over de lumpsumfinanciering.

Toeloop van kennismigranten

Directeur-bestuurder Frans Cornet van de Stichting Amstelwijs voor openbaar primair onderwijs in Amstelveen vraagt aandacht voor een nieuw probleem: de toeloop van kinderen van kennismigranten. Deze groep valt overal buiten, vertelt hij, terwijl ook deze kinderen niet gewoon in het reguliere onderwijs kunnen beginnen.

Hij dringt niet alleen aan op financiële steun van de overheid, maar vooral ook op aanpassing van de wetgeving. ‘Ik pleit voor toestemming van de Inspectie om (…) de helft van de lessen in het Engels te mogen geven. Het zou ook mooi zijn als de eindtoets basisonderwijs in het Engels beschikbaar komt. Dan kunnen we deze kinderen het onderwijs bieden dat ze nodig hebben’, aldus Cornet.

Intern toezicht samenwerkingsverbanden

Samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs moeten onafhankelijk intern toezicht krijgen, eist de Tweede Kamer. De praktijk laat zien dat het een hele klus is vertelt directeur Luuk van Aalst van samenwerkingsverband IJssel | Berkel.

‘De inkt van de oprichtingsaktes is nog maar net droog of we moeten het alweer anders inrichten, en dat kost veel tijd en energie’, zegt Van Aalst. Toch vindt hij het noodzakelijk om er werk van te maken. ‘Het gaat immers om de verantwoording van publieke middelen. We moeten daarom aan de slag om een daadwerkelijke scheiding van bestuur en toezicht te regelen.’

Andere onderwerpen

  • Ouderbijdrage wel of niet betaald, elke leerling telt! Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB wil weten hoe u hierover denkt.
  • ‘Prachtig vak en juist nu van belang’ Over godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs in de openbare basisscholen.
  • Allemaal een eigen plek, maar toch samen Reportage over het gebouw van Kindcentrum Borgele in Deventer.
  • Proefdraaien op praktijkschool Leerlingen in de groepen 7 en 8 van het speciaal
    basisonderwijs draaien dit schooljaar in Assen proef op de praktijkschool.

Ga naar de online versie van het aprilnummer van magazine Naar School!.

Magazine Naar School!

Magazine Naar School! verschijnt vijf keer per jaar in een oplage van 3500 exemplaren. Leden van VOS/ABB krijgen het magazine gratis toegestuurd. Dit geldt voor bij VOS/ABB aangesloten besturen én hun scholen.

Bovenschoolse directies kunnen op aanvraag ook één gratis abonnement nemen. U kunt daarvoor een mailtje sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Abonnement Naar School!‘. Vermeld in uw mail uw naam of de naam van uw organisatie en het adres waarop u het magazine wilt ontvangen.

Niet-leden kunnen een abonnement op Naar School! nemen voor 29,50 euro per jaar. Ook hiervoor geldt dat u een mailtje kunt sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Abonnement Naar School!‘. Vermeld in uw mail uw naam of de naam van uw organisatie en het adres waarop u het magazine wilt ontvangen.

Hebt u ideeën voor magazine Naar School!? Mail Martin van den Bogaerdt van VOS/ABB: mvandenbogaerdt@vosabb.nl

Adverteerders kunnen contact opnemen met bureau Recent.

Actieplan: Alle kinderen hebben recht op kansen!

De ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Jeugd en van Justitie en Veiligheid hebben het actieprogramma Zorg voor de jeugd gepresenteerd. Daarin staat onder andere dat alle kinderen recht hebben op kansen om zich te ontwikkelen.

Daarvoor is het van belang dat er flexibele onderwijs-zorgarragementen komen. In het actieprogramma staat dat samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs daarin een belangrijke taak hebben. Zij moeten zich met jeugdhulpregio’s inspannen om te komen tot ‘een meerjarig plan waarin ze aangeven hoe ze de inzet van onderwijsmiddelen en zorgmiddelen beter op elkaar afstemmen’.

Het doel is ‘dat in 2020 geen enkel kind langer dan 3 maanden thuis zit zonder een passend aanbod uit het onderwijs, de zorg, of beide’, zo staat in het actieprogramma.

Ga naar het actieprogramma Zorg voor de jeugd

 

 

Voortgezet onderwijs kan minder lesuren inplannen

‘Scholen hebben veel ruimte om de onderwijstijd naar eigen inzicht in te vullen, ook met minder lesuren. Het is nu aan betrokkenen in het onderwijs om deze mogelijkheden aan te grijpen’, benadrukt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

‘Ik realiseer me dat veel leraren én leerlingen in het voortgezet onderwijs werkdruk ervaren en dat veel leraren meer ontwikkeltijd wensen’, schrijf Slob. ‘Een eerste stap om meer ruimte te creëren voor maatwerk en voor ontwikkeltijd was de recente modernisering van de wettelijke normen voor onderwijstijd in het voortgezet onderwijs’, zo voegt hij eraan toe.

Hij doelt op de verruiming van de urennormen per 1 augustus 2015. Sindsdien kunnen meer onderwijsactiviteiten volledig meetellen als onderwijstijd dan alleen reguliere lesuren. ‘Ook bijvoorbeeld projecten, (onderzoeks-)opdrachten, (al dan niet facultatieve) keuzewerktijd, ICT-ondersteund onderwijs, maatschappelijke of beroepsgerichte stages of een maatschappelijke diensttijd kunnen worden ingepland als onderwijstijd’, aldus de minister.

‘Er is dus geen wettelijk minimumaantal lessen dat in totaal aangeboden zou moeten worden. Evenmin zijn er wettelijke voorschriften over het aantal uren dat per vak per week of in totaal op het rooster aangeboden moet worden, noch over hoe lang een lesuur moet duren’, zo legt hij uit.

Het is nu volgens hem aan alle betrokkenen in de scholen voor voortgezet onderwijs om de onderwijstijd naar eigen inzicht in te vullen.

Lees meer… 

Geldropse raad van toezicht hield zich niet aan WMS

De raad van toezicht van de Stichting Nutsscholen Geldrop heeft zich met de benoeming van een interim-bestuurder niet aan de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) gehouden, meldt onderwijsminister Arie Slob.

Hij reageert op vragen van D66-Tweede Kamerlid Paul van Meenen over de rel bij de drie nutsscholen De Regenboog, Beneden Beekloop en De Ganzebloem in Geldrop, waar de leraren zich vorige maand massaal ziek meldden en aldus het werk neerlegden. Zij eisten het vertrek van de raad van toezicht en interim-bestuurder Mieke van den Broek.

Slob legt in zijn antwoorden uit dat ‘de conflictueuze situatie’ met name speelde ‘tussen enerzijds het college van bestuur en de raad van toezicht en anderzijds de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR) en de teams’.

Daar voegt hij aan toe dat de raad van toezicht bij de benoeming van interim-bestuurder Van den Broek niet had gehouden aan de WMS. ‘De raad van toezicht had de GMR tijdig om advies moeten vragen (WMS artikel 11 en artikel 17). Echter op 15 maart heeft de raad van toezicht de GMR geïnformeerd over de benoeming van een interim-bestuurder die op 16 maart zou starten. Zo kon de GMR de benoeming niet meer beïnvloeden. Dat was de aanleiding voor de escalatie op 19 maart.’

Nadat de interimmer was teruggetreden en de raad van toezicht afgetreden hervatten de leraren hun werk.

Lees meer…

Ouders ontevreden over loting in Amsterdam

In het Amsterdamse voortgezet onderwijs is het jaarlijkse lotingcircus weer begonnen. De lokale nieuwszender AT5 meldt dat sommige ouders het er niet bij laten zitten als blijkt dat hun kind niet is geplaatst op de school van hun voorkeur.

Voorafgaand aan de loting moesten Amsterdamse leerlingen en hun ouders een persoonlijke voorkeurslijst indienen. Ruim 99 procent van leerlingen kan naar een school uit hun top-5, maar er zijn volgens AT5 achtste-groepers die veel lager uitkwamen.

De lokale Amsterdamse zender belicht Louis en Sophie, die graag naar een categoraal gymnasium wilden, maar daar niet voor zijn ingeloot. ‘We staan hier voor het Barlaeus, de school waar ik eigenlijk naartoe wou’, zo citeert AT5 Louis.

Sophie vertelt dat zij tegen haar zin is ingeloot voor het Fons Vitae, een school met een niet-categoraal gymnasium. De vader van Sophie laat het er niet bij zitten: ‘Mijn dochter gaat nu naar een school waar ze helemaal niet naartoe wil.’

Lees meer…

Toeloop kennismigranten vraagt om aanpassing onderwijs

Scholen met veel kinderen van hoogopgeleide kennismigranten hebben een probleem: voor deze leerlingen is geen gewichtengeld beschikbaar, terwijl ook zij niet gewoon kunnen instappen in het reguliere onderwijs. Directeur-bestuurder Frans Cornet van Stichting Amstelwijs voor openbaar primair onderwijs in Amstelveen trekt aan de bel. ‘Deze groep leerlingen is niet in beeld bij de politiek.’

‘Ons onderwijssysteem is niet ingericht op deze situatie’, zegt Cornet in het VOS/ABB-magazine Naar School!. ‘We hebben hier te maken met nieuwe doelgroepen, die niet in de wetgeving passen. Met name de groep kennismigranten lijkt nog helemaal niet in beeld te zijn bij de politiek. Vooralsnog redden wij ons met creatieve oplossingen, maar de instroom stijgt momenteel wel erg hard. We hebben echt steun nodig.’

Kinderen kennismigranten vallen overal buiten

Omdat kennismigranten vaak hoger opgeleid zijn, vallen hun kinderen niet in de gewichtenregeling. ‘Ze passen evenmin in onze nieuwkomersklassen, die gericht zijn op vluchtelingenkinderen, voor wie Lowan-gelden beschikbaar zijn. In die nieuwkomersklassen leren de kinderen vooral Nederlands en verder is er veel aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling, omdat vluchtelingenkinderen vaak traumatische ervaringen hebben. Daar passen de kinderen van kennismigranten niet tussen. Dit is een groep die buiten alle regelingen valt’, benadrukt Cornet.

Helft van de lessen in het Engels

Hij dringt niet alleen aan op financiële steun van de overheid, maar vooral ook op aanpassing van de wetgeving. ‘Ik pleit voor toestemming van de Inspectie om (…) de helft van de lessen in het Engels te mogen geven. Het zou ook mooi zijn als de eindtoets basisonderwijs in het Engels beschikbaar komt. Dan kunnen we deze kinderen het onderwijs bieden dat ze nodig hebben’, aldus Cornet in magazine Naar School!.

Lees het artikel Toeloop kennismigranten vraagt om aanpassing onderwijs.

De lokale Amsterdamse krant Het Parool heeft het nieuws uit ons magazine opgepikt. Lees meer…

Lumpsum op de schop? Niet doen!

De lumpsumfinanciering is onderwerp van soms felle discussie. Het lijkt weleens alsof deze bekostigingssystematiek de oorzaak is van alle problemen die in het onderwijs worden ervaren. Maar schoolbestuurders en controllers zijn er juist positief over.

In het nieuwe nummer van het VOS/ABB-magazine Naar School! dat op 17 april verschijnt, vertellen bestuurders en controllers waarom het onterecht is dat vakbonden en diverse politieke partijen een negatief beeld schetsen over de lumpsumfinanciering.

U kunt het artikel Lumpsum op de schop? niet doen! als preview downloaden.

Op 30 mei staking in Gelderland en Overijssel

De stakers in het primair onderwijs in de provincies Noord-Brabant en Limburg hebben vrijdag het estafettestokje doorgegeven aan hun collega’s in Gelderland en Overijssel. Daar is op 30 mei de volgende regionale staking voor meer salaris en minder werkdruk.

Duizenden leraren in Noord-Brabant en Limburg staakten vrijdag om hun eis voor meer salaris en minder werkdruk kracht bij te zetten. Er waren stakingsbijeenkomsten in Eindhoven en Sittard.

Het was de derde regionale stakingsdag in het primair onderwijs. Eerder legden leraren in Friesland, Groningen en Drenthe het werk neer, gevolgd door de provincies Noord-Holland, Utrecht en Flevoland. De volgende regionale staking is op woensdag 30 mei in Gelderland en Overijssel. Vorig jaar waren er drie landelijke stakingen: op 27 juni, 5 oktober en 12 december.

De stakingen zijn bedoeld om van het kabinet het dubbele te krijgen van de eerder toegezegde 700 miljoen euro extra voor het primair onderwijs. Het kabinet heeft herhaaldelijk gezegd dat het bij 700 miljoen euro extra blijft.

Governance passend onderwijs: een hele klus!

Samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs moeten onafhankelijk intern toezicht krijgen, eist de Tweede Kamer. De praktijk laat zien dat het een hele klus is!

‘De inkt van de oprichtingsaktes is nog maar net droog of we moeten het alweer anders inrichten, en dat kost veel tijd en energie’, zegt directeur Luuk van Aalst van samenwerkingsverband IJssel | Berkel in Zutphen en omgeving.

Toch vindt hij het noodzakelijk om er werk van te maken. ‘Het gaat immers om de verantwoording van publieke middelen. We moeten daarom aan de slag om een daadwerkelijke scheiding van bestuur en toezicht te regelen’, aldus Van Aalst in het aprilnummer van het VOS/ABB-magazine Naar School! dat binnenkort verschijnt.

U kunt het artikel Governance passend onderwijs: een hele klus uit het aprilnummer van Naar School! als preview downloaden.

Bijeenkomst passend onderwijs en governance

Luuk van Aalst is tevens adviseur bij bureau Van Beekveld en Terpstra. Hij geeft op dinsdag 17 april op een bijeenkomst bij VOS/ABB in Woerden een toelichting op het governancemodel van samenwerkingsverband IJssel | Berkel.

De bijeenkomst wordt geleid door oud-VOS/ABB’er Hans van Willegen die tegenwoordig verbonden is aan Van Beekveld en Terpstra. Namens VOS/ABB zullen Rozemarijn Boer en Eline Vrenken aanwezig zijn.

Wanneer en waar?

De bijeenkomst op dinsdag 17 april is van 09.45 tot 12.30 uur in ons kantoor in Woerden. Na afloop is er een eenvoudige lunch.

Als uw schoolbestuur of samenwerkingsverband bij VOS/ABB is aangesloten, is deelname gratis. Niet-leden betalen 100 euro per persoon (btw-vrij).

Aanmelden

U kunt zich aanmelden door een mailtje te sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst passend onderwijs’. Vermeld in uw mail uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en het telefoonnummer waarop wij u kunnen bereiken. Wij willen ook graag van u weten of u gebruik wilt maken van de lunch.

VO-raad over De Staat van het Onderwijs: ‘Eenzijdig’

De VO-raad vindt de conclusie van de Inspectie van het Onderwijs dat de kwaliteit van het onderwijs afglijdt ‘eenzijdig en daarmee onterecht’.

De signalering van de inspectie dat de kwaliteit van het onderwijs afglijdt staat in het rapport De Staat van het Onderwijs 2016-2017. Voorzitter Paul Rosenmöller van de VO-raad zegt dat dit ‘ook met dit rapport in de hand’ niet is vol te houden.

‘Al helemaal niet in een tijd dat er geen euro extra geïnvesteerd wordt in leraren in het vo, er nog steeds verkeerde prikkels in het systeem zitten en de maatschappelijke opdracht van scholen alleen maar complexer wordt’, aldus Rosenmöller.

Het beeld dat de inspectie oproept over het voortgezet onderwijs doet volgens hem ‘geen recht aan de mensen in de scholen’ die, zo benadrukt hij, ‘onder moeilijke omstandigheden en met een bescheiden bekostiging’ goede resultaten boeken.

Lees meer…

PO-Raad: Te veel eisen en te weinig waardering

‘Het jarenlang overvragen en onderwaarderen van het primair onderwijs, de lage bekostiging en een beginnend lerarentekort hebben hun tol geëist.’ Daarmee reageert de PO-Raad op de bevinding van de Inspectie van het Onderwijs dat de kwaliteit van het onderwijs afglijdt.

De signalering van de inspectie dat de kwaliteit van het onderwijs afglijdt staat in het rapport De Staat van het Onderwijs 2016-2017. Voor de sectororganisatie is de negatieve ontwikkeling geen groot nieuws, zo blijkt uit de woorden van voorzitter Rina den Besten: ‘Zorgelijk, maar niet heel verrassend.’

Zij ziet het ‘tekort aan bekostiging’ en het ‘groeiend lerarentekort door te lage salarissen’ als oorzaken van de tanende onderwijskwaliteit. Er worden volgens haar ook te veel eisen gesteld: ‘Scholen worstelen met een overladen lesprogramma en hun bordje wordt alsmaar verder vol geschept.’

Den Besten vindt echter ook dat het onderwijs naar zichzelf moet kijken om te zien wat er beter kan. ‘Scherper focus aanbrengen, goed zicht hebben op de eigen kwaliteit, en daarover verantwoording willen afleggen’, aldus de voorzitter van de PO-Raad.

Lees meer…

Ministers over beter onderwijs: schouders eronder!

Verbetering van het onderwijs ligt in handen van ‘ambitieuze leraren, schoolleiders en besturen’, benadrukken de onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob in reactie op het inspectierapport De Staat van het Onderwijs 2016-2017

In het rapport van de Inspectie van Onderwijs staat dat de prestaties van leerlingen onder druk staan en dat de kwaliteit van het onderwijs afglijdt. Daarnaast signaleert de inspectie dat ongelijke kansen dreigen en dat grote schoolverschillen worden versterkt door toenemende sociaal-economische segregatie.

Verandering van binnenuit

Voor Van Engelshoven en Slob zijn de conclusies van de inspectie geen reden om diepgaand in te grijpen in de autonomie van scholen. ‘De verandering zal van binnenuit moeten komen, van ambitieuze leraren, schoolleiders en besturen. Zij staan daarin niet alleen. De inspectie en het ministerie werken met hen samen aan constante verbetering van de kwaliteit van het onderwijs’, zo schrijven ze in hun reactie.

De minister voegen daaraan toe dat het onderwijs niet kan worden verbeterd door de scholen ‘opnieuw te overladen met actieplannen en maatregelen, maar door een combinatie van ruimte, vertrouwen en heldere, gerichte doelen’. Ze gaan de komende tijd verder in gesprek met onder andere de PO-Raad en VO-raad ‘om tot een gerichte samenwerking te komen om de kwaliteit van het onderwijs verder te versterken’.

Samen de schouders eronder

Van Engelshoven en Slob verwachten ‘van iederéén in het onderwijs de intrinsieke motivatie om ambitieus onderwijs te bieden’. Ze beloven dat ook zij de schouders eronder zetten ‘door bestaande initiatieven voort te zetten en nieuwe op te pakken’.

Lees meer…

Staat van het Onderwijs: prestaties onder druk

De Inspectie van het Onderwijs signaleert in het rapport De Staat van het Onderwijs 2016-2017 dat de prestaties van leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs over een breed spectrum gelijk blijven of afnemen. Ook op andere punten signaleert de inspectie punten van zorg.

De gelijkblijvende of afnemende prestaties doen zich volgens de inspectie voor bij taal, rekenen, wiskunde, cultuureducatie, natuur en techniek, bewegingsonderwijs en burgerschap. Leerlingen in andere landen doen het gemiddeld beter. Daardoor is ons land zijn internationale toppositie kwijtgeraakt.

Het niveau van de diploma’s laat volgens de inspectie alleen in het vmbo en mbo nog een stijgende lijn zien. In het vmbo neemt het aantal diploma’s in de gemengde of theoretische leerweg toe. In andere sectoren ziet de inspectie geen stijging meer. ‘Het niveau van het hoogst behaalde diploma aan het einde van de schoolloopbaan daalt zelfs iets’, zo staat in het rapport.

Een positief punt is de lage jeugdwerkloosheid in Nederland. Met een afgeronde opleiding in het mbo, het hbo of aan de universiteit hebben jongeren relatief snel een baan. Dat geldt onder andere voor jongeren die in het onderwijs willen gaan werken.

Onderwijskansen en segregatie

De voorwaarden voor gelijke kansen lijken iets te verbeteren, meldt de inspectie. ‘Er zijn meer dubbele adviezen en leerlingen klimmen vaker op binnen het voortgezet onderwijs’, zo staat in het rapport. Toch blijft kansenongelijkheid bestaan, want te zien is aan het feit dat vooral leerlingen in het praktijkonderwijs en beroepsgerichte opleidingen laagopgeleide ouders hebben en vwo’ers vooral hoogopgeleide ouders.

Wat de segregatie betreft, signaleert de inspectie dat die vooral groot is in het basisonderwijs. Het gaat hierbij met name om segregatie naar opleidings- en inkomensniveau van de ouders en minder om etnische segregatie. In het rapport staat verder dat scholen met een bijzonder onderwijsconcept en scholen op religieuze basis bijdragen aan segregatie.

Kwaliteitszorg, autonomie en sturing

De inspectie verbindt de gelijkblijvende en deels afnemende prestaties van leerlingen met de maatschappelijke opdracht aan het onderwijs die steeds meer onder druk staat. ‘Ondanks het grote aantal goede scholen (…) lukt het niet de kwaliteit van het onderwijs voor alle leerlingen (…) te verbeteren’, zo staat in het rapport. Er wordt hierbij een verband gelegd met de autonomie van de scholen, die niet altijd zou worden benut.

Ook noemt de inspectie de hoge werkdruk die in het onderwijs wordt ervaren, het gebrek aan gekwalificeerd personeel op sommige scholen, de discussies over onvoldoende verantwoording en toegenomen tegenstellingen. Andere aspecten die mogelijk negatieve invloed hebben, zijn onvoldoende aandacht voor kwaliteitszorg en verschillende opvattingen over wat goede onderwijskwaliteit inhoudt.

De inspectie ziet ook dat doelen en werkwijzen van gemeentelijke, regionale en landelijke samenwerkingsverbanden of netwerken aanzienlijk van elkaar kunnen verschillen. Veel van deze verbanden en netwerken hebben volgens de inspectie maar weinig doorzettingsmacht. Bovendien ontbreekt het meestal aan tegenkracht en aan consensus over verwachte resultaten.

Download De Staat van het Onderwijs 2016-2017

Interviewtjes met deelnemers

Aan het begin van het congres in de DeFabrique in Utrecht waar het rapport werd gepresenteerd, hield de inspectie korte interviewtjes met deelnemers. Onder anderen directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB werd gevraagd wat hem naar het congres bracht.

‘De Staat van het Onderwijs maakt duidelijk waar we staan. De bevindingen van de Inspectie van het Onderwijs zijn niet altijd positief. Dat is best lastig voor de mensen in het veld, want zij werken enorm hard. Het spanningsveld tussen de wetgeving van de overheid ten aanzien van onderwijs en de autonomie van scholen bijvoorbeeld, vind ik een interessant thema’, aldus Teegelbeckers.

Hij voegde daaraan toe dat het niet alleen belangrijk is om pijnpunten te constateren, maar vooral ook om daar wat mee te doen. ‘Ik ben heel benieuwd naar trends die de inspectie vandaag nader toelicht en hoop dat de verdieping die alle bezoekers hier krijgen, helpen om het onderwijs in Nederland voortdurend te verbeteren.’

Lees meer…