Onderwijs (hoog)begaafde leerlingen moet gratis

Het onderwijs voor (hoog)begaafde leerlingen moet – net als voor alle andere leerlingen – vrij toegankelijk en kosteloos zijn, maar scholen mogen er wel een vrijwillige ouderbijdrage voor vragen. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in antwoord op Kamervragen.

De Kamerleden Lisa Westerveld van GroenLinks en Peter Kwint van de SP wilden van de minister weten hoe hij denkt over scholen die ouders voor onderwijs aan (hoog)begaafde leerlingen ‘soms duizend euro’s’ laten betalen.

Slob reageert hierop door te benadrukken dat de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs verantwoordelijk zijn voor een dekkend onderwijsaanbod in hun regio. ‘Het onderwijs voor (hoog)begaafde leerlingen moet – net als voor alle andere leerlingen – vrij toegankelijk en kosteloos zijn’, aldus de minister.

Hij voegt daaraan toe: ‘Indien voorzieningen nodig zijn om in de ondersteuningsbehoefte van een leerling te voorzien, dan dient de eigen school of het samenwerkingsverband dit te regelen. De toelating hiertoe mag niet
afhankelijk worden gesteld van een financiële bijdrage van de ouders.’

Maar dit betekent volgens hem niet dat een ouderbijdrage voor (hoog)begaafdenonderwijs verboden is. ‘Het is wettelijk toegestaan dat scholen een ouderbijdrage vragen en dat deze wordt gebruikt voor extra personeel en lesmateriaal. Het betreft echter altijd een vrijwillige ouderbijdrage.’

Slob meldt verder dat de oudergeleding in de medezeggenschapsraad instemmingsrecht heeft op de hoogte en de bestemming van de vrijwillige ouderbijdrage.

Focus op Geschillencommissie Passend Onderwijs

Het verdient aanbeveling naar exclusiviteit van de Geschillencommissie Passend Onderwijs (GPO) te streven, door de weg naar het College voor de Rechten van de Mens en de klachtencommissies af te snijden. Dit advies staat in het rapport De zorgplicht in passend onderwijs en de juridische handhaving daarvan.

Met exclusiviteit van de GPO wordt volgens de opstellers van het rapport een maximaal rendement bereikt van de oordelen van deze geschillencommissie. Zo zal op termijn ook duidelijk worden waar ouders terecht kunnen als zij op het gebied van passend onderwijs problemen hebben met het bevoegd gezag.

In het rapport staat ook het advies om de status van de GPO te wijzigen van tijdelijk naar permanent.

Lees meer…

Oplossing voor thuiszitters ligt binnen handbereik

Er moeten speciale groepjes deskundigen komen die vastgelopen en ingewikkelde situaties rond thuiszitters kunnen vlottrekken. Dat vindt directeur Hetty Vlug van de Coöperatie Passend Onderwijs Almere.

Zij reageert in een blog op de recente golf van kritiek in de media en de politiek op het passend onderwijs. Er zijn problemen, zo erkent ze, maar het is volgens haar ‘volkomen onterecht, zo niet onverantwoord, om dat louter en alleen aan de invoering van het passend onderwijs te wijten’.

Elk kind dat zonder onderwijs thuiszit ‘is het resultaat van een zeer complex samenspel van factoren, waarin thuissituatie, jeugdhulp, leerplicht, onderwijs en ondersteuning in een totale misfit belanden’, zo schrijft Vlug. Onderwijs is daarin volgens haar ‘een belangrijke, maar lang niet altijd doorslaggevende factor’.

De directeur van de Coöperatie Passend Onderwijs Almere ziet een oplossing van het probleem van thuiszitters: zij pleit voor groepjes deskundigen die in extreem moeilijke gevallen komen kijken welke zorgarrangementen er nodig zijn en hoe de financiering daarvoor geregeld moet worden.

‘Die figuur is in de publieke sector vaker beproefd om vastgelopen en ingewikkelde situaties die worden overwoekerd door professionele en institutionele onmogelijkheden te doorbreken. Waarom zou zoiets voor deze groep thuiszitters niet mogelijk zijn?’

Lees meer…

Ouders en leraren klagen over passend onderwijs

Na een oproep van de NOS om ervaringen met passend onderwijs te delen, kwamen er bij de omroep honderden reacties binnen.

Het waren bijna allemaal reacties van ontevreden ouders en leraren. Ze kwamen met ideeën om passend onderwijs te verbeteren: minder rigide regels, kleinere klassen, meer professionele ondersteuning, minder managers en bestuurders en duidelijke richtlijnen voor ouders.

De lerarenvakbond PO in Actie laat aan de NOS weten dat passend onderwijs al vanaf de invoering ervan in 2014 een mislukking is. Volgens voorman Jan van de Ven van PO in Actie is passend onderwijs er de oorzaak van dat leraren na jaren ‘ploeteren’ met kinderen met allerlei verschillende problemen en de bijkomende bureaucratische rompslomp het onderwijs verlaten. Hij vindt dat het hele systeem op de schop moet.

De oproep van de NOS volgde op zorgen die Tweede Kamerleden over passend onderwijs eerder bij de omroep hadden geuit.

Lees meer…

‘Passend onderwijs beter als leraren master hebben’

Geef zoveel mogelijk leerkrachten op de basisschool een masteropleiding. Op die manier kunnen ze van passend onderwijs een succes te maken. Dat stelt adjunct-directeur Yvonne Richards van het Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg (OSO) van Fontys Hogescholen.

Richards reageert in BRON, het nieuwsmedium van Fontys Hogescholen, op de recente kritiek op passend onderwijs vanuit de Tweede Kamer. ‘Wij zijn boos dat er nu wordt gezegd: ‘het passend onderwijs is mislukt’. Dat kun je niet zeggen. Op veel plekken werken leraren keihard om er een succes van te maken, en lukt dat ook.’

Ze pleit ervoor om leraren een masteropleiding te laten volgen. Dat kan volgens haar helpen om van passend onderwijs een succes te maken. Het geld is volgens haar het probleem niet, omdat de landelijke lerarenbeurs daarvoor kan worden benut.

Lees meer…

‘Complexe leerlingen verdienen meer ondersteuning’

De Onderwijsraad pleit in een advies over passend onderwijs voor verhoogde inzet op de ontwikkeling van nieuw structureel ondersteuningsaanbod voor leerlingen met complexere ondersteuningsbehoeften.

De raad doelt bijvoorbeeld op leerlingen met een autismespectrumstoornis die op cognitief niveau havo of vwo aankunnen. Een andere groep bestaat uit leerlingen met ernstige psychiatrische of gedragsproblemen in combinatie met een verstandelijke beperking. Het aanbod voor deze leerlingen is volgens de Onderwijsraad ‘nog steeds onvoldoende’.

Het advies aan de onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob luidt om bij de ontwikkeling van nieuw structureel ondersteuningsaabod voor complexe leerlingen gebruik te maken van expertise vanuit de scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs.

De raad voegt daaraan toe ervan uit te gaan dat de onderwijsministers de toezegging van voormalig staatssecretaris Sander Dekker van OCW nakomen om met de betreffende onderwijsorganisaties om de tafel te gaan zitten en te bevorderen dat in álle samenwerkingsverbanden aanvullend aanbod tot stand komt.

Lees meer…

‘Elk samenwerkingsverband één coördinator jeugdzorg’

Het grote probleem van passend onderwijs is dat er te veel organisaties bezig zijn met één kind. Daarom moet elk samenwerkingsverband één coördinator jeugdzorg krijgen. Dat benadrukt oud-VOS/ABB’er Henk Keesenberg, die nu manager is bij het Overijsselse samenwerkingsverband 25-05, tegenover de NOS.

Hij pleit ervoor om terug te gaan naar één coördinator jeugdzorg en een goede onafhankelijke toezichthouder. Zijn wens is dat leerkrachten naar één kantoor kunnen bellen als ze extra hulp nodig hebben voor een kind en dat er dan in de praktijk gekeken wordt wat er voor het kind echt nodig is.

‘Van elf kapiteinen op een schip, terug naar één kapitein, dat lijkt me een stuk eenvoudiger’, aldus Keesenberg. Daarmee doelt hij op ‘één budget, één bestuur en één raad van toezicht’. Het liefst wil hij ook dat elk samenwerkingsverband samenvalt met de regionale indeling van de jeugdzorg.

Lees meer…

 

Kind met gedragsproblemen beter af in speciaal onderwijs

Leerlingen met gedragsproblemen doen het in het speciaal onderwijs gemiddeld genomen beter dan in het reguliere onderwijs met extra ondersteuning. Dat concludeert de Utrechtse onderzoeker Inge Zweers in haar proefschrift “Shape sorting” students for special education services?.

Zweers noemt deze bevinding verrassend en van belang, omdat die ingaat tegen de trend dat onderwijs steeds meer ‘inclusief’ zou moeten worden. ‘Eenvoudigweg alle leerlingen met gedragsproblemen in het regulier onderwijs handhaven lijkt niet nastrevenswaardig, omdat plaatsing in het speciaal onderwijs het sociaal-emotioneel en didactisch functioneren van leerlingen met gedragsproblemen duidelijk kan bevorderen’, zo staat in het proefschrift van Zweers.

Ze pleit er in haar dissertatie voor om reguliere scholen beter in staat te stellen ‘om met de extra onderwijsbehoeften van leerlingen met gedragsproblemen om te kunnen gaan’.

Ga naar het proefschrift

Overal doorzettingsmacht nodig voor minder thuiszitters

Alle samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs moeten doorzettingsmacht hebben. Zo kan het aantal leerlingen dat zonder onderwijs thuiszit omlaag worden gebracht, benadrukt onderwijsminister Arie Slob.

Op de vraag uit de Tweede Kamer hoe het komt dat er nog steeds veel kinderen thuiszitten zonder onderwijs, terwijl elk samenwerkingsverband een dekkend onderwijsaanbod zou moeten hebben en scholen zorgplicht hebben, antwoordt Slob dat kinderen soms thuiszitten doordat er nog geen overeenstemming is over een aanbod.

‘In sommige gevallen heeft een samenwerkingsverband langer tijd nodig om tot een passend aanbod te komen’, aldus de minister. Daarvoor bestaan volgens hem verschillende oorzaken, omdat de situatie van iedere thuiszitter uniek is en een eigen oplossing behoeft.

‘Vaak is deze oplossing niet alleen in het onderwijs gelegen, maar ook in de zorg. Mede vanwege de veelvoud aan partijen die betrokken zijn bij de thuiszitter, kan het veel tijd kosten om te komen tot een gedragen inschatting van de behoefte van de leerling en een besluit over (de financiering van) het aanbod’, zo licht Slob toe.

In dit kader benadrukt hij dat doorzettingsmacht van het samenwerkingsverband kan helpen, maar dat dit nog niet in alle regio’s is geregeld. ‘Daarom heeft dit kabinet zich de ambitie gesteld dat in alle samenwerkingsverbanden doorzettingsmacht geregeld wordt’, aldus Slob.

Lees meer…

Actieplan: Alle kinderen hebben recht op kansen!

De ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Jeugd en van Justitie en Veiligheid hebben het actieprogramma Zorg voor de jeugd gepresenteerd. Daarin staat onder andere dat alle kinderen recht hebben op kansen om zich te ontwikkelen.

Daarvoor is het van belang dat er flexibele onderwijs-zorgarragementen komen. In het actieprogramma staat dat samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs daarin een belangrijke taak hebben. Zij moeten zich met jeugdhulpregio’s inspannen om te komen tot ‘een meerjarig plan waarin ze aangeven hoe ze de inzet van onderwijsmiddelen en zorgmiddelen beter op elkaar afstemmen’.

Het doel is ‘dat in 2020 geen enkel kind langer dan 3 maanden thuis zit zonder een passend aanbod uit het onderwijs, de zorg, of beide’, zo staat in het actieprogramma.

Ga naar het actieprogramma Zorg voor de jeugd

 

 

Governance passend onderwijs: een hele klus!

Samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs moeten onafhankelijk intern toezicht krijgen, eist de Tweede Kamer. De praktijk laat zien dat het een hele klus is!

‘De inkt van de oprichtingsaktes is nog maar net droog of we moeten het alweer anders inrichten, en dat kost veel tijd en energie’, zegt directeur Luuk van Aalst van samenwerkingsverband IJssel | Berkel in Zutphen en omgeving.

Toch vindt hij het noodzakelijk om er werk van te maken. ‘Het gaat immers om de verantwoording van publieke middelen. We moeten daarom aan de slag om een daadwerkelijke scheiding van bestuur en toezicht te regelen’, aldus Van Aalst in het aprilnummer van het VOS/ABB-magazine Naar School! dat binnenkort verschijnt.

U kunt het artikel Governance passend onderwijs: een hele klus uit het aprilnummer van Naar School! als preview downloaden.

Bijeenkomst passend onderwijs en governance

Luuk van Aalst is tevens adviseur bij bureau Van Beekveld en Terpstra. Hij geeft op dinsdag 17 april op een bijeenkomst bij VOS/ABB in Woerden een toelichting op het governancemodel van samenwerkingsverband IJssel | Berkel.

De bijeenkomst wordt geleid door oud-VOS/ABB’er Hans van Willegen die tegenwoordig verbonden is aan Van Beekveld en Terpstra. Namens VOS/ABB zullen Rozemarijn Boer en Eline Vrenken aanwezig zijn.

Wanneer en waar?

De bijeenkomst op dinsdag 17 april is van 09.45 tot 12.30 uur in ons kantoor in Woerden. Na afloop is er een eenvoudige lunch.

Als uw schoolbestuur of samenwerkingsverband bij VOS/ABB is aangesloten, is deelname gratis. Niet-leden betalen 100 euro per persoon (btw-vrij).

Aanmelden

U kunt zich aanmelden door een mailtje te sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst passend onderwijs’. Vermeld in uw mail uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en het telefoonnummer waarop wij u kunnen bereiken. Wij willen ook graag van u weten of u gebruik wilt maken van de lunch.

Aantal geschillen passend onderwijs stabiel

De Geschillencommissie passend onderwijs heeft  vorig jaar 78 zaken in behandeling gehad. Dat is net zoveel als in het schooljaar 2015-2016.

In het jaarverslag 2017 van de commissie staat dat de meeste zaken (circa 80 procent) over de verwijdering van een leerling gingen. Een kleiner aantal ging over toelating/inschrijving. In 56 gevallen deed de commissie uitspraak. Dat is minder dan in 2015-2016, toen 62 uitspraken werden gedaan.

De Geschillencommissie passend onderwijs bestaat sinds 1 augustus 2014. De commissie behandelt geschillen over het ontwikkelingsperspectief, toelating tot het onderwijs van een leerling met een extra ondersteuningsbehoefte en geschillen over definitieve verwijdering.

Ga naar het jaarverslag 2017

 

Voortgangsrapportage passend onderwijs komt in juni

Onderwijsminister Arie Slob komt niet eerder dan in juni met de volgende voortgangsrapportage passend onderwijs. Dat meldt hij per brief aan de Tweede Kamer.

In de voortgangsrapportage zal hij ingaan op ‘onderwerpen en trajecten waarover op dit moment overleg plaatsvindt met het veld, besluitvorming plaatsvindt of onderzoek wordt uitgevoerd’. Deze trajecten zullen volgens hem niet eerder dan eind mei tot resultaat leiden. ‘Ik kan uw Kamer dan ook pas begin juni inhoudelijk op de hoogte stellen van de uitkomsten hiervan’, zo meldt de minister.

Het gaat onder andere over de uitkomst van de financiering van zorg in onderwijstijd, de mogelijkheden voor maatwerk, het intern toezicht bij samenwerkingsverbanden en de eerste resultaten van het onderzoek naar regionale verschillen in basisondersteuning.

Lees meer…

Met Variawet meer maatwerk in onderwijstijd

Vanaf komend schooljaar 2018-2019 is op grond van de Variawet meer maatwerk in onderwijstijd mogelijk.

Het uitgangspunt van deze wet is om leerlingen die (tijdelijk) geen voltijdsonderwijs kunnen volgen vanwege een lichamelijke en/of psychische beperking toe te laten groeien naar het volgen van de volledige onderwijstijd.

Voor leerlingen die helemaal niet naar school kunnen, blijft de mogelijkheid bestaan om op basis van een verklaring van een arts volledig vrijgesteld te worden. De scholen blijven echter zelf verantwoordelijk voor het onderwijs en het ontwikkelprogramma en bieden dit aan in overleg met de ouders/verzorgers.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Subsidie voor beter onderwijs aan hoogbegaafden

Onderwijsminister Arie Slob komt met een subsidieregeling voor samenwerkingsverbanden om het onderwijs aan hoogbegaafde leerlingen te verbeteren. Dat meldt hij in een brief aan de Tweede Kamer.

Het kabinet had in het regeerakkoord al aangekondigd dat er dit jaar 15 miljoen euro en daarna 30 miljoen euro per jaar beschikbaar zou komen voor onderwijs aan hoogbegaafden.

Passend onderwijs ook voor hoogbegaafden

Slob benadrukt dat passend onderwijs gaat over alle leerlingen met een ondersteunings- of ontwikkelvraag. ‘Dat zijn niet alleen leerlingen met een beperking of een leerprobleem, maar ook leerlingen met een ondersteuningsvraag die voortkomt uit hun (hoog)begaafdheid’, zo staat in zijn brief.

De subsidieregeling waarmee de minister komt, is bedoeld voor de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs, omdat die ook dit vlak verantwoordelijk zijn voor een dekkend onderwijsaanbod in hun regio.

De subsidie kan volgens de minister bijvoorbeeld worden gebruikt voor het aanstellen van experts op het gebied van hoogbegaafdheid of het organiseren van een tussenjaar voor slimme leerlingen voor wie de basisschool niet meer voldoende uitdaging biedt maar die nog niet toe zijn aan het voortgezet onderwijs.

Hoe de subsidieregeling er precies uit komt te zien, is nog niet bekend. Wat al wel duidelijk is: het wordt een regeling op basis van 50 procent cofinanciering.

Onderwijs aan hoogbegaafden: obs Anne Frank

Op de dag waarop de brief van Slob naar de Tweede Kamer is verstuurd, heeft de minister een bezoek gebracht aan openbare basisschool Anne Frank in Leiden om zich daar op de hoogte te stellen van wat deze school doet voor hoogbegaafde leerlingen.

Obs Anne Frank is in 2010 begonnen met het geven van onderwijs aan hoogbegaafde kinderen onder de noemer ‘Nova onderwijs’. Deze speciale vorm van onderwijs is gericht op kinderen met een IQ van 130 of meer en die creatief zijn in het bedenken van oplossingen en gemotiveerd zijn om te gaan ontdekken en leren.

Lees meer…

Minder doorstroom naar mbo

De doorstroom vanuit het vmbo, voortgezet speciaal onderwijs (vso) en praktijkonderwijs naar het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) is afgenomen. Dat staat in een evaluatierapport over passend onderwijs.

De doorstroom vanuit vmbo-k en vmbo-t is stabiel, met respectievelijk 96,6 procent en 94,6 procent. Vanuit het vmbo-b was in de periode van 2010-2011 tot en met 2015-2016 echter sprake van een lichte daling (-1,3 procent) tot 90,9 procent. In het vmbo-b lwt ass (leerwerktrajecten autismespectrumstoornis) nam de doorstroom naar het mbo ook licht af tot 87,6 procent (-3,4 procent).

Er was in bovengenoemde periode eveneens een daling te zien in de doorstroom vanuit het vso en het praktijkonderwijs naar het mbo. Die doorstroom nam af tot respectievelijk 40,6 procent (-3 procent) en 49,4 procent (-3,3 procent).

In het evaluatierapport staat ook dat de doorstroom van havo-leerlingen naar het mbo afnam naar 13,6 procent (-2,5 procent). Vanuit het vwo stroomde in 2015-2016 0,5 procent door naar het mbo (-0,2 procent)

Lees meer…

Notitie over verantwoording samenwerkingsverbanden

Op initiatief van het ministerie van OCW is een notitie tot stand gekomen over verantwoording als onderdeel van goed financieel management door en binnen samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs.

De notitie bevat drie uitgangspunten:

  1. Het samenwerkingsverband legt verantwoording af over alle middelen die het tot zijn beschikking heeft in relatie tot beoogde doelen en bereikte resultaten.
  2. Schoolbesturen zijn zich bewust van de verschillende rollen die zij binnen het
    samenwerkingsverband hebben en handhaven hun rolzuiverheid.
  3. Iedereen die middelen besteedt legt verantwoording af; hierbij wordt rekening
    gehouden met regionale verschillen.

Download notitie

 

 

Magazine Naar School! over de inclusieve school

Het februarinummer van het VOS/ABB-magazine Naar School! gaat onder andere over Het Anker in Wijk bij Duurstede. Deze brede school wil elke leerling passend onderwijs bieden: de inclusieve school.

De school heeft vier units, voor de groepen 1-2, 3-4, 5-6 en 7-8. Elke unit bestaat uit een centraal leerplein, met daaromheen lokalen voor reguliere én sbo-groepen. Dankzij de verbrede toelating zitten in die sbo-groepen ook leerlingen met een cluster 4-indicatie. De meeste leerlingen werken het grootste deel van de tijd in hun eigen basisgroep, maar er vindt meer en meer uitwisseling plaats.

Algemene Verordening Gegevensbescherming AVG

In het nieuwe nummer van Naar School! is ook aandacht voor het VOS/ABB-ledenaanbod op het gebied van de Algemene Verordening Gegevensbescherming, die per 25 mei de Wet bescherming persoonsgegevens vervangt. Het aanbod is ontwikkeld in samenwerking met Wille Donker advocaten.

Iris Hoen van Wille Donker advocaten legt in het magazine uit dat de AVG een grote verandering met zich meebrengt. ‘Er worden nieuwe en zwaardere eisen gesteld aan de verwerking van persoonsgegevens. Uitgangspunt is dat organisaties die persoonsgegevens verwerken, moeten kunnen aantonen dat ze de AVG naleven. Dat betekent dat scholen nu aan de bak moeten!’, aldus Hoen.

Goedemorgen! voor een goed gesprek

Een ander ledenaanbod van VOS/ABB dat in het magazine aan bod komt, is de website Goedemorgen!. Het openbare Gilde College in Hengelo werkt met dit aanbod en is er heel tevreden over. Op Goedemorgen! staan filmpjes, opdrachten en teksten, speciaal gemaakt om de brede actualiteit in de klas te bespreken. De onderwerpen passen bij burgerschap en sociaalemotionele ontwikkeling in het voortgezet onderwijs.

De meerwaarde van digitale leermiddelen, tablets of laptops in de klas, komt ook aan bod in een artikel over docent Robert Mol van het openbare Dalton Lyceum in Barendrecht. Deze docent Engels zet digitale technologie zo creatief in dat hij als e-coach workshops geeft om (aankomende) collega’s te inspireren. ‘De tablet
biedt ongekend veel mogelijkheden om effectiever én efficiënter les te geven.’

Op de cover van het februarinummer staat de brugklassers (en tweeling) Axel en Ninouk. Zij vertellen in het blad dat zij de lessen van Robert Mol erg leuk vinden. ‘Dan gebruiken we vaak de iPad, net als bij Frans en aardrijkskunde’, aldus Axel. Ninouk vertelt dat  ze thuis op de iPad spelletjes doen die Mol op zijn website zet.

Andere onderwerpen

In het blad staan ook weer de vaste rubrieken over ledenvoordeel bij VOS/ABB, excursies en boekentips en advies van de Onderwijsjuristen van VOS/ABB alsmede de vraag-en-antwoordpagina’s van onze juristen en die van Ouder & Onderwijs.

Magazine Naar School!

Magazine Naar School! verschijnt vijf keer per jaar in een oplage van 3500 exemplaren. Leden van VOS/ABB krijgen het magazine gratis toegestuurd. Dit geldt voor bij VOS/ABB aangesloten besturen én hun scholen.

Bovenschoolse directies kunnen op aanvraag ook één gratis abonnement nemen. U kunt daarvoor een mailtje sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Abonnement Naar School!‘. Vermeld in uw mail uw naam of de naam van uw organisatie en het adres waarop u het magazine wilt ontvangen.

Niet-leden kunnen een abonnement op Naar School! nemen voor 29,50 euro per jaar. Ook hiervoor geldt dat u een mailtje kunt sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Abonnement Naar School!‘. Vermeld in uw mail uw naam of de naam van uw organisatie en het adres waarop u het magazine wilt ontvangen.

Hebt u ideeën voor magazine Naar School!? Mail Martin van den Bogaerdt van VOS/ABB: mvandenbogaerdt@vosabb.nl

Adverteerders kunnen contact opnemen met bureau Recent.

Stand van zaken passend onderwijs

Beleidsmedewerker Rozemarijn Boer van VOS/ABB heeft een samenvatting gemaakt van de brief van onderwijsminister Arie Slob over de stand van zaken rondom moties en toezeggingen met betrekking tot onder andere passend onderwijs.

Leerlingenaantallen

In het speciaal basisonderwijs (sbo) en speciaal onderwijs (so) is sprake van een lichte stijging van het aantal leerlingen (100 respectievelijk 700). De stijging van het aantal leerlingen in het so doet zich vooral voor in cluster 2 (auditieve/communicatieve beperking). Hierbij valt op dat zowel in het sbo als het so het aantal leerlingen tot en met 7 jaar toe neemt. Het aantal leerlingen in het praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs is afgenomen.

Bekostiging zorg in onderwijstijd

Komend jaar zal de minister Slob samen met de minister van VWS gaan kijken naar oplossingsrichtingen om zorg in onderwijstijd eenvoudiger te organiseren. Voor wie nu ondersteuning behoeft, organiseert het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) op verzoek regiobijeenkomsten.

Onderzoek regionale verschillen in basisondersteuning

Het Nederlands Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) heeft opdracht gekregen onderzoek te doen naar mogelijke knelpunten en voor- en nadelen van het landelijk vastleggen van de basisondersteuning. De resultaten komen in de volgende voortgangsrapportage passend onderwijs. Het onderzoek naar de regionale verschillen in basisondersteuning wordt in 2018 gestart en in 2019 zijn de resultaten bekend.

Verantwoording samenwerkingsverbanden

Er is een richtlijn ontwikkeld voor samenwerkingsverbanden en schoolbesturen over de verantwoording op de verschillende niveaus binnen het samenwerkingsverband. Deze richtlijn moet ervoor zorgen dat de verantwoording over de inzet van het geld voor passend onderwijs transparanter wordt. Het is nog niet bekend wanneer deze richtlijn wordt gepubliceerd. Daarnaast zullen wijzigingen voor het rapporteren van de jaarrekening voor de verantwoording over het jaar 2017 worden meegenomen in de elektronische tool.

Experimenteerruimte invlechting

Vanaf 1 augustus 2018 kunnen scholen deelnemen aan het Experiment samenwerking regulier en speciaal onderwijs. Dit experiment regelt dat so- en (s)bo-scholen of vso- en vo-scholen die geïntegreerd onderwijs willen vormgeven, vier jaar als één school kunnen functioneren zonder dat een brinnummer wordt opgeheven. Scholen kunnen tot 1 mei 2018 een aanvraag indienen bij OCW om te starten met een experiment. Begin maart wordt een voorlichtingsbijeenkomst georganiseerd.

Onafhankelijk toezicht samenwerkingsverbanden

Minister Slob gaat met de sectorraden PO-Raad en VO-raad verkennen wat de mogelijkheden zijn om onafhankelijk toezicht bij de samenwerkingsverbanden vorm te geven. De oplossingen die in de onlangs verschenen rapportages van het Evaluatieprogramma Passend onderwijs zijn gepresenteerd, worden hierbij meegenomen. In deze rapporten wordt het belang benadrukt om de rollen van schoolbestuurder en bovenbestuurlijke bestuurder te verduidelijken.

Maatwerk bij ondersteuningsbehoefte

Met de recent aangenomen Variawet wordt het in het regulier onderwijs mogelijk om vermindering van onderwijstijd aan te vragen voor een leerling. De intentie hierbij is dat leerlingen toegroeien naar (bijna) voltijdsonderwijs. Voor kinderen met een vrijstelling van inschrijving is deeltijdonderwijs nog geen mogelijkheid. Dit vraagstuk wordt tevens betrokken bij het onderzoek naar de combinatie van onderwijs en zorg.

Opting out lwoo

Uit het tweede voortgangsonderzoek naar opting out blijkt dat samenwerkingsverbanden die geen licenties voor leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) meer afgeven, minder testdruk ervaren. Ook blijkt dat leerlingen beter zijn verspreid over de scholen en dat ‘thuisnabij’ onderwijs beter mogelijk is. Aandachtspunten hierbij zijn: overdacht van primair naar voortgezet onderwijs en het bereiken van overeenstemming over de verdeling van het geld.

Regeling culturele minderheden (cumi)

Er is onderzoek gedaan naar nieuwe mogelijkheden voor de aanvullende achterstandsbekostiging in het sbo en (v)so. De minister wacht eerst de uitkomsten van dit onderzoek af. Tot die tijd blijft de huidige cumi-regeling ongewijzigd.

Evaluatie geschillencommissies

De instellingstermijn van de geschillencommissies passend onderwijs wordt verlengd. Uit recent onderzoek van Regioplan blijkt dat deze commissies een belangrijke rol spelen bij geschillenbeslechting. Het aantal geschillen is de afgelopen jaren toegenomen, met name de geschillen over het verwijderen van leerlingen.

Informatie: Rozemarijn Boer, 06-20010418, rboer@vosabb.nl

Inrichtingsvrijheid swv’s kent voor- en nadelen

De inrichtingsvrijheid van de samenwerkingsverbanden (swv’s) voor passend onderwijs heeft voor- en nadelen. Dat staat in het rapport Juridisch perspectief op de governance van samenwerkingsverbanden.

Een voordeel is van de inrichtingsvrijheid dat er ‘bestuurlijk maatwerk’ is ontstaan, wat in lijn is met ‘de wettelijke ruimte voor verschillende rechtsvormen en bestuursmodellen van samenwerkingsverbanden’, zo staat in het rapport.

In dit kader wordt opgemerkt dat in de wettelijke systematiek de autonomie van de schoolbesturen het uitgangspunt is geweest en dat swv’s nu binnen de wettelijke kaders zelf kunnen bepalen welke taken zij op zich nemen en welke niet.

Een nadeel dat aan de veelvormigheid van de swv’s en de sterke positie van de autonome schoolbesturen kleeft is dat het toezicht lastig kan zijn, terwijl deugdelijke governance van groot belang is voor het goed functioneren van de swv’s.

Lees meer…

OCW relativeert conclusies Trouw over passend onderwijs

De groei in het speciaal onderwijs ‘bestaat vooral uit leerlingen tot en met zeven jaar, met name dove, slechthorende kinderen en leerlingen met een taalontwikkelingsstoornis, die niet onder het stelsel passend onderwijs vallen’. Daarmee reageert een woordvoerder van het ministerie van OCW op een bericht in Trouw.

De krant meldt op basis van cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) dat het aantal leerlingen in het speciaal basisonderwijs vorig jaar met 100 is gestegen, terwijl het totale aantal leerlingen met 13.000 afnam.

‘Dat is opvallend’, aldus Trouw, ‘omdat het juist de bedoeling is dat kinderen met en zonder beperking zoveel mogelijk samen naar school gaan’. De krant voegt daaraan toe dat vier jaar na de invoering van de Wet passend onderwijs blijkt dat ‘kinderen met een beperking nog altijd grotendeels naar een aparte school (…) gaan’.

Groei in cluster 2

Het ministerie van OCW benadrukt in de krant dat er weliswaar groei is, maar niet zozeer in het speciaal basisonderwijs. De groei van het aantal leerlingen doet zich volgens OCW vooral voor in cluster 2 van het speciaal onderwijs, dat zich richt op leerlingen met een visuele, auditieve of communicatieve beperking.

Cluster 2 maakt geen deel uit van de regionale samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. Het kent een landelijke toelatingssystematiek.

Lees meer…

Download Leerlingenaantallen in speciaal onderwijs

Slob tegen maximale reserve samenwerkingsverbanden

Onderwijsminister Arie Slob voelt er niets voor om voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs een maximum in te stellen voor de reserves die zij mogen aanhouden. Dat onderbouwt hij in antwoorden op Kamervragen van GroenLinks.

Kamerlid Lisa Westerveld wilde van Slob weten wat hij ervan vindt ‘dat de 152 samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs in het basis- en voortgezet in 2016 samen bijna vijftig miljoen euro aan hun reserves hebben toegevoegd’. Ook vroeg zij aan de minister hoe hoog volgens hem de ‘maximale risicobuffer voor samenwerkingsverbanden’ zou moeten zijn.

Slob antwoordt dat hij van samenwerkingsverbanden verwacht ‘dat zij een risico-inschatting maken en op basis daarvan sturen op de aan te houden reserve’. Daarbij staat volgens hem voorop ‘dat het geld goed besteed moet worden aan de ondersteuning van leerlingen’. Sparen mag geen doel op zich zijn, benadrukt hij.

Wat betreft de door Westerveld gewenste maximaal aan te houden reserves, merkt Slob op dat de samenwerkingsverbanden allemaal van elkaar verschillen. ‘Zo mag verwacht worden dat een samenwerkingsverband dat eigen personeel in dienst heeft, een hogere reserve aanhoudt dan een samenwerkingsverband dat dat niet heeft’, aldus de minister. Hij acht het daarom onwenselijk een maximale reserve in te stellen.

Lees meer…

Wijzigingen verantwoording samenwerkingsverbanden

Samenwerkingsverbanden (swv’s) voor passend onderwijs krijgen te maken met wijzigingen in hun verantwoording.

Het ministerie van OCW heeft hierover een brief gestuurd, waarin drie punten centraal staan:

  1. Aanpassingen in de jaarrekening en de taxonomie en XBRL;
  2. Notitie ‘Uitgangspunten en monitoring verantwoording door en binnen samenwerkingsverbanden passend onderwijs’;
  3. Aanpassing continuïteitsparagraaf.

In de brief wordt hier uitgebreid op ingegaan.

Download de brief

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Leerlingenvervoer niet in ontwikkelingsperspectief

De verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer ligt bij de gemeenten en niet bij de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. Daarom kan het leerlingenvervoer niet worden opgenomen in ontwikkelingsperspectief voor leerlingen die extra ondersteuning op school nodig hebben. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Slob reageert met zijn brief op het voorstel van het netwerk Ieder(in) voor mensen met een beperking of chronische ziekte om het leerlingenvervoer op te nemen in het ontwikkelingsperspectief. Ieder(in) trok dit najaar aan de bel, omdat veel ouders bij de start van het nieuwe schooljaar klaagden over problemen met het leerlingenvervoer.

De minister wijst er in zijn brief op dat de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in de modelverordening leerlingenvervoer heeft opgenomen dat de gemeente bij de beoordeling van de aanvraag van een vervoersvoorziening het ondersteuningsplan van het samenwerkingsverband zou moeten betrekken. Maar dat betekent volgens hem niet dat het in het ontwikkelingsperspectief thuishoort.

Hij wijst er verder op dat het de taak van de gemeenteraden is om te controleren of de kwaliteit van het leerlingenvervoer voldoende is en dat hij geen basis ziet om de inspraak van ouders bij leerlingenvervoer wettelijk vast te leggen.

Lees meer…

Slob stelt dat ‘eliteschool’ zorgplicht nakomt

Onderwijsminister Arie Slob heeft geen reden te veronderstellen dat de Rotterdamse Schoolvereniging de wettelijke zorgplicht niet nakomt. Dat is zijn reactie op Kamervragen van de PvdA die volgden op een uitzending van het tv-programma De Monitor over passend onderwijs.

De algemeen bijzondere Rotterdamse Schoolvereniging zou volgens De Monitor, die spreekt van een ‘eliteschool’, zorgleerlingen weren en daarmee de wettelijke zorgplicht niet nakomen.

Volgens Slob is dat beeld onjuist: ‘Er zitten leerlingen met een zorgvraag en arrangement op deze school passend bij het niveau van basisondersteuning dat door het samenwerkingsverband is vastgesteld en het zorgprofiel van de school.’

Proeflessen en zorgplicht

PvdA-Kamerlid Kirsten van den Hul wilde van de minister ook weten hoe die denkt over proeflessen om te beoordelen of een leerling kan worden toegelaten. Slob zegt dat een proefles mag, mits de school daar transparant over is en er consequent beleid op voert. Hij voegt daaraan toe dat een proefles geen reden mag zijn om een leerling te weigeren als de school benodigde zorg kan bieden.

Lees meer…